Categorie archieven: uit mijn leven

Pootjes voor Dorus

gefoeligGisteravond had ik mijn boekpresentatie en wie was er ook: Dorus. DIe jonge katerman krijgt vandaag zijn operazie voor uweetwel. Het is een gefoelig onderwerp.

Wachten

Je kunt als katerman of poes of weer wat anders niks doen, je moet afwachten tot zijn frauw komt zeggen dat alles in orde is. Dat is best moeilijk als je om iemand geeft. Dorus is een liefe jongen.  Hij hangt ook erg aan mij geloof ik. Ik weet er niet altijd weg mee, daar ben ik heel eerlijk over. Dat jonge spul is zo wild en zo vol energie. En ik ben erg van rust, dus dat is anders.

Operazie

Een hele tijd terug heb ik ook een operazie gehad. Heel erg vroeger ook die jeweetweloperatie maar daar weet ik gelukkig niks meer van. Die andere operazie was voor mijn tanden. En iedereen leefde heel erg mee. Liefe woordjes. En vragen hoe het gaat. En ze deden nog iets anders.

Pootjes

Je hebt dus als dier kracht in je poten. In alle vier. En je hebt gefoel en je hebt dat je kunt denken dus bij elkaar is dat heel veel. Dat is energie. Ik kan het niet goed uitleggen. Je kunt zeggen dat is gek maar je moet het erfaren.  Dus als je je dan konsentreert en iets met je poten doet dan helpt dat Dorus.  Toen ik de operazie had deed iedereen pootjes voor mij. En ik ben heel goed door de operazie gekomen dus.

Daarom doen we dat vandaag voor Dorus. Het is nog zo’n jonge jongen. En als je hem ziet weet je meteen dat kan heel wat worden. Dus dat willen we met hem beleven.

Mensen kunnen het ook maar die moeten een eigen manier zoeken. Dit is voor dieren, dus maakt niet uit of je een kat of hond bent of weer wat anders, we zijn hier allemaal vrienden en vrienden helpen elkaar.

Wat voor gefoelens heeft een kat?

gefoelens

“Bertje, kijk niet zo knorrig,” zei mijn vrouw. Ik keek niet knorrig. Ik keek gewoon en ik lag op de bank en dat was best fijn.  Dus ze zag het niet goed of ik keek verkeerd.  Dus toen dacht ik aan gefoelens en hoe je dat kunt zien.

Staart

Het gemakkelijkste om te zien hoe ik me voel is mijn staart. Ben ik keispannend aan het spelen dan is die staart dik en ik zwiep er soms mee. Ben ik helemaal ontspannen en rustig dan maakt het mij niet uit waar mijn staart ligt, die zit toch aan me vast dus daar hoef ik helemaal niet altijd naar om te kijken. Maar ik ben wel meer dan een staart.

Oortjes

Soms heb ik hele moeilijke gefoelens. Dat ik bang ben. En onzeker. Dan weet ik het helemaal niet meer. Dus dan wil ik er even niet zijn en dan leg ik mijn oortjes plat dan ben ik kleiner dat scheelt alweer.  Mijn vrouw praat dan zachtjes tegen me en ze aait me heel erg voorzichtig. Het helpt omdat ik dan weer weet dat ik er mag zijn  precies zoals ik ben en dat ze op me past en voor me zorgt omdat ik haar liefe grote jongen ben. Als ik me beter ga voelen dan gaan mijn oortjes ook weer omhoog.

Stem

Aan mijn stem kun je ook horen hoe mijn gefoelens zijn. Wanneer mijn vrouw te lang weg is geweest en ze komt terug dan sta ik bovenaan de trap keihard te miauwen dat is omdat ik blij ben en opgelucht en boos en van alles dat er dan uit moet. Ze luistert naar me en ik meewww door en het gekke is dat ik uit mezelf niet kan ophouden. Pas als zij zegt, “nou gaan we naar de kamer”, dan hou ik op.

Meer

Ja en je hebt ook hoe mijn vacht is, en hoe ik kijk, en alles van ligchaamstaal dat is gewoon te veel om op te noemen. Dus hoe ik kijk dat is maar één iets. En als ik knorrig kijk dan ben ik nog niet knorrig. Behalve als ik geen sneks krijg, dan wel.

Hoe ik ’s nachts op bed spring

op bed

’s Nachts slaap ik ook op het grote bed boven. Niet de hele nacht, dat duurt me te lang en ik wil beneden ook in de vensterbank zitten en naar de autolampen kijken. Maar dat op bed springen gaat niet vanzelf.

Samen

Volgens mij heb ik geen artroos ofzo. Het is alleen, op bed springen vind ik gewoon niet gemakkelijk. Traplopen doe ik het liefste als mijn vrouw achter me is dan doen we het toch samen en dat scheelt gewoon. Maar in bed ligt zij altijd als eerste of ze gaat als tweedes liggen. Dus op bed springen, dat is iets waarvan ik elke keer weer denk: hoe doe ik dat?

