Kater Bolle over als je vrienden en vriendinnen hebt

vrienden vriendinnen
Vroeger, toen ik in de tuinen woonde, was ik voorzichtig als ik andere katten zag. Ik wist nooit zeker wat ze van me wilden, dus ging ik maar meteen blazen en grommen.

Andere katten waren ook voorzichtig als ze mij zagen. En daar hadden ze wel gelijk in, want ik was best gevaarlijk. Dat kwam omdat ik nog niet geopereerd was. Als kater zie je dan alle katten als je vei-and. Vooral andere katers.

Molletje

Toen ik eenmaal bij mijn Molletje in huis woonde, wist ik niet goed hoe ik met mensen om moest gaan, en ook niet met andere katten. Dat heeft mijn Mol me allemaal geleerd.
Van mijn Mol mochten sommige katten wel door de tuin lopen, en andere niet. En er waren ook nog katten die soms wel en soms niet door de tuin mochten lopen.
Dat was allemaal heel ingewikkeld, om dat te leren.

Naar buiten

Mijn Mol was best streng en hield alles in de tuin goed in de gaten. Als zij iets niet wilde dan gebeurde het ook niet. Andere katten hadden altijd respekt voor haar.
Nadat mijn Molletje een ster werd veranderde er van alles. Andere katten merkten natuurlijk dat mijn Mol niet meer op aarde was. Ineens kwamen er allerlei katten in mijn tuin, die dat eerst niet durfden. En soms kreeg ik zelfs klappen in mijn eigen tuin!
Mijn mensen maakten zich zorgen, ze dachten dat ik te lief was om buiten te zijn. Zo gevaarlijk als ik vroeger was zo lief ben ik nu, zeggen ze. Maar ikzelf wilde persee naar buiten.

Blazen

vrienden vriendinnenIk heb moeten leren dat sommige katten lief zijn, andere katten niet. En ik heb ook moeten leren dat ik best mag laten weten dat mijn tuin van mij is.
Nu heb ik bijna nooit meer ruzie. Iedereen mag door mijn tuin lopen en over mijn schuurtje. Ik ken alle katten die hier in mijn stuk van de tuinen wonen, en dat gaat prima. Soms hebben we een klein beetje ruzie, dat we even blazen. Dat hoort erbij.
Maar echte vrienden of vriendinnen had ik niet.

Famielie

Tot ik de blog van Bert tegenkwam.
Ik vond het meteen biesonder dat Bert eerlijk durfde te zeggen dat hij veel dingen eng vond. En ik was blij dat Bert liet zien dat katermannen ook heel gefoelig kunnen zijn, en een beetje bang.
Andere katers schreven dat ze sommige dingen ook grieselig vonden. En poesen schreven dat ze soms iets niet goed durfden. Dat hielp mij, en ook mijn mensen. Dat je weet dat je niet alleen bent, met je gefoelens.
Langzamerhand leerde ik iedereen kennen en merkte ik dat we met zijn allen één famielie zijn. In een famielie is iedereen anders en toch hoor je bij elkaar. Samen ben je blij, en samen heb je verdriet. En samen doe je pootjesdraaien als iemand ziek is.
Ik heb gevoeld hoe mooi het is als je vrienden en vriendinnen hebt. En hoeveel tranen je hebt als ze een ster worden. Maar met zijn allen denken we aan ze en zwaaien we naar ze. En daardoor zijn ze er nog steeds bij.
Vrienden ben je voor altijd.

Op diejeet

Nu heb ik veel steun aan Loes, wegens dat ze op diejeet is. Net als ik. Loes vindt het diejeet moeilijk, ook net als ik. Ik denk dat Loes en ik wel de grootste buiken hebben, van de blog. Ik vind dat zelf niet erg, maar mijn mensen wel.
Bert en Jip waren ook op diejeet en die zijn mooi slank geworden. Ik ben al een hele tijd op diejeet maar mijn buik blijft hetzelfde. Dan is het fijn als iemand anders hetzelfde heeft.
Ik bedoel dit natuurlijk netjes hoor, want ik weet dat Loes en Bert verkering hebben. En ikzelf heb voor altijd verkering met mijn Molletje. Maar dan kan je wel gewoon vrienden en vriendinnen hebben, vind ik. Dat is iets heel anders.

