Waarom elk moeilijk leefe toch fijn kan worden

moeilijk

Liefe allemaal ik wil wat zeggen tegen iedereen die het moeilijk heeft. Dus met verdriet of problemen of dat je bang bent. Dat had ik vroeger ook. Maar mijn leefe is fijn geworden dus dat kan voor iedereen.

Verkering

Vandaag heb ik vier jaar verkering met de liefste poes die er is en dat is Loesje, zij schrijft hier ook. Ze steunt mij altijd en als ze denkt nou klaagt Bert veels te veel dan is ze streng tegen me en dan doe ik ook wat ze zegt en dan weet ik later dat ze toch gelijk had. Loes en ik zijn altijd samen, we sturen elkaar berichtje en we meelen en dan hoef je ook je huis niet uit. Dat is ook al fijn.

Samenwonen

Vroeger toen ik nog op straat moest leven, toen was het leefe moeilijk voor mij. Eten is moeilijk. Liefde is moeilijk. Slapen is ook moeilijk. En mijn gezond werd slecht. Zo kwam ik in het hospitaal en daarna in het asiel. En daarvandaan kreeg ik een thuis dat is waar ik nu woon. Dat had ik nooit verwacht want ik was best oud en ik had angstklachten dus ik dacht niemand wil mij en toen vond ik een vrouw om samen te wonen.

Dus eerst kreeg ik een thuis. En na een poos kreeg ik computertijd. Zo ontmoette ik Loes en ik vroeg haar om verkering en ze zei ja.

Jarig

Waarom zeg ik dat vandaag dat is omdat ik vandaag vijf jaar geleden uit het asiel hier kwam wonen en toen werd deze dag mijn verjaardag. Ik ben jarig en ik ben nou 12 jaar ongefeer in het asiel wisten ze het niet zeker.

Fijn

Als u moeilijkheden in uw leefe hebt en u bent er emo van, dan kunt u denken: nou bij Bertje is het ook in orde gekomen. Eerst was hij straatkater en toen asielkater en nou heeft hij een thuis en verkering en vrienden. Dus het leefe kan weer fijn worden!!

kater Dorus over binnen wone en buite sjape

sjape

Hajoooo iedeween. Het is weer mijn beurt op dese dinsedag. Waar gaat ik het over hebbe?  Oofer buite sjape.

Fies

Uwes weet… ikke kom buite. Ik ben geboore als buitekat. Een boererijkater met knikkers. Toen ging ik afsjeit neme van me frientjes op de boererij om in een woo-ning te gaan woone.  Inne begin mog ik nog niet echt naar buite. Alleen met me mense er bij. Pas met drie maandjes liet frauw me naar buite gaan.
Wat foelde ik me stoer!! Ikke ging zwart naar buite en kwam steeds grijs en fies naar binne hihihi.
Ikke rolde overal in. Frauw liep maar te moppere over mij ommedat ze mij moes sjoonmake.

Me faggie

sjapeTeegewoordig let ik bes wel op me faggie. Ook ommedat MammaLoes (dikke koes) er teets wat fan seg. Maar ook foor mij Jiekie wil ik me sjoon hauwe. Froeger wau ik, net asse Jiekie hep, ook kwullies.
Ikke sat iedewe dag pootjes te djaaie dat ik ook mooie kwullies zou krijgen. Maar helaas. Ikke ben en blijf zwart met korte haartjes.
Maar ikke dwaal af hihihi. Het zonnetje laat zig weer wat faker zien en ik mag, asse me mense thuis zijn, de hele dag naar buite. Tot ag uur inne aafond.

Onnebijtje

Eers maak ik me mense wakker omme 5 uur. Want dan wil ik me onnebijtje. Dan kjijg ik 2 noepies en dan ga ik verder ete. Zodra het lig word dan wor ik onnewustig. Ikke dribbel door het huis en frauw siet dat en seg dan wil je naar buite?
Dan lope we naar de keuke en doet ze de deur ope. Ikke rrrruik eers de frisse lugt. Zo lekker. Dan loop ik naar buite. Ikke tjek alles na en kom weer naar binne om weer wat te ete.

Oortjes plat

Dan gaat ik weer naar buite. Waar de foogultjes fluite. Soms lant er een tuifje inne tuin beneede mij. Of op het dak fanne uitbouw naas me. Ooooh dan ga ik staare en zit ikke helemaal gespanne. Me taartje zwiept dan heen en weer. Ik maak me so klein moogeluk. Oortjes plat en de kunst is om so stil moogeluk te zijn.
En zo kan ik uren zitte hoor. Maar dat doet ik natuurlijk niet. Er is ies wat nog belangerijker is. De binnekant fanne me oogies.

