Kater Bolle over als er een kans is

kans

Al bijna vijf jaar woon ik bij mijn mensen in huis, en ik ben helemaal gewend. Aan mijn mensen en aan mijn huis. Mijn mensen zeggen weleens dat ik bijna een normale kat ben geworden.
Dat hadden we alledrie niet verwacht.

Blijven proberen

De kattenterapuit die een keer voor mij kwam zei dat er maar 1 of 2 proosent kans was dat ik een huiskater zou worden. Dat is wegens mijn verleden als zwerfkater die mishandeld is, en die niet meer binnen durfde te wonen.
Het is twee jaar heel slecht met mij gegaan. Mijn mensen dachten dat ik me nooit veilig zou voelen. Ik was alleen maar bang, zeker nadat mijn Molletje een ster werd. Ik kreeg pukkels en likte mijn haren weg. Maar ik bleef toch bij mijn mensen wonen. En mijn mensen bleven het proberen met mij.
Gelukkig maar, want we horen bij elkaar. Dat weten we alledrie. En nu is alles toch nog goedgekomen.

Bescheiden

kansIk ben nog steeds heel bescheiden. Zo noemen mijn mensen dat. Ik maak nooit iets kapot, ik doe niks wat niet mag en ik vraag nooit ergens om. Dat hoeft eigenlijk ook niet, want ik krijg alles wat ik wil.

Maar soms durf ik ineens te zeggen Hier ben ik!

Prrrr-miep

Gisteren was mijn vrouw in de badkamer, terwijl het eigenlijk tijd was voor mijn avondsnek. Ik hoopte op blokjes runderhart, dat vind ik superlekker. Die had ik al twee avonden gekregen en er was nog meer in de koelkast, dat had ik gezien. Maar mijn vrouw bleef maar in de badkamer, ik heb geen idee wat ze allemaal aan het doen was. En ik maar wachten.
Na een hele lange tijd werd het me toch te gek. Toen heb ik aan één van mijn krabplanken gekrabd. Die hangt aan de badkamerdeur, dus dat hoort mijn vrouw meteen. Ze riep Ja Bol, ik kom er aan. Maar denk je dat ze echt naar buiten kwam? Nee hoor. Dus toen heb ik weer aan mijn plank gekrabd , eerlijk waar KEIhard, en deed ik ook nog Prrrr-miep!
Nou, ze kwam meteen en ik kreeg eindelijk mijn snek. Inderdaad runderhart, mjammie!

Surfen

kansDe dag daarvoor had ik met mijn mensen met de veer gespeeld. Ik had gesurfd over mijn tasjes en ik was zelfs een keertje bovenop de hand van mijn man gesprongen. Daar moest hij om lachhen, dat ik dat deed.
Maar na een tijd gespeeld te hebben gingen mijn mensen andere dingen doen. Ze vonden dat het genoeg was geweest. Ik niet.
Ineens zei mijn man Bol is in zijn eentje aan het surfen!
En ja, dat was ik inderdaad aan het doen. Ik nam steeds een klein aanloopje en gleed dan op mijn buik over mijn tasjes. En ik sloeg met mijn voorpoten op de tasjes, alsof er nog een veer onder verstopt zat. Om te laten zien dat we nog meer moesten spelen.
Dus toen hebben we toch nog met zijn drietjes gespeeld, dat vond ik superleuk.

Stiemuuleeren

Als ik om iets durf te vragen krijg ik altijd veel kompliementen van mijn mensen. Ze zeggen dat ze het heel goed van me vinden. En dat ik zo dapper ben. Mijn man zegt altijd Trek je een te grote broek aan Bol? Eerst werd ik daar verlegen van, nu weet ik dat dat een grapje is. Want ik draag natuurlijk geeneens een broek.
En weet je wat zo leuk is? Altijd als ik om iets vraag krijg ik het ook. Want mijn mensen willen me stiemuuleeren om voor mezelf op te komen. Ze weten dat ik daar geen misbruik van maak, zo ben ik niet.

Kans

kansNu met dat fierus cooroona lijkt het soms wel alsof alles voor altijd is veranderd. En niet leuk veranderd, maar verdrietig veranderd. Mensen worden ziek en soms niet meer beter, en je mag heel veel dingen niet meer. Ook als kat merk je dat natuurlijk.
Je kan misschien denken dat het nooit meer goed wordt, dat het altijd zo blijft. Dat iedereen alleen is en elkaar niet aan kan raken.
Maar ik denk: je weet nooit hoe dingen nog kunnen veranderen. Als er maar één of twee proosent kans is, is dat genoeg.
Je moet vol blijven houden, ook al zie je het soms helemaal niet meer zitten. Ook als je denkt dat het allemaal geen zin heeft en dat het nooit meer goed komt.
Dat heb ik ook gedaan.
En je ziet wat daarvan is gekomen.

