Zo leerde ik te zeggen wat ik wilde

zeggen

Van mezelf zie ik er stoer en sterk uit, en dat ben ik ook maar eerlijk waar, ik heb thuis moeten leren om echt te zeggen wat ik wilde. Voor mezelf opkomen kon ik niet zo goed.

Samen

Voor mij is samenzijn het belangrijkste dus dat ik niet alleen ben. Dat heeft met vroeger te maken toen ik op straat moest leven. Toen was ik heel erg alleen en ook eenzaam, en ik dacht dat het altijd zo zou blijven en dat niemand met mij samen wilde zijn, dat is een heel erg moeilijk gefoel. En nou ik een thuis met een vrouw heb, wil ik hier voor altijd blijven.
In het begin wilde ik dus niks verkeerds doen.
Toen ging ze me helpen.

Knuffel

Op een gewone ochtend thuis is het zo dat ik op de bank lig en dat mijn vrouw aan tafel zit te werken. Dan hoor ik wat geluiden van de straat en ik hoor haar tikken aan de compjuter, ik foel me dan veilig en goed. En dan opeens wil ik een knuffel. Dat ze bij me komt en me aait en liefe woordjes tegen me zegt.
Toen ik hier pas woonde, wist ik niet zo goed hoe ik dat moest vragen.
Ik sprong dan van de bank af op het tapijt en dan bleef ik staan.
Zij tikte gewoon door.
Ik: Mewww.
Doortikken.
ik: Meewwww?
Het tikken stopte. Ze keek naar me en vroeg: “Bertje, waar heb je behoefte aan?” Dan sprong ik terug op mijn kussen en keek haar aan: “Mewwww!”
ZIj: “Wil je knuffels?”
Ik: Meewww.
En dan kreeg ik een knuffel.

Leren

Als je hulp van thuis krijgt, dus dat je de tijd krijgt om te leren dat je ook wat te zeggen hebt, dan is het leefe gemakkelijker en fijner. Ik ging ook steeds harder miauwen omdat ik durfde.
Soms krijg ik niet wat ik wil en soms weer wel, maar ik mag altijd zeggen wat ik wil dat heb ik geleerd.

Loesje vertelt assie weer op kontroole gaat…

Loesje

Soms lig jij net lekker op jou denkpaal en droom jij van jou verkering en dattie vis foor jou heb gefange. Dan inees wor jou droom ruuw ferstoor. Jij wil net jou vis gaan ferslinde.

Mij denkpaal

LoesjeVan mij eigen weet ik dattie mij dan eigeluk nie moet stoore. Dattie mij eers mij vis moet laate eete maar jij heb er nie altijd iets ofer te zegge. Mij vrouw stond naas mij denkpaal en zij begin mij te knuffele en zij zeg lieve woordjes. Ik zeg u eerluk, ik von het nie ferfeelend. Ik ging op mij rug ligge en ook kopjes geefe. Mij kop in mij hals van mij vrouw en ik had ook een beetje een volle neus. Assie groonies niesziek ben dan kan jou neus soms vol zitte. Mij vrouw probeerde het schoon te maake en zij zeg. Loes wij moete eeve praate. Dan schrik jij wel want iedereen weet, assie een vrouw heb en zij wil praate dan ga er iets gebeure!  Mij vrouw zeg Loes, lieve Loes, jij mag mee naar jou dieredokter. Jij moet op jou kontroole koome! Toen heb ik spontaan hard moete niese! Mij heele vrouw ze hals onder….

Mij mandje

Mij vrouw schrok wel maar nie zo errug als ik van mij eigen. Zij heb ze eigen gewasse maar selluf was ik in mij sjok. Op kontroole naar mij dieredokter! In mij buik foel ik mij zeenuuw. Mij hart deed kloppe en mij neus liep weer vol. Dan foel jij jou eigen nie fris achter jou oor en ook nie in jou neus.
Mij vrouw was lief en zij heb mij geprobeer op te tille. Van me eigen wilde ik nie mee, mij vrouw kan ook alleen gaan. Maar mij mandje stond al klaar en mij vrouw pas er nie in. Toen heb ik wel met mij onderpoote gezwaai van ik wil nie mee, maar jij heb geen infloed. Foordat ik het wis zat ik in mij mandje, toen heb ik heel hard Meeoow geroepe. Wat kan jij anders roepe, niemand heb mij ooit een ander woord geleer assie zeenuuw heb. Meeoow, hellup mij eigen!
Mij vrouw heb mij eigen tóch meegenoome maar assie poes ben kan jij nog wel foele dat jou vrouw ook ze zeenuuw heb. Zeeker assie zo gefoelig ben als mij eigen. Dan foel jij alles, ook jou vrouw.

