kater Dorus over: de dag datte ik sjo bang was

bangHajooooo daar benne ik weer. Ikke ga hut fanmijndag heppe oofer bang sjijn. Ikke sjau eers een anner bjoggie sjijfe, maar oompie Bert sei datte dit bewangerijker is.

Help

En missjien help ut anndere katten.  Wat isser dan gebeurt hoor ik uwes segge. Nau… hette follegente.
Ik sjrok. Ik sjrok me rot. Op sijn ammersedams segge we rolberoerte. Offf de t****g. Maar dat woort mag nie. Dat isse een tauwt woortje.
Zeg me awwemaal na! TAUWT!!

Knoepertjedjuk

Wat wasse er nau beurt Doorie hoort ik uwes segge.
Nau ik sjrok oppe tweetst feebruwaarie. Me mense bedachte dat se de wamen moessen lapjes. Eigeluk wat se alleteit doen. Anners kan ik niet vennestebankkonttroolle doen. Want dan siet ik nies.
Ikke woon fjak aan een snelle weg. Knoepertjedjuk dus. Twaaluf busse pur uur en eefenfeel tjemmen. Heeeeel feel toettoetauwtoos en inne soomer ook laag fliegende fjiegtuige.

Boererij

Ikke kom fan boererij af. Daar hep ikke nooit een gehijm fan maak. Het enige gewuit watte ik hoorte ware sjaapjes en paarden. Dat ware me fjientjes. En natuurlijk me geboortemoesje en Poppy en nog een kitte. Een siepurtje. Agt weke lang hoorde ikke aween maar mense en diere. Dus nooit de gewuide die ik nu al 7 maante hoor. Dus toene ik hier kwam hoorte ik nies, want de rame en deure waare digt. Potjedigt!! Dus dat wasse wel pjettug.
Maar toen kwam de dag datte ik naar buite mog.

Aween

Ikke was eers bang want ikke hoorte kinneren krijse. We woone naas een kinnerdagfurrbjijf. Djie selfs!! Maar goet, daar wen je aan. En ikke hep me buurhont Kartoesj. Een hewe gjote woefer. En ikke hoorte hem waffe. Maar datte was ik gewent. Dus wasse ik daar nie bang foor. Maar ik ging niet naar het plekkie toe waar ik hem wel kon sjien. Dat durf ik niet.
Ikke durfte teets meer en bjeef langer buite. Tot de dag kwam dat ik een eng gewuid hoorte. Er floog een masjiene oofur ons huis. Heel laag. Heeel feel broem. Heel hard ook. En hij fluitte. Eg waar… sjo eng. En ik was buite. Aween!! Ikke rente naar binne. Ikke furstopte me bij frauw. Ikke was sjo bang. Ikke bibberte. Man sei datte ik bang was foor dat fliegding.

Twoost

Ikke wert getwoost. Door beide. Maar ikke durfte niet meer naar buite. Noo weeh. Frauw en man sate maar fan joggie, ga nau wekker naar buite. NEE!!
Durruf ik nie meer. Wat nau as we met je meegaan naar buite? NEEHEE. Ikke bjijf binne!! Toen tilte sij me op en wiep naar buite met me. Ikke bibberte. Toen ginge we weer naar binne. Ikke ging wel foor de deuroopening sitte. Tweets daage bjeef ik binne. Toen durfte ik pas weer naar buite.
Pootje foor pootje. Eers flugte ikke weer naar binne, maar laatur oppe de dag durfte ik weer gewoon buite te sjijn.
Ikke was wel evve bang toen ikke kartoesj hoorte, maar ik bjeef buite.
Maar nu gaane we tewug naar sondag.

Wappen

Mijn mense ginge de wame wappen. Se deede de waam ope. Oooooh ikke sjrok. Sofeel herrie. Eg!! Ikke wende naar aggere. Naar de stilte. Ik kjoop onner een kast. Oooh wat was ik bang. Na 10 mienuute wiepe me mense me. Jullie moete wete… ik wuister sjoms nog betur dan een woefer en sodja ik me naam hoor ben ik er dan ook. Alleen deze keer niet. Ik was bang. Eg bang.
Me mense ginge met me noepjessak risselen. En weer reejaageerte ik niet. Frauw wiep door awwe kaamers met een risselent sakkie.
Se riep Pooooorie, waar benne nau. Ikke sei nies. Ikke was bang.
Toen werre me mense bang. Se dagge dat ik naar beneede was gefalle. Man ging onner bed kijke, frauw rende alle tjappe in het tjappehuis op en af. Nog steeds lag ik onner kassie in swaapkaamer.