Pee Es.

Ik doe pootjesdraaien voor Loes, dat de operazie goed gaat!

kater Bram over waar hij slaapt en zijn bedje

bedje

Hoi allemaal, ik hoop dat jullie een fijn wiekent hebben. Tante corona is er nog steeds maar dat vind ik niet erg. Mijn vrouw is nu vaker thuis en dat is gewoon fijn.

Mijn huis

Fandaag wil ik jullie meenemen naar mijn huis en waar ik dan slaap. Ik woon namelijk met een woef Toby en een gevonden poesemeisje Mila, dat is mijn zusje nu. Waar ik woon is een gewoon huis met een voortuin en een achtertuin. De voortuin zie ik alleen maar door de raam als ik op de vensterbank zit. De achtertuin is waar ik altijd mijn kontroole doe. Maar nu ga ik je vertellen waar ik allemaal slaap.

Mandje

bedjeIn de woonkamer waar mijn mensen zitten, daar heb ik een grote krabpaal. Hij is best toegetakeld door Mila en mij maar dat geeft niks. Op een van de plaatoos ligt een oranje mandje. Volgens mij komt dit van Smilla af maar ik weet het niet zeker. Daar dut ik het liefst in. Het mandje heeft een ronde rand waar ik dan als een bal tegen aan kan kruipen. Ik vind het namelijk fijn als ik een rand voel zodat ik me veilig voel. Dat ik weet dat ik er niet uit kan vallen. Want soms lig ik best raar. Ik vind het niet raar maar mijn vrouw zegt dat ik raar lig. Ik lig dan bijvoorbeeld op mijn rug met mijn poten alle kanten uit. Ik lig dan ook een beetje krom zoals een banaan. Dat mandje is mijn favoriet. Daar doe ik ook de gewone dutjes in.

Kamers

Als ik de trap op loop, heb ik drie kamers waar ik kan dutten. Een daarvan heeft een hele fijne stoel. Die is groot, zacht en donker van kleur. Als ik op de stoel spring landen mijn pootjes in een soort wolkje, zo zacht is de stoel. Mijn lijfje wordt dan ook zacht van binnen. Ik wil meteen gaan trappelen en draaien zodat ik een fijn bedje heb.
In mijn kop word het dan heel rustig, ik ga niet meer denken over de beestjes of over de tuin. Ik doe alleen een tjek en dat is: is mijn buik vol? tjek, ben ik op de bak geweest? tjek! Mooi dan kan ik liggen en mijn oog dit doen.

Bed

Ik ga weer even verder want we hebben nog een trap en die gaat nog hoger en daar ben ik het liefst. Daar staat een bed, die van mijn vrouw. Het is een zolder met allemaal spullen. Er staan dozen, wasmanden, kasten, dresswaar en nog wat kastjes. Mijn muisjes liggen hier ook.
Soms vind ik een doos fijn om te slapen maar eerlijk is eerlijk, ik wil gewoon altijd bij mijn vrouw slapen. Zij heeft een mega zacht bed. Als je poten op dat bed staan dan wil je gewoon lam zijn. Dat je niks meer hoeft. Dat je lijf vanzelf gaat liggen. Je hoeft niet eens te trappelen, zo zacht. Meestal ga ik gewoon ergens op haar bed liggen. Soms pak ik haar kussen want dat ruikt nog meer naar mijn vrouw en dat maakt me rustig in mijn kop.
En als het avond is en mijn vrouw gaat slapen dan is er een speesjaal plekje vrij voor mij bij haar buik/borst. Dan zegt ze: Kom maar Brammie, gaan we fijn slapen. Nou dan weet je het wel. Ik loop naar haar toe, laat me vallen en geniet van al dat gefriemel. Ik krijg kusjes op mijn kop en haar handen kriebelen overal. Ze gaat zelfs met haar handen over mijn borst kroelen en dat maakt me zo slaperig. Dat borstkroel heb ik van Bertje geleerd. Dat is mijn avond-maasaasje denk ik. Dan wil ik alleen maar liggen en spinnen. Ik ben dan zo lam dat ik niet eens mijn poot kan optillen. En dat wil ik dan ook niet. Ik vind dit de allerfijnste dut die ik heb.

Ja hoor ik ben serieus aan het verharen

verharen

Af en toe een haartje verliezen dat kan best. Dat heeft iedereen.  Dus ik ook. Maar nou is het anders. Ik ben serieus aan het verharen.

Thuis

Er zijn katten die het leuk vinden. Of gewoon. Die denken nou lekker, een zomervacht. En dan laten ze zich thuis kammen en borstelen of aaien met een speciale handschoen en  dat vinden ze dan ook goed en fijn. Ik heb het allemaal geprobeerd met mijn vrouw en ze deed heus haar best dus aan haar lag het niet maar ik vond het allemaal even eng. Het foelde als vreeemd op mijn vacht en gefaarlijk dus dat wilde ik niet.