Mij wachtkamer

Bij mij dokter moes ik wachte in mij wachtkaamer, u kan mij zien zitte op mij footoo. Mij vrouw heb toen wel geprobeer om mij troost te geefe. Mij dokter kende mij eigen nog, Loesjeselluf heb ik mij nie foor gestel.
Ik zeg u eerluk, ik von het moeiluk. Mij dokter heb met zo een gek apparaat mij haare uit mij vacht gescheert, maar ik wilde niet. Toen heb een mevrouw Loes mij vast gehouwe. Zij is mij dokter ze helpster en zij heb mij naam. Dat is makkeluk foor mij dokter. Ik kreeg mij handdoek om. Hij heb een naald in mij keel gestooke en toen kwam mij bloet eruit. Jij wil het nie weete! Mij vrouw mocht nie hellepe weeges mevrouw Coorona. Ik vin wel, mevrouw Coorona heb ze eigen er nie mee te moeie. Mij dokter heb mij bloet bewaard foor ze onnerzoek, hij heb zofeel dieploomaas.
En hij is ook peediekuur want hij heb al mij naagels geknip en toen dee ik blaase. Jij kan wel alles met jou eigen laate doen maar jij mag jou eigen wel laate hoore. Jij heb jou eigen freiheit van jou meening uite. Daarom dee ik blaase.

Mij dokter

Maar nu ga ik u nog iets fertelle en u zal het nie geloove. Ik moes met mij eigen weer op het weegding en mij hart deed heel hard kloppe. Mij dokter en mij eigen ferschille hierover van meening. Van mij eigen vin ik ronder gezonder, mij dokter denk daar anders ofer. Mij sijfer was fijf en u geloof het nie. Mij dokter was blij en hij zeg Loes, jij heb het goed gedaan. Assie zieke niere heb moet jij wat reserfe hebbe. Bijna alle katte wor maager maar jij blijf jou eigen. Jij weet nie wat jij hoor! Toen heb ik wel mij traan van mij geluk gefoeld.
Diep in mij hart foelde ik mij eigen foor mij eerste keer ge-ak-zep-teer door mij dokter. Dan hebbie toch iets bereik. Maar mij dokter zag ook mij volle neus en hij zeg Loes jij krijg antibiootie. Mij vrouw was blij want zij zeg Loes, nu ben jij er snel bij. Selluf was ik er wel klaar mee. Als mij dokter mij groonies rond zijn akzepteer vin ik het al lang goed.

Mij uitslag

Mij dokter heb mij vrouw gebeld op ze telefoon en hij zeg. Loes ze niere zijn maar een beetje zieker geworre van ze eigen. En Loes heb een beetje uitdrooging,  misschien van ze niese en dattie buite hitte had. Hij zeg ook, Loes moet probeere op ze gewich te blijfe. Van me eigen vin ik het wel mij goede uitslag want ik hoef geen slankbrokke.

Loesje

Liggen is iets met gefoel erin

liggen

Als huiskater ben ik altijd thuis, dus dan is het belangrijk dat je dingen voor jezelf hebt. Voor mij als seniejor is het ekstra belangrijk dat ik goed kan liggen. Maar waar?

Vaste plekken

Ik heb natuurlijk vaste plekken. Op de bank heb ik een kussen en daar ligt een handdoek op. Boven op bed heb ik ook een handdoek en daar ligt een lap op. En in mijn doos heb ik flanel liggen. O ja ik heb ook een dekentje op de bank liggen. In de vensterbank heb ik niks en dat wil ik ook niet, als ik daar lig dan moet ik zekerheid onder me hebben en dat is de vensterbank. Soms lig ik ook op mijn tapijtje dat is alleen voor mij. Of middenop het tapijt dan kan ik alles overzien.

Gefoel

Maar laatst zei mijn gefoel: Bert, ga eens aan de andere kant van de kamer liggen. Ik deed het want je moet luisteren naar je gefoel, dat zegt Loesje ook.
Dus ik daar liggen.
En toen?
Nou, niks.

Raar

Ik lag er te liggen en ik foelde me geeneens fijn. Want het was een rare plek, ik kon de bank achter me niet zien, alleen zag ik goed een stuk de werktafel van mijn vrouw, maar daarvoor kan ik beter op het krukje liggen dat erbij staat. Dat was ik nog vergeten te noemen.
Dus ik stond maar weer op en ik ging op de bank liggen.
Raar, hè.

Zekerheid

Op de bank lag ik meteen goed. Dus ik kon nadenken en dit is wat ik bedacht: dat liggen iets is met gefoel en dat moet je onderzoeken. Soms heeft je gefoel gelijk en soms ook niet, maar dat weet je nooit. Nou had ik geleerd dat ik niet aan die ene kant van de kamer hoef te liggen. Aan de andere kant weer wel, en dat is nou mijn zekerheid.