Noepies

Toen keek man onner kassie waar ik was. Ooooh frauw pakte me gewijk oofer fan man. Ikke wert pjatgekoest. Ikke tjilte. Ikke fin oppetilt worre nie fein. En nu helemaal niet. Ik kjeeg noepies. Nee dank u sei ik.
Oooh erg he? Ik en geen noepies. Me mensen liete me weer wopen. Ik liep naar bet. Frauw kwam evve later bij me sitte. Wat isser dan joggie hoorte ik. Ben je so bang?
bangIk keek frauw aan. Se sei maar joggie tog. Ikke mog wat mette feer pele. Ikke gaf wat tikjes. Na een half uur of so wau ik wel een noepie. Toen nam frauw me mee naar binne. Se wiet me in de kaamer frei. Het was stil. Geen herrie. Nau durfte ik te blijfe. Na een paar uur luste ikke ook weer noepies. En weer een uur laatur at ik weer. En ront 8 uur was ik weer beina hewemaal de auwe. Ik ging naast frauw wigge, op me nepsjaapie. Ik sat te knorren.
En de follengente dag was ik weer helemaal het mannetje. Hihihi.
Man sei datte se me foortaan maar evve opsjuite as se weer gaan wappe.

Dit was het foor dese keer.
Ik sluit af met een dikke koes
Foor MammaLoes.
Toedeledokie

Dorus

Waarom ik weer aan de voordeur ruik

voordeur
Het is niet echt winter meer al heb ik nog een wintervacht. Er is iets aan het veranderen dat foel ik. Maar wat is het en wat moet ik ermee?

Oer

Als binnenjongen ben ik nog steeds een echte katerman. Dus dat ik oer ben diep in mezelf.  Dus als ik in mijn straat vogels zie en hoor dan is er iets diep in mij dat moet miauwen. Het oer, dus. Gaat vanzelf.

Dat heb ik nou ook met het weer buiten. Gisterochtend had ik een ander gefoel in mezelf dat er iets ging gebeuren en het gebeurde dan ook het ging stormen. Maar daar wil ik het niet over hebben wel over iets anders.

Beneden

’s Morgens doe ik de laatste tijd iets nieuws. Wanneer mijn vrouw naar de badkamer gaat, dan neem ik de trap naar beneden. Daar is de voordeur. Toen het nog echt winter was, kwam er hele koude lucht onderdoor daar werden mijn oren zo koud van dat er bijna geen gefoel meer in zat. Maar nou is het minder koud. En als ik daar sta, ruik ik de lucht van buiten en dan heb ik allerlei infoormaazie:

  • wat voor weer komt eraan en moet ik me verstoppen wegens herrie in de lucht of kan ik straks met de poten gestrekt in de zon
  • zijn er veel mensen in de straat of vervelende mensen of is alles zoals het hoort en blijft het vast ook zo
  • lekker even buitenlucht, dat heb ik ook gewoon voor even wat anders in mijn neus

Daarna ga ik weer naar boven en ik ben terug voordat mijn vrouw uit de badkamer komt.

Binnen

En als u nou zegt Bert wil je niet naar buiten dan zeg ik helemaal niet. Vroeger moest ik op straat leven en toen ik hier kwam zei mijn vrouw dat ik nou de rest van mijn leven alleen hoefde te rieleksen en dat vond ik meteen super!! Buitenlucht snuiven is voor mij genoeg, serieus waar.

Kater Bolle is weer op zijn post

op zijn post
Nu de reenoovaatsie eindelijk klaar is ben ik weer meer in mijn tuin. Mijn mensen zeggen dat er af en toe nog mannen moeten zijn in de tuin, maar niet vaak meer.