Wat mijn vrouw nou doet om mij te helpen is aaien. en dan maakt ze soms haar hand een beetje nat. Dat is voor de losse haren. Maar haar hand is wel warm dat is belangrijk.

Voordeur

Ik wil eigenlijk niet verharen. Want als ik ’s morgens aan de voordeur ruik dan is het koud. En ’s avonds ook.  En ’s nachts helemaal. Dan is mijn neus meteen koud en mijn oortjes ook en dan wil ik meteen naar de slaapkamer, daar is het warm. Dat weet ik zeker dat ik mijn wintervacht nodig heb en net nou is die dunner aan het worden. Erg, hè?

Haren

Gisteren wilde ik op mijn kussen gaan liggen en toen zei mijn vrouw: “Wacht even.” Dus ik wachten en ze veegde zomaar hele plukken van het kussen. Dat heb ik anders nooit. En soms als ik uit de vensterbank spring dan foel ik gewoon dat er haren uit mijn vacht gaan. Dat heb ik anders ook al nooit. Ik hoop dat ik nog vacht overhou maar dat weet ik niet zeker.

Van thuis krijg ik gelukkig steun. Extra aaien ook voor het fijn. En fijne gesprekjes over warm weer. En liefe woordjes. En laatst kreeg ik ook zomaar tussendoor soep, toen dacht ik misschien is verharen helemaal niet zo erg.

Loesje vertelt over assie bijwerkinge heb en mij operazie

operazie

Foorige week heb ik u fertel dat mij dokter mij nog meer antibiootie heb gegeeve. Hij zeg Loes moet heelemaal beeter zijn dus hebbie meer antibiootie noodig. Mij vrouw heb het met mij dokter aan ze teelefoon besprooke.

Antibiootie

Zij zeg Loes nies nog steeds en toen konnie koome foor mij antibiootie. Mij eigen is niks gefraag. Mij vrouw zeg Loes het is foor jou beswil, jij moet beeter worre. Dan kan jij hoog springe of jij kan laag springe, jij kom er nie onderuit. Gelukkig spring ik van mij eigen nooit, behalfe als mij vrouw mij ferse tonijn serfeer. Dan spring ik in mij gedachte zo een gat in mij lucht. Maar foor mij antibiootie kom ik nie in mij beweeging.
En ik zeg u eerluk, jij wor er nie fitter van. Van mij eigen slaap ik nu nog meer. Mij vrouw zeg Loes het zijn bijwerkinge. Dan schrik jij wel want van mij eigen geef ik niks om bijwerkinge. Assie zofeel moet niese dan hebbie daar al genoeg mee te stelle foor jou eigen. Waarom moet jij dan ook nog jou bijwerkinge krijge van jou antibiootie?

Ongelukje

Misschien fraag u ze eigen af welke bijwerkinge ik van mij eigen heb gekreege van mij antibiootie. Mij dokter zeg, Loes heb misschien minder eetlus! En zij kan last krijge van ze darme en dattie ze eigen misseluk foel en misschien moetie ook nog spuuge! Assie soies hoor dan fraagie jou eigen wel af offie nie beeter gewoon kan blijfe niese. Dan weet jij wattie heb.
Maar mij vrouw zeg Loes het is tijdelijk! Het is foor jou gezond en alles kom goed. U weet van mij eigen ben ik poesietief, maar jij kan ook oferdrijve! Minder eetlus heb ik van mij leeve nog nooit gehad en ook nie van mij antibiootie. Mij dokter snap er niks van maar mij vrouw ken mij gelukkig goed. Zij geef mij eigen gewoon mij eete, alleen doe ze er nu stiekum mij antibiootie in. Assie het goed ferstop eet ik alles gewoon op en mij vrouw heb er nu zofeel erfaring mee. Jij wil het nie weete.
Mij darme heb er ook geen last van gehad anders had mij vrouw het wel teege mij eigen gezeg. Alleen had ik foorige week wel mij ongelukje en assie een nette poes ben zoals mij eigen dan hebbie daar jou heele avond nog last van.