Mijn plek

Mijn stuk bed is alleen voor mij. Er ligt een dekbed opgevouwen en daarop ligt een handdoek. Lekker warm. En ik weet dus dat daar mijn plek is. Mijn vrouw slaapt er niet, dus ik kan er liggen wanneer en hoe ik wil. ’s Nachts sta ik soms voor het bed en dan kijk ik ernaar en dan weet ik het even niet.  Waarom weet ik niet precies. Er ligt veel, dat is dan mijn gefoel. Maar als we samen naar bed gaan dan kan ik het wel.

Gisternacht had ik het opeens. Ik kon best op het bed komen, ik moest alleen ergens anders opspringen. Ik liep langs het bed en daar zag ik een stuk lege ruimte. Er was helemaal niks op het bed. Naast de ruimte lag mijn vrouw. Dus het kon, wist ik.

Bam

Ik zette flink af en BAM  daar was ik op het bed. Het ging gemakkelijk, mijn vrouw was wakker en zei Bertje en ze ging opzij dus ik liep door naar mijn eigen plek.  Liggen. Hè, lekker. Ze aaide me en vroeg waarom ik nou opeens daar moest springen. Ja, er was ruimte. Dan lukt het beter. Volgens mij moet je een kat zijn om dat te snappen, het is zo logies, dat vind ik dan.

 

Wanneer ik graag op de foto ga

op de foto

Op deze foto dacht ik net: nou even niet. Maar ja ik lag net bijna en mijn vrouw knipte en toen stond ik toch op de foto. Wanneer ga ik graag op de foto?

Gewend

Eigenlijk ben ik het gewend. Dat ze steeds foto’s van me maakt. Op de eerste dag dat ik hier woonde en bijna sliep op de bank, toen begon ze al. Dat merkte ik net nog. En de dagen erna ook en het is nog steeds zo. En als je iets gewend bent, dan doe je gemakkelijker mee. Maar daarom is het nog niet altijd leuk. Nou ja soms wel en soms niet. Als ik geen zin heb, ga ik op mijn andere zij liggen of ik knijp mijn ogen dicht.

Samen

Het leukste is als we het echt  samen doen. Dus dan heb ik eerst wat lekkers gegeten en me gewassen, dat is ideaal. Wegens dat ik me goed en schoon voel. En zij heeft echt de tijd, ook om te zeggen hoe ik moet doen.

  • Bertje, kijk eens omhoog.
  • En nog een keer tegen het balletje, komt het
  • Nu over je schouder naar me kijken
  • Hou dat vast dat is mooi

Ik doe gewoon mee en als u denkt maar snap jij dat dan, dan zeg ik ja want ik ga hier al jaren op de foto en als je als gevoelige katerman zijnde heel lang met een vrouw woont dan snap je heus wel wat ze bedoelt. En zo moeilijk is het niet.

Adfies

Dus dat is ook mijn adfies voor als foto’s maken moeilijk is. Eerst eraan wennen maakt niet uit hoe je op de foto staan en ze hoeven heus niet op feesboek. Dan het samen doen dus zorgen dat je je goed voelt en dat het gezellig is.  Zo heb ik het geleerd en nou kan ik het.

 

Waarom keihard spelen soms gewoon moet (hele film)


Net toen ik zeker wist dat de stijger er voor altijd zou staan, kwam er even een raar lawaai en toen was de stijger weg. Helemaal weg. Ik snapte gewoon niet dat het kon.

Mijn vrouw zegt dat de stijger er maar drie dagen heeft gestaan maar mijn gefoel zegt dat ik geeneens meer weet hoe mijn leven was voor de stijger kwam. Dat is omdat ik eerst bang was en toen keihard ging spelen wegens de spanning.

Lekker dagje

Ik speel haast nooit keihard. Als ik me mezelf voel, dan lig ik het liefste te rieleksen. Een knuffel erbij, een brokje tussendoor, even in de vensterbank naar de straat kijken, gewoon dat je zegt: een lekker dagje. Heel af en toe rol ik wat heen en weer op het tapijt, dat is als ik me supertevreden voel. Ook tik ik weleens tegen een lintje, maar dat duurt nooit lang.

Spanning

Maar nou met die stijger,  ik weet het niet, opeens voelde ik iets in me. Dat keiharde willen spelen. Wegens dat ik allemaal moeilijke gefoelens had en daar moest ik iets mee, en dan samen. Want ik kan wel heen en weer gaan rennen op de trappen maar ja hoe gezellig is dat als je samenwoont. Plus ’s nachts hoor je zoiets beter.

Dus ik zitten en MEWWW doen. Dat mijn vrouw meteen wist er is iets seeriejeus. Ze kwam en toen deden we onder-de-lap. Ik vond het meteen keispannend. En ik ging strekken en springen en van alles waarvan ik geeneens wist dat ik het in me had.

Daarna moest ik heel erg op de bank bijkomen van mezelf.  Keihard spelen, dat kost heel erg veel energie. Dus ik was wel rustiger, dat is zo.

Weg

De dag erna ging de stijger opeens weg. Toen moest ik daar weer aan wennen. Eerlijk waar, ik maak veel te veel mee, dat vind ik.