Post

vrienden vriendinnenWeet je wat nu zo biesonder is? Vorige week was er post voor mij. Een doos van karton, van Loes. Ik vond het superspannend dat ik een pakje kreeg! In de doos zaten twee zakjes sneks en nog iets heel moois. Een beestje met een verenstaart, aan een elastiek. En dat elastiek zit weer aan een stokje. O, ik vond het meteen prachtig! Ik wilde er gelijk mee spelen. Dat heb ik ook gedaan, samen met mijn vrouw. Ik heb de staart heel veel keren gevangen en er aan gelikt. En ik heb het beestje gebeten. Daarna heb ik de sneks geproefd. Ze waren piekoo belloo.

Nou heb ik al drie keer kadoos gekregen! Twee keer van Vlo, veren en brokjes en sneks, en nu van Loes.
Mijn vrouw zegt dat ik uit moet kijken dat ik niet een verwende kater wordt.
Maar ik ben al super-verwend, met zoveel lieve vrienden en vriendinnen.

FYNN

Ik denk aan Fynn, die een prachtigmooie ster is geworden. En aan zijn vrouw en zijn zussen Muzette en Sparkle, die veel verdriet hebben stuur ik troostkopjes.
Dag lieve Fynn, ik zal je niet vergeten!

Ik weet geeneens hoe sterk ik ben

sterk

Mijn balletje is helemaal stuk en dat heb ik gedaan. Mijn muis is nou ook stuk. Dat heb ik ook gedaan. En ik wilde alleen maar spelen.

Ik heb nou nog een veter die is nog steeds goed. In het keukenkastje ligt nog meer, ook stom speelgoed waaarvan mijn vrouw hoopt dat ik het later toch nog leuk vind maar ik weet van niet. Daar gaat het niet om, wel dat de muis opeens stuk was.

Groot

Ik weet van mezelf dat ik best groot ben. Mijn kop is groot, mijn lichaam is groot en mijn voorpoten zijn groot en breed en sterk. Daar hou ik de muis mee vast als ik speel. En dan bijt ik wat. Of ik rol. Of ik lig heel erg stil te wachten tot de muis wat doet  dat kan ik best lang volhouden, wegens dat ik nog oer in me heb ook al ben ik huiskater.

En toen ik dat ene gefoel kreeg,  toen waren de oren van de muis weg en de staart ook. Ik had dus gewonnen maar ik had ook geen muis meer.

Mijn vrouw zegt dat ik niet weet hoe sterk ik ben. Dus wegens dat ik mijn speelgoed stuk maak. Dan zal het ook wel zo zijn. Maar ik hoop toch dat ik nieuw speelgoed krijg. Gewoon speelgoed dat naar thuis ruikt en niet naar de winkel dan kan ik er niks mee.

Foto

Ik wilde dit heel graag zeggen wegens dat er thuis de hele tijd foto’s van mij gemaakt worden dat ik lig te rieleksen en ik vind het ook belangrijk, maar ik doe dus nog veel meer op een dag. Dus ook de boodschappen controleren en de straat controleren en soms meehelpen met het dekbedovertrek en op mijn vrouw letten en alles wat er zo is, en dan speel ik ook nog. Ja, mag ik dan rieleksen.

Loesje vertelt over assie op de weegschaal moet…

weegschaal
Van mij eigen fertelde ik u al ofer mij vrouw en dattie iets in ze schil foer. Dan ben jij wel gewaarschuuw en jij tel foor twee.

Diejeet

Assie op jou diejeet ben dan moet jij oferal oore en ooge hebbe want jij weet nooit wat jou nu weer boove jou kop hang. Mij vrouw heb mij eigen fertel dattie nog maar één ding mis foor mij diejeet.
Zij zeg Loes, assie wil weete of jou diejeet werk dan moet jij op jou weegschaal. Ik zeg u eerluk, van mij eigen vin ik niks aan mij weegschaal. Jij krijg altijd een hoop gedoe assie erop sta. En jij bennie zeeker offie nog wel jou eete krijg.