Bijtenken

sjapeUwes allemaal weet… wei katten hebben ook nog onze rust nodig. Evve bijtenken noem ik dat. Ikke zeg het eerluk… ik kan o-fer-al sjapen. Op harde maar ook op sachte onnergront. Bij mij oppe balkon staan djie stoelen en een kattenkrabbelgefal met platoo. Twee stoele zijn hard. Daar zit ik altijd op. Ook op me kattenkrabbelgefal. Dat slaapt namelijk niet zo fijn. Maar ze zijn echt goed geschik als uitkijkpost. En dan is er de bloemstoel. Die lig superlaag en zacht. Daar slaap ik altijd op. Dat gebeurd echtwaar helemaal vanzelf. Doordat het de laase tijd lekker warm is krijg je, als katerman zijnde, de behoefte om evve de binnekant van je oogjes eens goed te bekijken.
Je doet je oogjes dicht en je denk aan nies. Je hoort de fogultjes fluiten en hoppa… snurksnurk.
Nies is fijner dan buite slapen. Je voelt een zacht windje (nee… niet die uit me knoopjesgaatje komp), je hoort de vogeltjes en je denk over hoe fijn het leven is.

Dit was het foor dese keer.
Ik sluit af met een dikke koes
Foor MammaLoes
Toedeledokie

Dorus

Hoeveel water moet ik nou drinken?

Ja hoor het is weer zover, met de warmte moet ik ektra water drinken. Maar echt waar, ik kan gewoon niet heel veel op. Dus nou heb ik wat spanning thuis.

Partysneks

Het begon gisteren al. Mijn vrouw was in de keuken en ik hoorde het ritselen van een zakje sneks. Dus ik zat meteen klaar op het tapijt. Het was vast de wiekent-snek die wil ik niet missen.
Maar ze kwam binnen met een schaaltje water. Daarin dreven partysneks die ik heel graag lust. “Kijk eens Bertje,” zei ze met een blije stem, “ik heb iets lekkers voor je.” Dus ik kijken.

Tegen sneks zeg ik altijd ja.
Tegen water drinken zeg ik altijd ik weet het niet hoor.
Zeker de laatste tijd.

Mijn gezond

Mijn vrouw voelt aan mijn vacht. Ze plukt soms in mijn huid en dan kijkt ze heel intens of de pluk huid omhoog blijft staan. En soms zit ze aan mijn neus om te voelen hoe die is. Het is voor mijn gezond zegt ze.

Maar ik heb altijd water staan en zij weet niet eens of ik ’s nachts drink wegens dat ze slaapt en dan kan ze niet kijken. Zelf drink ik ’s morgens graag wat. Even bij mijn schaal liggen dat ik me er goed op kan voorbereiden. Dan schuif ik wat dichterbij en dan drink ik. Dus folgens mij is het helemaal in orde.

Genoeg is genoeg

Maar dan is het warm. Het raam staat open. Er is zon. Ik ga in de vensterbank liggen slapen. En dan komt mijn vrouw weer uit de keuken met een schaaltje sneks in water, dat heet poezenlimonade.
Ik doe serieus waar mijn best om te drinken. En het is ook best lekker. Maar ik kan echt niet alles op. Ik drink best veel vind ik persoonlijk. Maar genoeg is genoeg, ook al kijkt je vrouw van neem alsjeblieft nog een slokje. Dan ga ik gewoon een dutje doen, dus dan hoef ik even helemaal niks en dat is ook fijn, eerlijk waar.

Kater Bolle over als er een beest door je tuin loopt

beest

Nu het zulk mooi weer is ben ik de hele dag buiten in mijn tuin.  Overdag is mijn tuin rustig.

Biesonder

Er zijn natuurlijk veel mieniekleine beestjes, zoals beien en fliegen en hommels. Die laat ik met rust. Ik vang ze niet, want ze doen mij ook niks. Soms zijn er flinders, die vind ik mooi. Ik kijk er graag naar, ik vind ze biesonder. Eén keer had ik bijna een supergrote liebelle gevangen, maar ik durfde het toch maar niet.
Af en toe loopt er een andere kat over mijn schuurtje, dan ga ik even kijken. En soms blijf ik dan op mijn schuurtje liggen, lekker in de zon.
Maar meestal lig ik in mijn mand of in het gras of op mijn stoel een beetje te dutten. Ik hoef toch nooit echt op te letten.