Post

Ik ben vooral ’s nachts in mijn tuin, want dan weet ik zeker dat er geen mannen zijn. Maar ik durf ook overdag weer rond te lopen.  Overdag is het al best lekker weer. Soms schijnt het zonnetje zelfs.
op mijn postDaarom ben ik sinds een week weer terug op mijn post. Mijn post is mijn stoel.
Als het droog is zit ik een tijd op mijn stoel, en kijk ik wat er allemaal gebeurt in mijn tuin en in de tuinen er omheen. En dat is een heleboel.

Ik zie nog maar weinig andere katten, want die zijn bang geworden van de reenoovaatsie. Net als ik. Of ze vinden het nog te koud. Ik niet, ik heb superdikke haren. Hoe dan ook, op andere katten hoef ik nog niet echt te letten.
Maar er zijn wel vogels en die hou ik in de gaten. Bijna elke dag zie ik een dikke duif, die gaat steeds op mijn terras zitten. Dan ren ik naar hem toe, dat hij weer in de boom gaat zitten. Want mijn terras is alleen voor mij, vind ik.

Wat ik zie

Kleine vogeltjes zie ik ook. Ze maken hele hoge geluidjes en zijn altijd met een heleboel.
En er is vaak een zwarte vogel die over de grond loopt en in mijn waterbak in bad gaat, hoe vind je dat?! Hij spettert al het water eruit maar ik vind het niet erg. Want ik drink toch nooit uit die bak.
op mijn postDan is er nog een vreemde vogel. Hij is best groot en hij is bruinig rood met nog andere kleuren. Mijn vrouw zegt dat het een vlaamse gaai is, dus dat zal wel zo zijn. Hij zit in de boom in de tuin van de buren, en doet miauw miauw miauw miauw. Hij doet een kat na! En het lijkt net echt, eerlijk waar. Hij doet ook juffrouw Mier na, die verderop woont. Dat is een heel klein damespoesje, die soms katers roept omdat ze kindjes wil hebben. En die vogel doet dat presies na, biesonder hè? Van zichzelf maakt hij een heel hard geluid, een soort KA-KAAA-KAAAA. En als hij een poes nadoet doet hij (of zij, dat weet ik eigenlijk geeneens) heel zachtjes mauwen. Waarom hij dat doet weet ik niet, misschien vindt hij het gewoon leuk.
Als ik heel eerlijk ben, ben ik een beetje bang voor die vogel. Soms vliegt hij heel laag over me heen, en roept dan keihard. Dat vind ik eng, dus ik blijf uit zijn buurt.
In de bomen zitten ook nog groene vogels, die praten heel veel. Ze doen ook geluiden na, want het zijn een soort papegaaien. Mijn vrouw maakt wel eens dezelfde geluiden terug, en dan komen ze kijken welke vogel zo raar praat. Ik vind het altijd gezellig, dat gekwebbel.

Vangen

Aan ons huis zit een soort stukje waar je een klein beetje onder kunt kruipen. Als kat dan. Mijn vrouw heeft daar allemaal potten voor bloemen en planten staan. Al een paar dagen was ik daar steeds aan het kijken en aan het snuffelen. Gisteren zat mijn vrouw naar me te kijken toen ik weer aan het rommelen was. Ineens zag ze dat ik door mijn voorpoten zakte, mijn bips in de lucht stak en ermee wiebelde. Dat is een teken van dat je als kat iets ziet, iets dat je gaat vangen.
Na een paar tellen maakte ik een sprong, blies en had een rat te pakken. Maar ik liet hem weer los, want het was maar een spelletje. Mijn vrouw kwam meteen naar buiten en keek heel aandachtig naar me. Ze was bang dat Ik gebeten was maar dat was niet zo. Ze heeft met een stok in de bloempotten zitten porren maar er bewoog niemand meer. Dat had ik haar zo wel kunnen vertellen, want die rat heeft zich natuurlijk al lang weer verstopt.

Blaffen

Ik moet ook op de hond naast ons letten. Hij is weer vaker buiten en dan doet hij blaffen. Als hij mannen van de reenoovaatsie ziet doet hij nog harder blaffen. Dat is handig, daardoor weet ik ook meteen dat ze er zijn. De hond weet niet dat ik in de tuin ben. Omdat hij me niet ziet denkt hij dat ik er niet ben. Maar ik weet toevallig altijd dat hij er is, ook als ik hem niet zie. Dat is toch wel een verschil in intelliegentsie, vind ik.