Afontuur

Mij erfaring met mij weegschaal is, jij doe het nooit goed. In mij asiel begon mij weegschaal-afontuur. Jij wor opgepakt en jij wor op jou schaal gezet. Mij asieldokter zeg, jij moet meer eete want jij ben feel te mager. En hij heb het gesien aan mij sijfertjes. Assie te laage sijfertjes heb moet jij meer eete. U geloof het misschien nie assie dit lees maar van mij eigen had ik toen geen buik. Dan schaam jij jou eigen wel assie op jou schaal moet staan en jij heb geen buik. Ik zeg u eerluk, van mij eigen was ik onderfoet. Mij weegschaal heb het toen wel eerluk gezeg en ik kreeg lage sijfertjes.
Gelukkig heb mij vrouw mij eigen uit mij asiel befrijd. Zij gaf mij eete en mij leeve werd mooi. Mij hart foelde geluk. Mij buik werd rond en gezond. Toen ben ik Loes geworre.

Mij buik

Dan kom jou dag dattie met jou vrouw naar jou niewe dieredokter ga. Ook al vinnie er niks aan, jij moet mee. Mij dieredokter heb mij eigen weer op zo een schaal gezet. Op mij footoo kan u zien, mij buik befroor van mij schrik. Gelukkig had ik wel mij buik, anders had ik mij weegschaaleigen weer moete schaame. Maar mij dieredokter heb mij eigen toen fertel, Loes jij ben een flinke poes. Jou buik wor te groot, jij moet op jou gewich gaan lette. Mij dieredokter heb vast geen goede schaal gehad want hij zeg, Loes jou sijfertjes zijn te hoog! Jij moet minder eete!
Toen heb ik mij eerste sjok-erfaring gehad. Jij weet toch niemeer waar jij aan toe ben. Mij eene dokter zeg Loes jij moet méér eete want jij heb geen buik. Mij andere dokter zeg Loes jij moet minder eete want jou buik is te groot. Wie moet jij dan geloofe? Welke weegschaal heb gelijk? Mij vrouw zeg, Loes er zat wel een heel jaar tussen! Ik heb er niks van gezien van mij jaar.
Van mij eigen ben ik trots op mij buik en mij natuur is boergondies. Maar daar fertel jou weegschaal niks ofer. Wat hebbie er dan aan?

Foor mij eigen

Nou heb mij vrouw er selluf een gekocht en het is foor mij eigen. Zij zeg Loes, jij hoef nie bang te zijn. Nu kan jij selluf zien of jou buik dunner wor! Zie het maar als jou stok achter jou deur! Toen heb ik wel gefraag offie misschien ze weegschaal niet achter mij deur kan zette.
Maar mij vrouw heb mij schaal op mij taafel gezet. Zij zeg Loes, zo kan jij er vriendjes mee worre. Jij kan erop gaan zitte assie het selluf wil! Dan bennie wel uitgepraat. Ik zeg u eerluk, ik vin het nog moeiluk. Maar mij vrouw heb mij erop gezet en assie naar mij sijfertjes kijk kan u zien hoe groot mij buik is. En het is ook kwesbaar want assie poes ben dan is jou gewich taaboe van ze eigen. Maar u mag het wel weete want soms moet jij jou taaboe doorbreeke.
Mij vrouw zeg Loes, ik ben trots op jou. En zij geef mij knuffels en mij snek. Toen heb ik wel mij traan gefoel in mij hart. En het was van mij geluk. Want mij vrouw akzepteer mij sijfertjes en zij akzepteer mij eigen. Nu moet ik iedere maand op mij weegschaal. Weeges mij diejeet en mij buik.
U krijg dan mij updeet.

Fynn

Maar toen kwam mij bericht dat mij vriendje Fynn over ze Reegeboogbrug is gegaan. Ze vrouw heb hem nog alles gegeeve van liefde en sneks. Toen heb  zij  hem in ze armen over ze Regenboogbrug gedraage. Jou hart breek, jij wil het nie geloove. Lieve Fynn, mij hart foel ferdriet. Jij ben nu jou eigen ster en jij ben boove. Dag lieve jonge, hoop dattie nu geen pijn meer heb. Iedereen zwaai naar jou, wij fergeet jou nooit.
Assie soies hoor weet jij weer wat het zwaarse weeg op jou schaal. Nie jou buik maar liefde!
Dag lieve Fynn,

Loesje

Waarom ben ik zo moe

moe
De dag begint nou steeds vroeger, daar moet ik aan wennen. Want als er licht komt dan ben ik meteen wakker en mijn gefoel zegt nou moet ik iets doen.