Troos

Mij vrouw had mij eigen net ferwen met mij zallum en het was patee. Mij antibiootie was ferhoog, dan moet jij weer wenne. Jij heb er geen errug in en jij eet met jou smaak en jou eene tand als offie twee weeke niks heb gehad. Mij vrouw was thuis en assie thuis is ga ik altijd bij mij vrouw ligge. Dattie saame ben en jou geluk foel in jou hart. Maar assie zo misseluk ben van jou antibiootie foel jij weinig geluk in jou hart.
Toen heb ik gespuugd, ik zeg het u eerluk.
Drie keer en al mij zallum lag in mij huiskaamer. Jij wil het nie maar jij kan het nie teege houwe. Ik vin spuuge niks aan en mij vrouw heb ook liefer verse freesiejas op ze taafel. Maar zij heb het wel opgeruim en zij heb mij zachte knuffels gegeeve. En zij zeg Loes, het geef nie het zijn bijwerkinge! Jij kan er niks aan doen van jou eigen. Toen heb ik nog mij heele tijd naar mij vloer zitte staare. Jij ben heelemaal uit jou eigen doen. Jou zallum had ze beetere lot ferdien.
Mij vrouw heb mij getroos en wij heb saame in mij bank geleege. Mij heele avond heb ik boove op mij vrouw geslaape op mij eigen deeke. U kan het zien op mij footoo. Daarna kreeg ik van mij vrouw nog mij beetje tonijn. Ik wilde meer maar mij vrouw zeg Loes, rustig aan. Hoe kan jij nou rustig aan doen assie mij tonijn geef en assie niks meer in jou buik heb. Bijwerkinge zijn moeiluk.

Teelefoon

Nu zijn mij bijwerkinge ofer en mij niese is gestop. Mij vrouw heb mij dokter weer opgebeld met ze teelefoon. Mij dokter heb het zo druk, mij vrouw moes heel lang wachte. Toen heb wij saame geslaape want mij vrouw had in mij nacht ook mij tonijn ferdien.

Operazie

operazieOm drie uur in mij middag belde mij dokter mij vrouw met ze eigen teelefoon terug. Hij zeg, we gaan het doen! Van me eigen lag ik nog bij mij vrouw op ze schoot. Mij hart foelde mij vrouw ze schrik. Toen heb ik met mij angst in mij oog mij vrouw aangekeeke. Jij weet nie waar het ofer ga maar jij foel, het is moeiluk. Mij dokter heb gezeg Loes krijg ze operazie maar ze mag nie weer gaan niese. Dan heb ze een rie-sie-koo. Loes moet gezond zijn en haar neus moet schoon zijn. Offie mij eigen ooit ga zien met mij fieze neus! Van me eigen ben ik schoon, mij vrouw zeg jij ben schoon bijna vijf kieloo aan mij haak! Dan kom jij weer tot jou eigen want jij weet jou vrouw akzepteer jou eigen zo assie ben.

Wennen

Mij vrouw zeg Loes, mij lieve Loes. Wij ga nu eeve aan het ideej van jou operazie wenne en jij ga nog ferder opknappe nu jou antibiootie stop. Assie niemeer ga niese krijgie jou operazie. En het is op donderdag 23 april. Gelukkig weet ik van mij eigen nie wanneer 23 april is, jij krijg er alleen maar jou zeenuuw van…

Loesje

 

Waarom ik in en uit de kast spring

kast

Ik mag niet in en uit de kast springen die op de slaapkamer staat als het nacht is en toch doe ik het. Dat gaat bijna vanzelf.

Wat niet mag

Thuis mag ik heel veel,  geloof ik. Want wat ik niet mag is best weinig:

  • ik mag niet aan kabels knagen, nou daar heb ik geen zin in
  • ik mag niet naar buiten,  toefallig ben ik liever binnen
  • ik mag niet eten van mijn vrouw haar bord, net of menseneten altijd lekker is

En nou is er dus iets anders bij:

  • ik mag ’s nachts niet in en uit de kast springen die op de slaapkamer staat

Over de kast

Die kast kwam er een paar jaar geleden. Allemaal rare geuren van heel veel planken, toen ging mijn vrouw van die planken een kast maken en die was heel groot. De kast stond in een hoek van de slaapkamer en eerlijk waar, ik heb maanden gedaan of die kast er niet was. Ik vond het eng.

Daarna rook de kast naar thuis en toen dacht ik, wat is dat eigenlijk voor kast. Ik kijken. Er lag een handdoek in, dat was voor mij. Dus daar ging ik soms op liggen. En ik zag bijna bovenin een ruimte waar ik misschien wel in kon springen.

BOOM.

Ik was in de kast.

BOOM.

Ik was uit de kast. En ik voelde me oer.

Nacht

Daarna ontdekte ik iets gaafs. Dat is dat het ’s nachts nog veel leuker is. Dan is het huis donker en stil en wegens dat mijn vrouw slaapt is het huis eigenlijk van mij dus ik kan doen wat ik wil. En dat is in en uit de kast springen. Het klinkt keihard als ik op de planken kom. En ook als ik in de kast kom.

Soms moet ik wel zes keer springen eer mijn vrouw wakker wordt. Dan roept ze Bertje. Eerst dacht ik dat is een compliment. Toen zei ze dat het springen ’s nachts niet mag.

Dus dat weet ik nou. En ik weet ook dat ik toch weer spring het gefoel is gewoon sterker dan ik.