Dorus praat tegen Poppy (en Loesje ook)

Poppy

Hajooo Poppy,  is alles goed met jau? Waar benne nou? Ikke mis je so.

Oppe 12 juli foorig jaar ging je evve weg. Ikke sei nog tossooo. Ik mog niet met je mee.
Frauw sei al steets teege mij datte ik je met rus moes laate. Maar we ware nog so jong. Pas 10 weekjes. Dan hoor je tog te peele? Dan hoor je nie siek te zijn.

Oppe bak

Weet je nog hoe faak we peelde? Iedere dag wel hondertmiljoen keer. Jij peelde graag saggies. Nau… eg niet. We sijn tog jochies. Dan hoor je wuig te pele. Hihihi
Peelde ik te ruig dan met je? Nee toch?
Of kwam het ommedat je een beetje tauwt was datte je nu weg ben. Want je plaste en poepte soms naas de bak. Maar dat pjopleem was, flak voordat je voorgoet wegging, tog oppelos?
Je ging, nadat we kleikorrels krege, weer keurig oppe bak.
De kap wert er voor jau selfs affehaalt.
Ooooh wat ware we tjos op jau datte we keutels opeens in de bak sagen ligge fan jauw.
Dus daar kan het niet aan ligge datte er niet meer ben.

Ons plekkie

Fond je mij niet meer weuk? Was het toch het ruige pele? Ikke weet nog dat we onse eerse muis kwegen. Fan mamsie gekreeg!!
Wat ware we er bang voor, hè? Maar jij was de dapperste van ons tweetjes. Jij liep op de gefaarlijke muis af en gaf hem tikkies hihihi. Nau… toen durfte ik het ook. Na het pele ginge we altijd evve flink sjapen. Ikke slaap nog steeds op ons plekkie hoor, alleen een paar sentiemeeter ferder. Ik lig nu ook in een egt mantje, of ik ga onner de taafel slapen. Bij die grote middepoot. Waar we ook veel sliepen.

Me frientjes

Ikke snap het nie Poppy. As ik nou heel wief sorrie seg, kom je dan weer terug? Ikke seg het heel eerlijk Poppy… ik mis je zo.
Kijk… tijger en beertje zijn lief hoor en ik peel ook gjaag met ze. Ik kan bijten joh, niet normaal. Keihard hihihi.
Ikke was nog een klein manneke toen ik se kweeg. En beer en tijger waren groot joh!! Iedere keer as ik met ze wau wopen struikelte ik.
PLOF
Me mense zaten er hard om te lachen. Maar nou ben ik keigroot en ook lootzwaar. En ik loop met beide door het hele huis.
Ikke hep het zelfs voor elkaar gekreeg dat ik se beide kweitraakte. Ooooh hihihi mij mense soggen zich wot. Maar gewukkig vonden ze me frientjes steeds terug.
Als jij nou tewug komp dan mag jij ook hun vriendje worre. EG!!

Jou bonuseten

Poppy, ikke weet dat toen jij siekies was ikke teets met jau wau pelen. Jij lag bij frauw.
Je sliep alleen nog maar. Soms wau je nog wel wat eten.
Ikke was jawoers. Ikke wau ook ete. Ikke wau ook bij frauw ligge. Maar ik wau ook met je pele.
En dan sloop ik stiekumpies agger frauw en ikke peelte met je.
Dan zei man wat en haalde frauw me bij je weg en zette me oppe floer.
Frauw sei nu niet liefurd tege me en gaf me een koes.
Poppy voelt sig niet so wekker seide se.
Ikke kjeeg jou bonuseten as jij klaar was. Of beter geseg… as je er een paar likkies fan hat ge-eet.
Ooooh dat was superlekker eten seg.
Toene jij weg bleef hielt dat bonusete tjauwens gewoon op. Zo stom!!

De dokter

Poppy… je sei teets ikke foel me so ziek. Je was al een keer eerder bij tante Floor gewees. En je kweeg meesiesijntjes. Die nam je ook bjaaf in. Maar se hiellepe je niet.  Binne een week moes je weer naar de dokker sei-jen se.
Dat was de twaalfte julie.
Frauw was stil. Se keek af en toe naar jou.
Se gaf je bonuseten. Ikke poinkte ook op bet maar ik wert er steets affezet.
Nu niet lieffurt sei frauw. Elluk half uur ging frauw naar jou toe. Met ete of gewoon om te kijke hoe jij was.  Je sliep alleen maar. Frauw sat feel met mij te pele.
Opeens zei frauw Dooremans, pas jij evve op het huis? Ikke moet evve weg.
Se pakte jau op en stopte je saggies in onse kittenreismant.
Tossoooo Poppy sei ik nog en ik ging pele.
Dat was de laase keer dat ik jauw sag.
Frauw kwam een tijt later tewug. Alleen. En een uur later ook mij man.  Ik keek me mensen aan. Ik poinkte op de bank. HUH? Ik rook Poppy oppe arm van frauw.
Maar… maar… wat een rare geur!!
Frauw haar ogen waren nat. Ik riep Poppy… waar benne je?  Frauw sei liefurt, je broertje was heel erg siek.  Se hep alles uitlegt dat je nu niet meer ziek was. Maar Poppy… asse beter was, waarom ging je dan niet mee naar huis?