Nacht

De nacht is nou ook korter. Dat is raar. ’s Nachts zit ik graag in de vensterbank om naar de lampen van auto’s te kijken die komen dan voorbij. Ik foel me dan ontspannen. Want het geeft rust van binnen. De autolamp komt eraan en rijdt voorbij, elke keer weer. Dat is elke keer hetzelfde dus dat is voor mij meedietaazie.  Ik weet niet hoe lang ik er zit maar wel heel erg lang. Alleen heb ik het de laatste tijd dat het opeens licht wordt en dat is een ander gefoel.

Ochtend

Elke ochtend heb ik mijn vaste dingen. Mijn vrouw uit bed halen, brokjes eten, water drinken, ochtendknuffel, de straat zien, slapen. Alleen als de dag vroeger begint dan doe ik ook meer. Door het huis lopen. Met een potlood spelen. In en uit de vensterbank. Soms ga ik kijken of de deur van de berging open is dat is nooit zo maar je kunt niet weten.

Alleen wat heb ik nou, dat is dat ik zo moe ben.

Lente

Ik heb nog steeds mijn wintervacht dus verharen doe ik niet daarvan kan ik niet moe zijn. En ik heb het gefoel dat de lente komt wegens dat ik meer enerzjie heb. Alleen ik ben overdag best vaak moe. Dan wil ik lange zachte aaiknuffels om te ontspannen en ik wil dutjes doen en lang doezelen en ook slapen en ik snurk, zegt mijn vrouw, maar daar gaat het niet over.

Mijn vrouw zei ook dat ik last heb van voorjaarsmoe maar dat is folgens mij alleen voor mensen. Niet voor katermannen met een wintervacht.

Dus ik weet het even niet. En ik ga gewoon door met slapen overdag en ’s nachts kijk ik naar de autolampen dat is echt heel erg mooi.

kater Dorus over: Had je een fraag, konne je hut mei frage

Dorus
Hajooooo hier benne ik weer. PoinkiepoinkDorus. Waar gaan we hut fandaag oofur heppe.

Nau… een teitje geleede froeg ik juwwie omme fraage in te tuure. Het lijk mij wel weuk om juwwie bjandende fjage te be-ant-woorde.

Doose

Laate we mette de eerst fjaag beginne. Fanne Mefrauwtante Heidi. Waajom hauwe katte fan doose!
Ik fin doose ook weuk. Fooral asse ik se mag sjope. Ikke ben nu al maaaande besig met de doos fanne pietsamaaker. Iedewe keer knaag ik er een tukje af. En ikke kjijg wel te howe fanne Doooorie, stop daarmee. Maar nee… ikke ga gewoon door hihihi.
Mefrauw Heidi: wij katte onstresse gjaag. Daawom wigge we er in. Een kat mette kartonne doos isse bjije kat.
We soeke, inne doos, ook gjaag konttak mette mense.
Asse we inne doos kjuipe foele we ons feiligur. En een doos isse wekker warrum.

Wasse

Tweetst fjaag komme fan Mefrauw Els en Jip. Waarom wasse we ons kontje na het poepe?
Ikke doe dat ook. Dat kom ommedat we dat leert hebbe inne soosjaliesaatiefase. We lere eers alles te ete en pjoefe.
Mense vinde poep fies. En soms ook geurtjes fanne annere. Maar mense finne hunselluf nooit stinke.
Diere finne poep niet fies. We wuiken er selfs aan als we een djukje hebbe daan. Ook wuike we wie er poept hept en we ontlede er bootsgappen aan. Hette is eigeluk een kommuniekaasiemiddel.
In hut kort… mense finne poep fies, en wij katten niet.

Natte kamer

De follegente fjaag isse fan Mefrauw Annelieke en oom Tommy. (Uwes weet wel… die met 2 tjikkies hihihi) Waarom benne ik niet bang foor de natte kamer.
Euh… weet ik niet? Ikke finnut gewoon weuk daar. Fooral asse se in de wegen staan. Dan sjuif ik de doesjgorredein oppesei en loop langs de muur waar hun regenen. Frauw staat dan wel foor de regen. Maar tog glippe er wat stjaaltjes oppe me fagt hihihi.
Ikke lik graag de djuppeltjes fanne muur of floer. Kijk… se moete niet foor de stjaal weggaan. Want dan worre ik kjetsnat en datte isse niet weuk.

