Tag Archives: Grote Beer

kater Bolle over: losse en vaste haren

losse en vaste haren

Ik heb als kat overal haar. Op mijn lijf, op mijn hoofd, op mijn staart.  Net als de meeste katten, behalve naaktkatten dan.

In mijn buik

Ik heb veel haar en dik haar en ook best lang haar.  Veel van dat haar zit vast op mijn lijf, maar er zijn ook losse haren. Vaak ben ik verbaasd dat ik nog vaste haren heb, als ik zie hoeveel haren er van me afvallen.
Mijn mensen zeggen weleens dat ze een tweepersoonsdekbed zouden kunnen vullen van al het haar van Pop, Beer, Molletje vroeger, en het haar dat nu van mij afkomt.
Die losse haren in mijn vacht lik ik op, als ik mezelf was.
En dan komt het in mijn buik terecht.

Twee kanten

Kijk, en daar begint het probleem. Want dat haar in mijn buik moet er ook weer uit. Dat kan aan twee kanten.
Ik zeg niet wélke twee kanten dat zijn, want ik vind dat mijn verhaal netjes moet blijven.

Gloeken

Meestal spuug ik dat haar gewoon uit. Het liefst op Stip, mijn rode kleedje. Dat vind ik het prettigst.
Maar soms zit het haar me dwars, in mijn buik of in mijn keel. Dan loop ik een en tijdje te gloeken, zo noemen wij dat. Dan hoor je gloek, gloek, gloek in mijn keel. Maar er komt niks.  Na een tijdje te hebben gegloekt moet ik dan toch spugen. En dan komt mijn haar dus weer naar buiten.

Ballen

Om goed te kunnen spugen eet ik gras. Kattengras uit een potje of gras uit mijn tuin.
En ik heb brokjes tegen die haarballen. Zo heet dat, als je haar weer terug komt door je mond. Die brokken zijn van Royaal Konijn. Gek hè, want het is voor katten.

GroteBeer

GroteBeer, die hier voor mij woonde, had ook erg veel last van haarballen. Toen hij hier net woonde, moest hij wel vier keer per nacht spugen. Elke nacht. Dan kwamen er gewoon stukken vilt uit, vertelde mijn vrouw me.
Dat is natuurlijk helemaal niet fijn. Daarom kreeg Beer ook die brokken tegen haarballen. En hij kreeg oleifolie. Dat is eigenlijk voor mensen, maar het is ook goed voor katten. Een heel klein beetje dan, natuurlijk. Niet een hele fles! Beer likte het altijd van een klein lepeltje. Hij vond dat lekker. Maar dat is ook logies, want hij kwam uit een Italiaans restaurant. Dus hij kende oleifolie.
Hij kreeg er een mooie vacht van, en minder haarballen.

Gras en brokken

Ik wil geen oleifolie aan mijn lijf. En ook geen kokosolie. Of visolie. Jakkie, dat is allemaal vies. Er is een soort pasta uit een tube, speciaal voor je haren. En er zijn snoepjes, tegen problemen met haar in je buik. Maar ik lust dat allemaal niet. Dus ik moet het doen met mijn gras en mijn brokken.

Kammen

O ja, en ik word soms geborsteld. Dan komt er ook haar van me af. Hele plukken.
In de lente gooien mijn mensen die plukken in de tuin. Dan kunnen vogels daar een nestje van maken. Leuk hè, zo wordt mijn haar een soort matrasje voor beebievogels!
De dierendokter vertelde dat het eigenlijk niet nodig is om mij te kammen. Hij zei dat kammen alleen nodig is bij katten met heel lang haar of katten die ziek zijn, of een beetje oud of gehendikept.
Maar toevallig bén ik een beetje gehendikept, met mijn kromgegroeide benen, dus af en toe kammen mijn mensen me lekker toch.

Kokosmat

GroteBeer wilde absoluut niet gekamd worden. En als Beer iets niet wilde, dan kon je het wel vergeten. Dus werd hij nooit gekamd. Maar toen hij oud werd, kon hij zich niet meer overal wassen. Na een tijdje kreeg hij daarom allemaal klitten, vooral op zijn rug. Hij leek wel een wandelende kokosmat, zei mijn vrouw.
Toen zijn mijn mensen met Beer naar een kat-ten-trim-ster geweest.
Die heeft Beer helemaal gekamd en geborsteld en hij zag er weer als nieuw uit. Het kammen duurde wel een uur, en op het laatst ging Beer zelfs spinnen en kopjes geven!
Hij was supertrots op zijn nieuwe haren, en ging meteen de tuin in om dat aan iedereen te laten zien. En om goed in de aarde te rollen.

Kriebel

Kort gezegd: meestal weten wij katten zelf het beste wat we willen met ons haar.
Maar als je als kat héél erg verhaart is dat vervelend. Dat losse haar kriebelt. Dus dat is een probleem.
Dan is het handig als mensen je een beetje helpen.

Stofzuigen

Een mens kan helpen door je te borstelen, of door een vochtig doekje over je vacht heen te halen, of door je te stofzuigen. Eerlijk waar, sommige katten vinden dat lekker! Ik niet, dat snap je vast wel.
Maar het beste wat mensen kunnen doen is dat ze je steeds flink aaien, terwijl je tegen ze aan ligt. Of dat je goed stevig langs hun benen mag wrijven met je hele lijf. Dat doe ik ook altijd bij mijn mensen. Dan blijft al dat losse haar aan hun kleren vast kleven.
En kijk: het probleem is opgelost. Slim hè?!