Poppy… is alles goed met jau? Waar benne nou? Ikke mis je so.

Dorusje

Lieve Poppy,

Poppyhier jou MammaLoesje die van ze eigen nog teege jou wil zegge dat mij hart jou mis. Jij ben mij andere jonge en omdat Mamsie geen erfaring heb met kittes hebbie lang gedacht dattie geboore ben als beebiemeisje. Hoop dattie weet dat het foor jou Mamsie geen ferschil maak. Jij ben blijf foor alteit mij kleine Poppy, wie jij ook ben en waar jij ook ben.
Jou broer Dorus heb alles al gefraag aan jou mij beebie. Jou mamsie wil alleen nog weete offie ook lekker eete heb ofer jou reegeboogbrug? En offie genoeg krijg? Want jij mag niks tekort koome, anders moet Mamsie naar boofe koome. Jij ben en blijf mij kleine zwarte Paarel, mij blek bjuutie. Jij zit in jou mamsie ze hart en alles in jou mamsie zeg dattie jou zo graag langer bij ze eigen had gehad. Maar soms ga het zo en dan moet jij akzepteere.
Mamsie heb er nog steeds ferdriet van maar zij weet ook, jij ben nu boove en jij ben nie alleen. Jou Oma Prinses Katrientje sorrug foor jou eigen en jij heb jou oom Vlo en oom Fynn. Dan hebbie ook katerpraat, dat is belangrijk.
Iedere avond als jou mamsie op ze denkpaal lig en zij kijk naar ze heemel dan zie zij een kleine, lieve ster. Dan foel mij hart, jij zwaai naar ons. Naar jou mamsie en naar jou broer Dorus. Dan foel jou mamsie ze traan van ferdriet en geluk. Want jij zal altijd straale mij jonge, recht in jou MammaLoesje ze hart.
Mamsie fergeet jou nooit, jij blijf mamsie ze kleine, zwarte beebiePop

MammaLoesje

Het gewone leefe is weer terug

gewone

Eerst was het keiheet, daarna moest ik bijkomen en toen ik klaar was met de dutjes werd ik wakker en ik foelde het meteen. Het gewone leefe is weer terug.

Nieuw

Gewoon is dat ik alles weer kan doen zonder dat ik te warm of te moe ben of dat ik foel ik heb geen puf. Dus dat is goed. Alleen is het raar dat ik nou ook wel nieuwe dingen doe en ik zal zeggen wat die zijn.

  •  ik lig nou graag midden op het tapijt dat komt omdat in de hitte het waaiding daar stond en daar was het lekker koel dus mijn gefoel zegt hier kan ik goed liggen
  •  ik heb nog steeds dat ik overdag een nat hapje krijg wegens dat ik helemaal niet gemakkelijk drink, en als ik mijn natte hap heb dan ga ik geen gewoon water drinken natuurlijk
  •  ik verhaar nog steeds meer daar kan ik niks aan doen als zoiets eenmaal begint dan gaat het verder

Raar, he?

Misschien is dit nou ook gewoon, dat weet ik nog niet. Als het leefe verandert, moet ik er altijd aan wennen.

Wennen

Wennen dat is dat je iets nieuws moet doen tot het gewoon is, en als het gewoon is, dat hoort het bij je leefe. Ik kan best wennen aan elke dag sneks in water op een bordje maar ik heb thuis al gehoord dat ik weer gewoon water moet drinken. Maar ik hoorde ook dat ik overal mag liggen waar ik lekker lig dus ook middenop het tapijt dan stapt ze over me heen, dus dat is goed nieuws. Het verharen daar ben ik nog niet uit hoe dat moet.

Wennen dat doe je ook aan als iets fijner is. Toen ik verkering kreeg moest ik wennen aan dat een mooie en liefe poes als Loesje met mij samen wilde zijn, en dat ze het echt helemaal wilde. Dan zei ik soms maar ik ben ook bang als kater wil je dan liefer een stoere katerman. Of ik zei dat er een stuk uit mijn oor was. Of dat ik dingen niet wist. Maar ze wilde alleen verkering met mij en dat was zo fijn daar moest ik ook aan wennen. En nu hoort verkering ook bij mijn gewone leefe.

Ik hoop dat alles nou gewoon blijft, echt waar.