Snuffelen

beestMaar sinds een tijdje is er iets veranderd.
Als ik lig te soezen in het gras hoor ik ineens geritsel achter de struiken. Er loopt daar iemand!
Ik kom meteen in actie en ren naar de struiken toe. Snufsnufsnuf doe ik, en ik kruip voorzichtig dichterbij. En toch zie ik nooit wie daar loopt, hij is te snel.
Ik weet wel wie het is. Het is een rat, die onder de grond woont van mijn tuin.
Er is een hoekje waar allemaal potten voor planten staan, en daar zit een heel klein gaatje dat je onder de grond kan. Ik niet hoor, ik pas er niet eens met mijn hoofd doorheen. Maar die rat, die woont daar. Elke dag ga ik daar staan snuffelen en rommelen en spullen opzij schuiven, net zolang tot mijn vrouw zegt dat het wel goed is zo. Maar als het donker is ga ik daar toch altijd weer snuffelen, stiekum.

Knuffelen

Mijn vrouw heeft de rat een keer gezien. Hij zag er oud uit, met een staart met allemaal knikken erin. Hij zat eventjes op het terras en rende toen weg. De buurvrouw van de hond heeft hem ook gezien, presies dezelfde. Bij haar zat hij ook op het terras.
Dat komt omdat we in de buurt van een grote rivier wonen. En daar zwemmen ratten in het water. De stoep bij ons in de straat verzakt steeds, wegens die ratten.
Mijn mensen zeggen laat maar lekker zitten, zolang ze niet binnen komen. Je kunt er toch niks aan doen.
Mensen zijn vaak bang voor ratten, vertelde mijn vrouw me. Vroeger brachten ratten ziektes mee. Maar die ziektes bestaan nu niet meer, gelukkig maar. En als je een rat niet aanraakt is er niks aan de hand. En een rat valt je heus niet zomaar aan, als je hem gewoon met rust laat.
Misschien vind je dat ze er eng uitzien. Maar daar kunnen ze zelf niks aan doen, aan hoe ze eruit zien. Er zijn zelfs mensen die ratten in huis hebben, als huisdier. Dat zijn tamme ratten, zo heet dat. Het zijn hele slimme dieren en ze houden ook van knuffelen.

Slim

Ikzelf vind het superspannend dat die rat er is, eerlijk waar. Soms zit ik wel een uur bij de struiken op wacht. Ineens duik ik dan naar voren maar ik krijg hem niet te pakken. Het is een slimme rat, dat is wel duidelijk.

In het donker

beestWeet je wat ik nog leuker vind? Als het donker is. Dan loopt de rat rond door mijn tuin, hij denkt dat iedereen slaapt. Vorige week ben ik twee nachten buiten gebleven. Ik kwam steeds heel even snel binnen iets eten en hallo zeggen tegen mijn mensen. Daarna moest ik meteen weer naar buiten. Ik had geen tijd om te slapen, ik was op jacht.
Na die twee nachten was ik zo moe dat ik een hele dag heb geslapen op het grote bed. Ik was helemaal nok aut, zo druk had ik het gehad.
Niet omdat ik de hele tijd rondloop, dat niet. Ik zit vooral heel stil, ik zit op wacht. Als ik niet beweeg denkt de rat na een tijdje dat ik er niet meer ben. Dus ik zit superstil op mijn stoel of in mijn kartonnen doos. Daar heeft mijn man een footoo van gemaakt.
Het is me nog niet gelukt om de rat te vangen. Of nou ja, eigenlijk héb ik hem al eens gevangen. Dat zag mijn vrouw, dat ik hem ving. Ik hield hem even vast en liet hem toen los.
Weet je waarom? Het is maar een spelletje. Ik wilde hem alleen maar laten zien dat ik het kan. Ik heb binnen veel lekkerder eten staan dan zo’n ouwe taaie rat.
Bovendien is het een slimme rat, ik respekteer hem. Hij mij ook wel, denk ik. Hij is in ieder geval een beetje bang voor me.