Vensterbank

Er is dus genoeg te doen in mijn tuin.
Maar ik moet eerlijk zeggen dat ik niet op mijn post ben als het regent. Of nou ja, ik ben dan wel op mijn post, maar als het regent is mijn post binnen op de vensterbank.
Ik zie dan dat de duif op mijn terras gaat zitten. Ik spring meteen van de vensterbank af en loop naar mijn deurtje. Ik duw met mijn neus het deurtje open, en voel dat het regent. Meestal denk ik dan Laat maar. Ik ga me echt niet nat laten regenen voor een duif. Vaak is de duif trouwens al geschrokken van het geluid van mijn deurtje.

Planten

Mijn tuin is nu nog een beetje leeg, wegens dat veel planten weg moesten voor de reenoovaatsie.
op mijn postMijn vrouw is al een paar dagen bezig geweest om alles weer goed te maken. Maar ze zegt dat het nog heel lang kan duren voordat het weer zo is als het was.
Nou ja, ik ben al lang blij dat ik mijn tuin terug heb.
Het enige vervelende is dat op één plek allemaal grote planten weg zijn. Daar stonden er juist een heleboel, en ze waren veel hoger dan ik ben. Ik ging daar elke dag heen. Nu nog steeds, maar nu kan iedereen me zien als ik op mijn buitenweecee zit.

Fynn

Ik wil heel graag Fynn, die vaak antwoordt op de blog, heel veel sterkte wensen. Hij heeft iets aan zijn longen, en het is heel erg.
Hij krijgt nu pillen, en lekkere sneks en veel knuffels van zijn vrouw.
Ik hoop dat Fynn nog lang bij mevrouw Mia blijft, en bij zijn zussen Sparkle en Muzette. En bij ons, van de blog.
Ik doe aan je denken Fynn, en aan je famielie!

Als je wakker bent dan moet je opstaan

wakker

Thuis heb ik regels voor mijn vrouw, ze mag best veel van mij maar ik ben ook streng. Ik vind als ze wakker is dan moet ze opstaan.

Wekker

De laatste tijd moet ik daar extra op letten. Ik ben meestal beneden om naar het begin van de dag te kijken en dan hoor ik van boven het geluid van de wekker. Het houdt snel op. Verdergebeurt er niks dus dan weet ik dat ik nou wat moet gaan doen. Dus dan ga ik de trap op, naar de slaapkamer.

Op de overloop miauw ik even dat ik er ben. “Goedemorgen Bertje,” zegt ze dus ze is wakker maar nog in bed. Dat kan niet.  Als je wakker bent dan moet je opstaan, dat weet iedereen. Dus ik loop de slaapkamer in en ga voor het bed staan. Ik staar haar aan. Ze begint dan te praten maar dat gaat nergens over dus ik blijf kijken. En ze snapt het want ze zegt van jaja.

Terug

Soms wacht ik op de overloop en als ze dan niet gauw komt ga ik weer terug om te kijken dat het tijd is. Ik heb het ook wel dat ik alvast naar beneden ga en dan hoor ik dat ze komt. Dus zo zorg ik ervoor dat ze uit bed komt maar nog meer zorg ik ervoor dat er gebeurt wat hoort. Zo zie ik dat.

Beneden krijg ik op mijn kussen een eerste knuffel en dan ga ik een brokje eten. Dus dan is de dag echt begonnen. En ze heeft me dan ook bedankt, dus dat weten we alletwee wie ervoor gezorgd heeft dat alles gewoon was.

Te vroeg

Ik moet eerlijk zeggen dat ik soms te vroeg ben. Dan heb ik het gefoel dat het tijd is. Maar dan zegt mijn vrouw hoe laat het is en wanneer ik weer kan komen en dan doe ik dat. Voor dat soort dingen heb ik gefoel ook al kijk ik nooit op een klok.

Loesje vertelt over assie met jou vrouw moet praate…

vrouw

Assie een poes ben met jou maatje meer dan hebbie het best zwaar. Mij vrouw zeg Loes jij heb nu zofeel tijd gehad om aan jou idee te wennen van jou diejeet. Jij kan nie aan jou gang blijfe met jou onkenning.

