Niet spelen met de rode punt

    Dit is een rode punt van dat spelletje. Ik speel het nooit.  En ik vind eigenlijk dat niemand anders dat zou moeten spelen.

 

Eerst waarom ik het nooit speel.  Thuis is er geen lege muur. Daarom niet. Maar nog meer daarom niet dat is omdat ik een gevoelige kater ben en ik heb in mijn leven al genoeg stress gehad. Ontspanning is veel fijner.

 

Vangen

Als je speelt dan wil je winnen, voor alle katers en poezen is dat zo. Dus je moet kunnen winnen. Hoe gaat dat:

  • er vliegt een lintje in de lucht en bam! je zet je poot op dat lintje en het ligt stil dus dan heb je gewonnen
  • je vrouw gooit een propje papier naar je en je vangt het, dan ben je sneller dan het propje dus je bent de winnaar
  • de muis zit helemaal vast tussen je voorpoten en die gaat pas ergens heen als jij loslaat nou dan weet iedereen wie er wint

Nou snapt u wat winnen is. Je doet iets en dan heb je iets dat je kunt voelen, als je wint doe je dat met je lichaam.

Stip

Als ik aan een rode stip op de muur denkt dan voel ik me al zenuwachtig worden. Die stip kan ik niet met mijn voorpoten pakken. Het is lucht en licht en ik weet niet wat het is, maar ervan winnen doe ik nooit. En omdat het beweegt zal ik er dan toch iets mee willen, dat is het stukje oer in mij. Dan ben ik de hele tijd bezig en waarvoor? Voor niks.

Volgens mij kan geen enkele kat ertegen als je speelt en je kunt geeneens winnen. Dus ik zeg doe dat niet met die rode stip.

Er is genoeg ander speelgoed voor katten, en zeker weten dat u het in huis heeft. Een propje papier kan keileuk zijn, dat vind ik tenminste.

Als je opeens moet rennen

rennen Rennen moet af en toe.  Zeker als je een wat oudere kater bent zoals ik. Dat snap ik met mijn kop maar mijn lichaam ligt altijd het liefste op de bank. Snacks in zicht. Knuffels.

Ik hou van het betere leven en van thuis krijg ik daarvoor ook steun. Ze zegt dat ik na mijn moeilijke tijd als zwerfkater nou voor altijd mag ontspannen.

Oer

Soms gebeurt het dat ik me oer voel. Wanneer het komt, weet ik nooit. Ook niet wanneer het stopt. En eigenlijk weet ik ook helemaal niet wat het is waardoor ik opeens van de bank kom en ga rennen, want dat is wat ik dan doe. Waarom ben ik oer als ik een superleven als huiskater heb met superduper veel ontspanning?

Rennen

Gisteren had ik het weer. Dat gevoel.  Ik werd oer en moest rennen, door het hele huis, heen en weer de trappen op en dan omkeren en terug en dan opeens stilstaan en dan opeens verder rennen. Het moest, van binnen. Dus ik rennen en rennen en toen opeens was het klaar. Het gevoel van oer was verdwenen.

Moe

Toen voelde ik pas dat ik moe was. Ja als je de hele tijd op de bank ligt dan heb je ook nul conditie dat snap ik. Maar ik ga nooit uit mezelf rennen, alleen doe ik een beetje gym en Pilatus. Dat is rekken en strekken. Elke keer als ik geslapen heb doe ik dat, en mijn vrouw heeft het van mij geleerd. Gymmen is met een lintje of een muis of een propje papier of een veter of iets dat ik dan net leuk vind. Weet ik ook niet altijd van mezelf.

Nacht

Ja, dat was ik bijna vergeten te zeggen. Soms ben ik ’s nachts ook oer. Dan ren ik maar korter want het klinkt dan keihard en eerlijk waar, dat vind ik een beetje moeilijk. Dus zogauw het kan ga ik op bed liggen om te slapen. Dan is het stil en gewoon. Ideaal.

Rubble is de oudste kat van Engeland

oudste kat  De oudste kat van Engeland heet Rubble. Hij is vermoedelijk dertig jaar oud en hij geniet van een uitstekende gezondheid, op een paar dingetjes na. Rubble is zowat zijn hele leven lang bij dezelfde vrouw. Lekker thuis, dat is gewoon fijn.

Kitten

Op een dag kwam er een klein roodwit kitten bij een vrouw wonen. Michelle was toen bijna twintig jaar oud. Ze noemde het kitten: Rubble. De kleine kater groeide snel en bleef maar groeien, waarschijnlijk dankzij een beetje Maine Coon bloed in zijn aderen.

Thuis

Behalve een vrouw, heeft Rubble thuis nog ander gezelschap: er zijn zes andere katten. Iedereen begrijpt wie er de baas is, en dat is deze supersenior natuurlijk. Rubble is oud, vriendelijk en een grote knuffelkater. Vanwege zijn leeftijd krijgt hij regelmatig een senioren-onderzoek.

