Tag Archives: zwerfkat

Kater Bolle over: als je een kat vindt, voor Iris en Wolf

Bolle

Een tijdje geleden gingen mijn mensen eten bij een vriendin. Wegens de praivusie zeg ik niet haar echte naam. Ik noem haar gewoon Iris. Bij Iris woont ook een hond, Wolfje. Wolf is best verlegen en hij is een beetje bang voor mensen.

Wolf heeft me een keer een kaart gestuurd die hij zelf had geschreven. Helemaal uit Frankrijk! Dat is volgens mij heel ver weg en ik denk niet dat ik er zelf wel eens ben geweest. Ik was superblij met die kaart, en ik heb hem bewaard.

Miauw

Toen mijn mensen bij Iris waren was het mooi weer en de deuren naar de tuin stonden open.
Ineens klonk er heel hard miauw. En nog een keer: miauw!
Mijn vrouw ging kijken waar het vandaan kwam, en zag dat er een kat in de tuin stond.
Ze zei ben jij zo hard aan het mauwen? En de kat deed nog een keer keihard miauw.
Mijn vrouw zei kom maar, en hij kwam aanlopen. Hij liet zich meteen aaien en liep door naar binnen. Daar staat de etensbak van Wolf. Met brokken voor een hond. Ja, dat is logies natuurlijk.

Brokken

De kat begon meteen te eten en at de hele bak leeg. Hij kreeg nog meer van de vriendin van mijn mensen. Die brokken at hij ook allemaal op.
Mijn mensen zeiden dat het wel een beetje raar was dat de kat zoveel hondenbrokken at, omdat katten dat meestal niet zo lekker vinden. Iris vertelde dat de kat al een keer eerder in haar tuin was geweest.

Sjip

De kat was inmiddels bij mijn man op schoot geklommen en had zich helemaal op gekruld. En spinnen dat hij deed! Na een tijd klom hij van de schoot van mijn man af en klom op schoot bij mijn vrouw. Ook daar maakte hij een klein krulletje van zichzelf en ging slapen.
Iris en mijn mensen vonden het een beetje vreemd. De kat voelde heel mager aan, je kon al zijn botjes voelen. Ze maakten zich zorgen dat hij misschien een zwerver was.
Ze zijn op internet gaan zoeken of er misschien een kat die op deze kat leek vermist werd. Maar nee.
Iris zei dat de kat wel kon blijven, en dat ze met hem naar de dierendokter zou gaan om te kijken of hij een sjip had. De kat ging af en toe eventjes naar buiten maar kwam steeds snel weer terug.
Mijn vrouw heeft een pakket gemaakt met allemaal brokken en speelgoed van mij. Zonder mij iets te vragen. Maar ik vind het prima, want het is niet fijn als je geen huis hebt en honger hebt.
En eigenlijk lustte ik die brokken toch niet.

Papiertjes

De volgende dag is Iris met de kat naar de dokter gegaan. Die zei dat de kat nog jong was, misschien drie jaar. Hij had geen sjip. En ze dachten dat hij altijd binnen had gewoond, en misschien naar buiten is gevallen of geglipt.
Iris heeft heel veel papiertjes gemaakt met een footoo van de kat. Die heeft iedereen in de buurt gekregen. En de kat is opgegeven bij Amivedi en Petalert. Daar kun je laten weten dat je een kat of een hond of een vogel hebt gevonden of juist zoekt. Misschien ook wel als je een oliefant of een teiger hebt gevonden, maar dat weet ik niet.

BolleBij Iris

Stel je eens voor, je hebt altijd een huis en mensen gehad. Je bent dol op knuffelen en lekker eten. Je hebt geen zorgen aan je hoofd. En dan sta je ineens in tuinen die je niet kent en waar je de weg niet weet. Je krijgt honger en weet niet hoe je aan eten kunt komen. Je bent bang als het donker wordt of als het regent, want waar kun je je verstoppen?
Gelukkig weet je zeker dat je mensen je komen zoeken en dan is je grieselige avontuur weer voorbij.
Als de weken voorbij gaan word je steeds banger. En dunner, want je hebt niets te eten.
Je mensen komen nog steeds niet en je vraagt je af waarom niet. Misschien heb je iets fout gedaan, denk je. Ook al kun je niks verzinnen. Maar er moet een reden zijn dat je mensen je niet komen halen. Je voelt je helemaal alleen op de wereld.
Je gaat in de tuinen roepen HELP, ik heb honger! Maar niemand doet iets.
Tot je in de tuin van Iris komt.

