Binnenkater en de kou buiten

binnenkater Veel mensen denken nou die Bertje is een binnenkater, die voelt de kou niet. Dus ik dacht daar ga ik over vertellen deze keer.

Iedereen voelt dat het nou anders is dan in de zomer. Maakt niet uit of je binnenkater bent of een wilde tijger in de jungle. Je hebt oer in je en dan voel je zulke dingen. En ik dus ook.

Achterwerk

Mijn Facebookvriend Bram  vroeg deze week een paar keer aan mij hoe ik een warm achterwerk hield. Eerst snapte ik het niet. Dat gaat toch vanzelf. Maar toen het toch kouder werd, begreep ik het wel. Bram is daar gevoeliger dan ik dus hij wist het eerder. Of waar hij woont is het kouder, dat kan ook. Bram gaat ook een tuin in, scheelt ook al.

Dus wat ik doe voor een warm achterwerk is:

  • mij laten aaien, dat is ook gezellig
  • half onder een dekentje liggen, alleen een beetje, helemaal is te moeilijk voor me
  • uit de vensterbank blijven, daar voel ik dat het geen zomer is

Dat zijn belangrijke tips hoor. Ik zeg het er maar even bij.

Helpen

Toen ik vroeger op straat moest leven, was de kou veel moeilijk dan nu. Dan heb je hulp nodig. Dus als u denkt ik wil helpen, dan kunt u misschien wat geld geven aan een dierenasiel. Ik kom zelf uit het Dierenhospitaal in Den Haag, die hebben me van de straat gehaald. Anders had ik nooit dit huis gevonden en was ik nooit een binnenjongen geworden.

Pootjes

Oja, het is ook belangrijk dat je pootjes warm blijven. Ook voor mensen. Dus je moet geen gekke dingen doen buiten en het is beter om binnen te blijven. Vind ik eigenlijk altijd wel. Ik hou mijn pootjes warm door veel rekken en strekken, en door slapen onder de deken en ook door wassen. Ik hoop dat het snel weer zomer is.

buidelrat  Vooraan: een verbaasde kat in een mandje. Achteraan: een gelukkige buidelrat in een mandje. Tete wilde graag een kat zijn, net als de andere dieren in het huis. En dat is gelukt of nou ja… bijna.

Dit is een merkwaardig echt-gebeurd verhaal uit Kansas, de Amerikaanse staat waar The wizzard of Ozz speelde.  U weet vast nog, die rode schoenen van Judy Garland. Nu is er iets wonderlijks in Kansas.

Opvang

Al een heel poosje gaf een oudere dame in Kansas onderdak en eten aan zwerfkatten. Iedere kat mocht bij haar komen eten en logeren, en ze kregen er net zoveel knuffels als ze wilden. Oma’s huis en hart waren even groot en er was ruimte voor iedereen. Ze had dus best veel aanloop. Zulke huizen zijn populair.

Anders

Op een dag kreeg oma bezoek van een kleinzoon. Hij vond dat een van de katten er een beetje vreemd uitzag. Anders dan de andere katten.  Zo anders, dat hij wist dat dit dier eigenlijk geen kat kon zijn, ook al lag het in een hoekje in een kattenmandje, tussen de andere katten gezellig te slapen.

Het dier leek op een oppossum, een buidelrat. Oma ontkende het.  Iedere kat zag er nu eenmaal anders uit en Tete – zoals hij inmiddels heette – woonde er al een paar maanden en hij was gewoon een van haar katten.

Buidelrat

In het Nederlands klinkt het woord ‘buidelrat’ niet gunstig. Dat is jammer. Buidelratten zijn mooie en bijzondere dieren. In Amerika en Canada zijn er wel honderd verschillende soorten die vermoedelijk allemaal afstammen van de marsipulami, die in Noord-Amerika leeft.  In tegenstelling tot de naam, hebben ze geen buidel zoals de kangoeroe, wel twee buikplooien.

In Amerika zijn de oppossums dus veel gewoner dan bij ons.

Blijvertje

Hoe lief een oppossum ook is, een zwerfkat is het niet, en dus was Tete eigenlijk niet op zijn plaats bij de katten-oma. Maar hij mocht toch blijven. Tete was vriendelijk al hield hij niet zo van knuffelen als de andere katten en hij hoorde er inmiddels gewoon bij.  Het huis en het hart van Oma hadden ook voor hem een plekje.

(bron: Lovemeow.com)

Ik moet naar de dierenarts en ik wil niet

dierenartsDe dierenarts had post aan mij gestuurd, zei mijn vrouw. Er stond dat ik een prik moest. Dat wil ik helemaal niet.

Er stond ook dat ik elk jaar moet. Wegens mijn gezondheid. Op Facebook zeiden heel veel van mijn vrienden dat ze ook een prik krijgen. Dus ik was de enige niet.

Bezoek

Ik weet nog een beetje van de vorige keer.  Toen kwam er een vrouw die ik helemaal niet kende bij mij thuis. En ze keek in mijn bek om mijn tanden te zien, dat was best intiem. Ze friemelde aan me en opeens voelde ik een prik. Ik schrok er heel erg van. Gelukkig had ze veel snoep meegenomen, daar mocht ik toen extra veel van eten zei ze.
Dat heb ik dus ook gedaan.

Taxi

Ja, de dokter komt bij mij thuis. Dat is vanwege mijn achtergrond, dat ik onzeker ben en gevoelig en dat ik dus angstklachten kan krijgen. Daarom hoef ik niet in een reiskorfje heen en terug in een taxi.