Welkom

beestIk doe de rat in mijn tuin dus niks. In mijn tuin is iedereen welkom, vind ik. Als je je maar netjes gedraagt.
Mijn mensen zeggen dat ze nog nooit een kat hebben gezien die zo zachtaardig is als ik ben.
Maar voor mij is het heel logies.
Stel je voor dat ik alle beestjes die in mijn tuin rondlopen op zou eten, dan is er straks niemand meer over. En als ik het enige dier ben in mijn tuin is daar niets aan.
Dan is er niemand meer met wie ik kan spelen.

kater Bram over: mijn zusje Mila

zusje

Hoi allemaal, ik hoop dat jullie een fijn wiekent hebben. De meeste van jullie kennen mijn zusje wel maar niet iedereen. Vandaag ga ik haar voorstellen aan jullie.

Ze heet Mila en ze wordt bijna 8 jaar. Haar verjaardag is geschat op 13 juni 2012. Ze is mijn gevonden zusje. Ik ga je vertellen hoe dat zo ging en hoe dat was.

Zacht miew

Op een dag, ik weet niet meer welke, komt mijn vrouw thuis met iets onder haar tiesjurt. Nou ik was kei benieuwd wat dat was. Want het rook een beetje vreemd. Het rook naar bladeren en grond lucht gemikst met mijn vrouw’s parfum. Mijn vrouw ging op de bank zitten zodat ik er bij kon en kon zien wat ze had. En toen… en toen hoorde ik een geluidje, heel zacht miew. Ik was kei nieuwsgierig naar wat dat was maar ik snapte er niks van. Hoe kon mijn vrouw’s tiesjurt nou mauwen? Mijn vrouw vroeg of ik lief wilde doen. Nou tegen een tiesjurt kan dat toch wel.
Daarna schrok ik een beetje want toen zag ik een beebie kat onder de tiesjurt vandaan komen. Een hele kleine beebie kat. En ik moest gelijk blazen van schrik. Dat mijn oren plat gaan en dat ik niet blij was. De haren op mijn rug waren een beetje omhoog omdat ik bang was. Ik wist niet wat dit was. Mijn vrouw vertelde me dat ze dit kitten in het bos had gevonden zonder mama of broertjes of zusjes. Het was daar helemaal alleen.

Oer in mij

Kijk Bram, dit is je zusje en ze heet Mila, vertelde mijn vrouw. Mijn vrouw vertelde me ook dat ze echt nog een beebie is en dat ik echt kei lief moet doen zodat ze niet meer bang hoef te zijn. Je mag best weten, ik vond het niks. Ze rook raar en niet naar ons thuis. Ons thuis zusjeruikt bekend en veilig. Ik weet welke geur de bak heeft en hoe mijn eten ruikt en zo en Mila rook zo niet. Ze had een andere thuis geur. En toen gebeurde er iets met mij. Ik denk dat het oer was maar ik weet het niet zeker. Ik wilde dat ze naar ons ging ruiken dus ik ging haar poetsen. Man man man, wat was zij vies zeg. Overal zand en blaadjes bij haar pootjes. Dus ik ging ekstra mijn best doen want Mila moest van mij wel schoon zijn. Ze vond het niet erg dat ik haar deed poetsen en ze deed zelfs spinnen.
En elke dag deed ik bij haar kijken en dan ging ik bij haar liggen en dan deed ik haar poetsen als dat nodig was. Ze was wel een bange beebie want ze wilde de heletijd bij mij zijn. Als ik dan wou eten ging ze mauwen. Mijn vrouw zei dat ze me kei lief vond hoe ik voor Mila deed zorgen. Als een soort papa. Dat is misschien ook zo, dat weet ik niet. Ik ben nog nooit papa geweest van mezelf.

Echt poesemeisje

Nu is Mila bijna acht jaar en woont ze al kei lang bij ons. Soms vind ik haar lief, soms ook niet. Ze is een echte poesemeisje met dromen en ideeën. En ze heeft een eigen mening en zusjeze doet haar eigen poesen dingen. Ik mag haar niet meer wassen want ze vind het niet meer fijn. Ze mauwt dan dat ze al een grote poesedame is en dat het niet meer hoeft.
We doen nog wel samen spelen en jagen op beestjes binnen. Dat is nog wel kei leuk. Maar als ik dan haar vacht in de war maak, krijg ik wel eens een mep want dan zegt ze dat ze er slordig uit ziet. Poesemeisjes ook, ik denk dat ik dat altijd lastig vind.
Ik hoop dat jullie allemaal een fijn wiekent hebben met genoeg sneks en water want het weer is weer lekker warm.