Bij Wolf

Al zes weken lang heeft niemand gebeld of gemeeld voor de kat. Maar hij mocht gelukkig al die tijd bij Iris en Wolfje blijven.
Wolf en de kat moesten best aan elkaar wennen. Maar het gaat steeds beter. Ze doen elkaar niets en laten elkaar met rust.

Skip

Mijn mensen en ik kregen een meel dat de kat apetrots zou zijn als zijn naam in mijn verhaal zou komen. En dat hij hoopte dat hij de hoofdrol zou spelen.
Hij zegt dat hij van alles beleeft, en soms ook helemaal niets. Net als ik, eigenlijk.
Hij heeft nu een huis, een tuin, een hond en een mens. En een eigen naam.
Hij heet nu Skip.

En zo kan iets verdrietigs gelukkig veranderen in iets moois.
Zo zie je maar dat er lieve mensen zijn. Zoals Iris. En lieve honden. Zoals Wolf.
Zeker weten dat Skip dat ook vindt.

Ik ben een kater waar iets mee is

Volgens mij ziet iedereen het meteen: die kater heeft wat aan zijn oor. En zo is dat ook. Er is een stukje af. Misschien groeit het aan als ik twaalf jaar wordt dat is dit jaar. Maar misschien blijft het zo dat kan best.

Op straat

Ik heb het niet zelf gedaan. Mensen deden het. Dat was toen ik nog op straat leefde en ik deed  van alles wat een kater dan doet. Volgens mij heb ik ook kittens gemaakt maar dat weet ik niet meer zeker. Kan ook van niet.

Toen hebben mensen van het hospitaal me van straat gehaald en dat met mijn oor gedaan en ze deden nog meer dingen dat ligt nog steeds gevoelig bij mij en toen moest ik weer de straat op.

Een hele tijd later hebben ze me weer opgehaald en toen gingen ze me oplappen. Daarna kwam ik bij mijn vrouw te wonen. Zo is het gegaan.

Veranderingen

Sinds ik hier woon is er veel veranderd, dat voel ik zelf ook wel. Ik zal het opsommen:

  • mijn zelfvertrouwen is gegroeid niet heel veel maar toch dat ik meer durf en meer kan dus dat is fijn
  • ik heb dit jaar een hele dikke wintervacht die is vanzelf gegroeid misschien komt het omdat ik nou superlekker natuureten heb dat is ook gezond spul
  • mijn talent om te genieten is ook gegroeid, ik vind elke dag superfijn en de knuffels vind ik superduperfijn, dus ik geniet intens van alles en vroeger was ik alleen bang

Dus dat zijn best veel veranderingen en ook belangrijke veranderingen.

Groeien

Dus nou had ik gedacht als dat allemaal kan groeien dan kan mijn oor ook weer aangroeien. Dat ik van buiten weer in orde ben. Ik wil er goed uitzien en niet iedereen hoeft te weten wat er door de mensen van het hospitaal met mij is gedaan. Dat is ook iets van praifussie zo zie ik het.

Daarom dus. Nou misschien begint het als ik straks twaalf jaar ben. Het kan best.

Soms helpt alleen een groepsknuffel

  Dit is het verhaal van kleine kittens die een goed pleegthuis vonden. Ze werden geboren in een zwerfkattenkolonie, zoals er nog zo veel zijn. Met een enkel telefoontje kwam een asiel in actie.

Vrijwilligers besloten in te grijpen. De volwassen poezen moesten geneutraliseerd worden, zodat er niet meer nestjes zouden komen. De kittens moesten een thuis krijgen.

Clubje

Het was meteen duidelijk dat de vier kleintjes bij elkaar moesten blijven. Ze waren ongeveer negen weken oud en menselijk contact kenden ze niet. Elk van de vier was bang en zocht steun bij de anderen. Een clubje waren ze en dat clubje had het moeilijk.

Ze begrepen niets van wat er gebeurde. In het reiskorfje kropen ze naar elkaar omdat ze zich dan nog een beetje veilig voelden.

Zo kwamen ze in het huis van een pleegmoeder.

Hier kregen de vier kittens een naam: Tintin en Charlie voor de jongens en Rachel en  Luce voor de meisjes.

Schoot

Toen de pleegmoeder begreep dat de vier steun en veiligheid van elkaar kregen, wist ze wat ze moest doen. Voorzichtig tilde ze het clubje kittens op en zette ze neer op haar schoot, om ze daar langzaam en behoedzaam te knuffelen.

Eerst voelde ze vier kleine hartjes zenuwachtig kloppen. Maar geleidelijk werd het ritme rustiger. Ze waren nog steeds samen en nu voelden ze ook iets nieuws: liefde van een mens. Ze vonden het fijn.