Schildklier

Toen hij 25 jaar was, had hij een dipje in de gezondheid. In de kliniek had hij extra zorg nodig voor zijn tanden. Bovendien moest zijn schildklier eruit. Op zich typische problemen voor de ouder wordende kat, maar als je al 25 jaar bent is het best een risico. Rubble veerde terug en herstelde uitstekend. Al snel na de operatie tikte hij met zijn poot op zijn etensbakje: “Tijd voor een maaltijd!”

Een jaartje later kreeg hij een uitgebreide senioren-check. De uitslag? Een kerngezonde kater op een probleem met zijn bloeddruk na.

Leven

Rubble heeft het uitstekend naar zijn zin met spelen en veel kattendutjes. Altijd lekker eten, andere katten om mee te spelen en een vrouw die zielsveel van hem houdt. Dat is het betere leven voor een kat, en het is precies wat de betekenis is van een ‘gouden mandje’.

Wanneer je als kat en vrouw gaat samenleven, weet je nooit hoeveel tijd je samen zult hebben. Dertig jaar, drie maanden, het kan enorm uiteen liggen. Waar het om gaat, is dat je de tijd echt samen bent.

(bron: Lovemeow.com)

Hoe kater Barney zijn thuis vond

  Hoe kater Barney zijn thuis vond is een supermooi verhaal. Ook al is je leven moeilijk, het kan weer helemaal goed worden.

Dit is waar gebeurd in Canada, maar het had overal kunnen gebeuren.

 

Zwerfkat

Kater Barney was een zwerfkat van ongeveer zes jaar. De mensen kenden hem als die ene grote kater in de buurt. Ze gaven hem te eten en dat was op zich goed, maar het was tegelijkertijd niet genoeg. Als zwerfkat heb je onderdak nodig, ofwel een thuis bij mensen en als dat niet gaat omdat je te verwilderd bent, een huisje in een veilige hoek van een straat of tuin. Dat is ook in Nederland belangrijk en daar zetten organisaties zich gelukkig ook voor in.

Terug naar Barney.

Asiel

Op een dag verzeilde Barney in het asiel. Het leven op straat was veel te moeilijk geworden. Barney was ziek en daardoor ook bang voor mensen.  In het asiel en daarna bij zijn pleeggezin kreeg hij medicijnen, verpleging, heel veel liefde en geduld.  Omdat hij al snel goed reageerde op contact met mensen, begrepen ze dat Barney heel vroeger een thuis moet hebben gehad. Hij snapte wat wonen met mensen betekende. Katten die op straat geboren en getogen zijn, snappen dat niet of nauwelijks.

Toen kwam een nog beter moment.

Thuis

Na zo’n zes maanden in het pleeggezin te hebben gewoond, vond Barney zijn eigen thuis, waar hij voor altijd mocht blijven. De mensen accepteerden hem zoals hij was: toch een beetje op zijn hoede, een oor waar door nachtvorsten een stuk uit was en bleef, wat problemen met zijn oog. Het leven als zwerfkat laat bij elke kat sporen na. Die blijven. Maar voor Barney’s mensen maakte dat niets uit. Ze hielden gewoon van hem.

En zo veranderde Barney de zwerfkater en asielkater in een gelukkige knuffelkater, die nu veilig en geliefd is.

We zijn het eens over de brokjesbal

We zijn het eens over de brokjesbal. Dat heeft best lang geduurd want ik woon hier nou drie jaar en tien dagen en die brokjesbal kreeg ik al heel snel.

Wat was het probleem? Zij wilde dat ik de brokjes eruit haalde. Ik wilde dat zij het deed.  Dan heb je gedoe in huis, hoor.

Ochtend

Het is pas sinds kort dat we het eens zijn geworden. Nou doen we het zo, dat ’s morgens na het opstaan zij de brokjes eruit schudt. We hangen dan samen op het tapijt. Ik eet een brokje of wat. Zij wijst aan: daar ligt nog. Weet ik natuurlijk maar wijzen is voor de gezelligheid. Ik kraak dat brokje weg. Daarna komt de ochtendknuffel dus dan gaan we bankhangen. Thuis beginnen we altijd heel voorzichtig aan een nieuwe dag.

Sneller

Voordat we gaan avondeten, wil ik ook een brokje uit de bal. Dat moet ik zelf doen. En als ik ’s nachts trek heb, moet ik het ook zelf doen. Geen klap aan, eerlijk waar niet. Zij kan het veel sneller. Maar ja dat is nou eenmaal de oplossing, dat zij het ’s morgens doet en ik de rest van de dag.

Want zij wilde dat ik beweging had en ik wilde meer lekkere brokjes. Die zitten in de bal. Het zijn brokjes voor katten die heel veel moeite met eten hebben. Dus het ruikt superlekker, het smaakt heerlijk en het kraakt ideaal en de maat is precies goed, kan niet beter. Het is spul van Royal Canin. Ik kan zo een hele zak op maar dat krijg ik nooit.

Thuis

Dus zo is het met de brokjesbal. Ik heb er geloof ik vrede mee gesloten dat ik het soms zelf moet doen. Maar ik probeer het wel. Dan til ik een voorpoot in de lucht en ik kijk haar aan. En dan miauw ik zonder geluid. Dat werkt best vaak, je snapt als kater niet dat ze erin tuint. Maar uitleggen doe ik het niet.