Boergondies

Van mij eigen geef ik er niks om. Assie erreges niks om geef dan hebbie er gewoon geen zin in. Mij vrouw zeg Loes jij zal jou zin moete maake. Anders wor jou buik veel te groot. Jij kan nie foor altijd boergondies blijfe. Maar assie mij een beetje ken dan weet u, van mij eigen ben ik meer la belle kwiesien.

Jou gezond

Assie zo van jou lekkere eete houw dan zittie nie te wachte op jou droogbrokke. Ook al zit jou droogbrokke vol met meetaboolis. Maar mij erfaring zeg, assie zofeel letters in jou brokke stop dan kan jou buik er nooit dun van worre.
Meetaboolis, jij wor er nie frolijk van. Mij visboer heb het nog nooit aan ze hengel gehad.Jij moet het eete foor jou gezond. Mij vrouw zeg, alles zit erin Loes. Al jou fietamientjes en jou mieneraale. Ik zeg u eerluk,  van mij eigen heb ik liever mij brokke met mij saardiene en mij makkareel. Maar jij heb er niks ofer te zegge assie op jou diejeet moet.

Tips

Toen ben ik wel met mij vrouw gaan praate. Jij kan wel alles ofer jou eigen heen laate koome maar jij ben er selluf ook nog. Van mij eigen heb ik geen ferstand van mij diejeet foor mij dunne buik. U heb mij eigen veel tips gegeeve foor mij oferleefing. Daarfoor wil ik u wel bedanke want saame weet jij meer dan dattie alleen ben.

Wat moet jij doen assie op jou diejeet ben:

  • jij moet nie oferdrijfe
  •  droogbrokke kan jij menge met jou lekkere brokke zo dattie eraan kan wenne
  • jij kan ook veel van jou natte voer eete want het heb minder kaalorieje
  • jij heb recht op jou wiekentsnek
  • jij kan jou droogbrokke menge met jou soep, dan hebbie soep met brokke
  •  jij moet nie zofeel kooliedraatie eete
  •  jou buik moet langzaam dunner worre anders kan jij ziek worre
  •  jij moet volhouwe assie op wil geefe.

Mij vrouw heb nu alles saame met mij eigen bekeeke. Dan foel jij jou eigen wel jou lijdende foorwerp.

Weegschaal

Mij vrouw zeg Loes er onbreek nog één ding. Ik zeg u eerluk, mij ene tand bleef bijna in mij paaling steeke.Jij denk dattie alles heb gehad maar dan zit jou ferrassing nog in jou staart. Mij vrouw zeg Loes het belangrijkste onbreek! En het is jou weegschaal! Assie wil weete of jou buik dunner wor dan moet jij op jou weegschaal. Toen ben ik boofe op mij denkpaal gaan zitte in mij sjok. Assie toch erregus een heekel aan heb dan is het wel mij weegschaal. Mij vrouw zeg Loes, denk er maar rustig ofer na, wij koome er folgende week wel op terug. Dan weet jij genoeg, jij kan op jou klomp aanfoele dattie weer iets in ze schil foer…

Maar jij kan nog zofeel praate met jou vrouw. Jij kan jou diejeet van jou al jou kante bekijke. Soms worrie ineens ofervalle door dinge die in jou leeve gebeure. U weet op mij Bert ze blog zijn wij vriendjes. Wij zijn een beetje famielie en wij steun elkaar. Offie nou jou ree-noo-vaa-zie heb of jou diejeet.

Kaarsje

vrouwNu wil ik u fraage offie u kaarsje wil brande voor mij vriendje Fynn. Hij heb het moeiluk en ze vrouw en ze zusse Sparkle en Muzette ook. Hij heb iets in ze longe en het hoor er nie te zitte. Jij weet nie wat jij hoor. Gelukkig heb mij vriend Vlo gezeg dattie ofer ze Regenboogbrug nog geen plek heb. Mij vriend Vlo heb er ferstand van want hij woon er selluf. Dan kan jij er wel over meepraate. Van mij eigen brand ik mij spesiejaale kaarsje voor mij vriendje Fynn. En voor ze vrouw en ze zusse. Dattie nog lang saame mag zijn. Lieve Fynn, wij denk aan jou. En dattie nog lang mag geniete en veel sneks krijg…

Loesje