Ik weet wat een taxi is. Toen ik hier kwam, gingen we met een taxi van het asiel naar hier. In de taxi heb ik eerst keihard zitten miauwen tot ik er moe van was. Daarna ging ik liggen en afwachten maar ik was best zenuwachtig. Want ik wist niet waar de taxi heen ging en hoe ik het zou vinden.

Boekje

Ik heb een boekje dat speciaal over mij gaat, dat is van de dierenarts. Het ligt nou op de werktafel van mijn vrouw. Net als de vorige keer.

Op Facebook zeiden mijn vrienden dat het prikken is dat je niet ziek wordt. Dus dan kan alles blijven zoals het nou is en dat is gewoon en gezellig en met knuffels en snacks.

Dus ik ga het maar proberen.  Maar het is best moeilijk voor mij dat is gewoon zo.

Het Kattenkabinet in Amsterdam

Kattenkabinet Amsterdam   Het Kattenkabinet in Amsterdam is een attractie voor iedereen die van katten houdt. En van kunst.  En van katten in de kunst. Het mooie is: je kunt het museum ook online bezoeken.

Klik en kijk: Kattenkabinet virtuele rondleiding 

Ontstaan

Het verhaal over het ontstaan van dit bijzondere museum moet iedereen raken die een hart bezit.  Zakdoek klaar? In 1883 ging de rode kater J.P. Morgan over de regenboogbrug. Zijn man Bob Meijer was bijna ontroostbaar. Als een soort rouwtherapie ging hij van alles verzamelen dat met katten te maken had. Dat lukte zo goed, dat de verzameling een museum werd. Het staat op stand, namelijk aan de Herengracht 497. Vijf indrukwekkende stijlkamers vol kunst, ter ere van een rode kater. J.P. Morgan kun je leren kennen in zijn eigen stijlkamer.

Winkel

Voor degenen die graag winkelen, is er de webshop. Er zijn posters, ansichten, t-shirts, boeken en een leuke collectie diversen, waar je voor 50 eurocent een J.P. dollarbiljet kunt kopen.  Mooi om hem ook hier tegen te komen.

Poezenboot

Het Kattenkabinet heeft dus geen levende katten om mee te knuffelen, dit voor de duidelijkheid. Het is geen kattencafé (dan moet je bezoekuurtjes reserveren in Kattencafé Kopjes) en het is evenmin een opvang zoals de Amsterdamse Poezenboot, waar ze altijd nog wel donaties kunnen gebruiken. (twee euro mag ook). Het is puur gericht op de kunsten en katten. Ja, en een beetje op winkelen.

Collectie

Ook al is er veel te zien in de collectie, voor het bezichtigen van vijf kamers hoef je natuurlijk geen hele dag uit te trekken. Ook al niet, omdat je tijd nodig hebt om kunst in je op te nemen en die indrukken te verwerken. Het is dus bij uitstek geschikt voor meerdere bezoeken. Dan ga je voor een schilderij staan en je laat het helemaal in je hart komen. Die ene kat op dat portret, wie is hij of zij?

Waarom Max niet in de bibliotheek mag

 Daar zit Max. Hij zou zo graag in de bibliotheek rondhangen. Aan boeken ruiken. Met mensen knuffelen. Maar dat kan niet, en het halve internet staat achter de rode kater die naar binnen wil.

We gaan naar Amerika,  naar Saint Paul, in de staat Minnesota. Max was lange tijd zwerfkater, tot hij een thuis vond bij een vrouw en een man.

Sociaal

Nu had Max wel een thuis, maar in een leven als binnenkater had hij geen zin. Buiten was veel te beleven, en hij was sociaal ingesteld. De kater vond dat je nooit genoeg vrienden hebt.  Aan de overkant van de straat was een campus, behorende bij een universiteit. Daar werkte de man van Max als docent. Dus wie ging er elke dag gezellig mee? Precies.

Bibliotheek

En op die campus bevond zich natuurlijk ook een bibliotheek. Heerlijk vond Max het daar. Lekker rustig, en iedereen wilde met hem knuffelen. Of nu ja, bijna iedereen. Een van de mensen die er werkten, was ernstig allergisch voor katten. Andere mensen maakten zich zorgen over de  nachtsluiting van de bibliotheek, en het risico dat Max opgesloten zou raken. Dat mocht niet gebeuren.
Max kreeg een bibliotheek-verbod. Er werd een poster opgehangen.

Dus het mocht niet meer en het kon niet meer.

 

Protesten

Foto’s van Max en de poster verschenen op het internet. Iedereen protesteerde, Max kreeg bibliotheekkaarten,  gedichten en steunbetuigingen. Als een kater wil lezen, moet dat kunnen, vond iedereen. Een schrijfster gaat nu zelfs een kinderboek over de situatie maken: de rode kater die naar de bibliotheek ging. En hoe is het met Max?

Binnen

Max maakt intussen een nieuw avontuur mee. In zijn buurt ging een groot bouwproject van start, waardoor buiten zijn voor hem te onveilig werd. Maar binnenkater was hij niet, dat begrepen zijn mensen wel. Ze besloten hem te leren aan een lijn te wandelen. Dat lukte, gelukkig.
Nu maakt Max wandelingen over de campus en hij begroet zijn vele, vele vrienden. In de bibliotheek mag hij nog steeds niet, maar daarbuiten is het ook gezellig.

(bron: Lovemeow.com)