Water

De follegente fjaag isse van Mefrauw Dinie. Waarom finne katten stjoment water wekker, en waarom sommige fies water.
Nou… ikke djink stilwiggent water. En sjoms finnik hut weuk omme er met me pootjes in te sjaan. Hihihi. Dan isse de hewe fjoer nat.
Maar niemant weet pjesies waarom katte dit doen. Soms hep een kat een afkeer tege stilstaant waatur.
Katte inne wilt djinke altijt bewegent water. Datte is om te foorkoome sjiek te worre. Sommige djinke stjoment water uite kjaan ommedat dat koeler is.

Boompies

Me jiekie fjoeg mij ook een fjaag. Hoe wei aan boompies moete sjudde om aan beebies te kunne koome.
Oooh jiekie… ditte isse een moeielukke fjaag.
Ikke denk datte we naar een beebieboom moete wope en er missjien langs moete frijfe? Of datte we mette onse aggerpootjes tjappe moete geefe, want mette onse foorste pootjes moete we beebies kunne fange.

Neusje

De katte fanne bazooka hatte ook een fjaag. Waarom woopt ons neusje asse we aan hut tjappele sjijn.
Ikke hep dat nooit. Raar he. Wel as ik aait wort, dan hangt er een kjein pegeltje kweil aan mijn bekkie.
Nau katte… hette isse simpel. Ommedat we ons dan heel fein foele. Uwes foel uwes dat feilig. Dit komp uit uwes beebieteit.

Noepies

De follegente fjaag kom fan Mefrauw Annelies. Waarom ik me mense in de nagt wakker maak foor noepies. En waarom ik niet doorsjaap.
Ooooh ik maak se nooit wakker omme noepies. Ikke maak se aween wakker ommedat ik om 5 uur gewent benne eete te kjijge. En dan wil ikke dat elleke dag. En niet de ene keer 5 uur en de annere keer 7 uur pas.

Ies anners

De follegenne fjaag isse fan me tantes en ooms vanne de bende fan 6. Waarom wille we alleteit net ies anners as onse frauw.
Hmmz, moeiluk hoor. Ikke hep dit pjopleem ook. Ikke peel gjaag en feel. En dan hoort ik weer fan Dooorie, we hebben net al een half uur peelt. Ja? En? Ikke wil weer pele! En wel nu. Sins ik fere hep wil ik eggiewaar elk uur pele. Ikke hep eigeluk nooit sin om niet te pele. Ikke seg, onse mense moete maar teit foor ons maake. Ikke kon nie finne waarom en hoe. Maar oomes en tantes… gewoon doorseuren hihihi.

Aanhankeluk

En as waaste de fjaag fan tante Truke. Offe ik aanhankelijker ben dan Ooma Katrien. Sjijn kaaturs aanhankelukker dan poese?
Oooh tante Truke. Ikke fjoeg het aan frauw. Sei zei datte er een heele werelt fan fursgil in is maar ook weer niet. Raar he? Ooma Katrien sjeen wustiger te sjijn geweest. Maar datte seggende, soms ben ik weer een gwotere knuffel dan Ooma was. Kijk… ikke ben een halfe siemees. En siemeese sjijn rare katte. Wat foor uwes katte norremaal is, isse foor mij raar. Ikke wil awwes wete wat er gebeurt!! AWWES!! Awwes wat uwes katte raar finne, fin ik normaal. Ikke bemoei me met alles. Loop mette me mense mee, asse se me woepe en se woepe Doorie benne ik er al foor se de ie segge.
Ikke benne een djukke kater. Komp ook ommedat ik pas 9 maante benne. Maar, en daar is frauw kort geleede aggergekoomt, ook door me siemees sijn. Wij sjijn gewoon djukker. Ook benne ik wat feller met pele. Ikke bijt en kjap faak. Te faak. Frauw kjeeg fanne iemant een tip om lere hantsjoentjes te djage asse se met mij peelt. Soms sjaam ik me, maar ikke kan er nies aan doen.

Geholpe

Nau… dit ware de fjaage. Ikke hoop dat ikke uwes geholpe hep? En dat ikke de fjage goet be-antwoort heppe. Sjorrie asse het niet sjo is.
Ikke sluit af met een dikke koes
Foor MammaLoes
Toedeledokie

Dorus