Spelen

De ene groepsknuffel na de andere volgde en het had effect. De kittens werden dapperder. Ze durfden in het huis rond te lopen, te verkennen en zelfs te spelen. En Rachel, het allerkleinste kitten, besloot dat ze de baas was en dat de anderen moesten doen wat ze wilde.

Volwassen

Al snel mochten de vier kittens naar een tweede pleeggezin. Daar waren drie volwassen katten die aan de kittens konden voordoen hoe je kater of poes kon worden, en wat je dan allemaal moet leren.

Rachel was niet bang en dus de anderen ook niet. En zo ontdekken vier kleintjes het geluk van huiskat zijn.

(bron: Lovemeow.com)

Hoe een klein poesje leerde spelen

spelen Spelen gaat niet altijd vanzelf. Soms moet je het van anderen leren en de beste manier daarvoor is dat iemand anders je bij de poot neemt en het voordoet. Goed opletten. Dan kun jij het ook.

Dit is het verhaal van een klein zwerfpoesje ergens in Japan dat op een gelukkige dag precies in de goede tuin belandde.

Huis

Het kleine zwerfpoesje had geen betere tuin kunnen kiezen. De tuin hoorde bij een huis waarin een verstandige vrouw woonde

Dat het zwerfpoesje onderdak nodig had, was meteen duidelijk. In geen velden of wegen was de moederpoes te bekennen. Ze was helemaal alleen en dat op die jonge leeftijd. Dan ben je kwetsbaar. Ze had honger.

De verstandige vrouw belde een andere vrouw die het poezemeisje naar de dierenarts bracht. Daar kreeg ze medische verzorging en iets tegen vlooien. Toen kwam het fijne: ze mocht naar een pleeggezin.

Gezin

In het kattenpleeggezin woonden mensen en maar liefst vijf katten die er net zo lang mochten blijven als ze nodig hadden. Dat gold ook voor het kleine poesje dat nu de naam Mit-chan kreeg.

Eerst moest ze nogal wennen. Een nieuw huis. Vijf grote katten. Dat is nogal wat als je klein bent. Maar Mit-chan wende snel, en knuffels en snacks hielpen natuurlijk goed. Ze ontdekte dat ze kon spinnen.

Huisbewoners

De andere huisbewoners vonden Mit-chan gelukkig meteen lief en leuk. Ze vijf katten besloten haar te adopteren. Een van de katten begon haar te wassen, zodat Mit-chan op een kattenmanier schoon en netjes zou zijn. De ander gaf haar kattenknuffels, zodat ze zich veilig en geliefd kon voelen. En de andere katten leerden haar hoe je moet spelen met een vlinder, een balletje en alles wat er verder in huis was.  Mit-chan leerde snel, want ze kon slim.

Zo heeft het kleine zwerfpoesje nu een eigen familie gevonden. Mensen en katten die op een eigen manier voor haar zorgen en van haar houden. Er is altijd iemand die haar te eten geeft, die haar wast, die met haar speelt en er is altijd iemand om samen mee te slapen.

En als ze groot genoeg is, dan mag ze naar een huis om voor altijd gelukkig te zijn.

(bron: Lovemeow.com)

Hoe kater Barney zijn thuis vond

  Hoe kater Barney zijn thuis vond is een supermooi verhaal. Ook al is je leven moeilijk, het kan weer helemaal goed worden.

Dit is waar gebeurd in Canada, maar het had overal kunnen gebeuren.

 

Zwerfkat

Kater Barney was een zwerfkat van ongeveer zes jaar. De mensen kenden hem als die ene grote kater in de buurt. Ze gaven hem te eten en dat was op zich goed, maar het was tegelijkertijd niet genoeg. Als zwerfkat heb je onderdak nodig, ofwel een thuis bij mensen en als dat niet gaat omdat je te verwilderd bent, een huisje in een veilige hoek van een straat of tuin. Dat is ook in Nederland belangrijk en daar zetten organisaties zich gelukkig ook voor in.

Terug naar Barney.

Asiel

Op een dag verzeilde Barney in het asiel. Het leven op straat was veel te moeilijk geworden. Barney was ziek en daardoor ook bang voor mensen.  In het asiel en daarna bij zijn pleeggezin kreeg hij medicijnen, verpleging, heel veel liefde en geduld.  Omdat hij al snel goed reageerde op contact met mensen, begrepen ze dat Barney heel vroeger een thuis moet hebben gehad. Hij snapte wat wonen met mensen betekende. Katten die op straat geboren en getogen zijn, snappen dat niet of nauwelijks.

Toen kwam een nog beter moment.

Thuis

Na zo’n zes maanden in het pleeggezin te hebben gewoond, vond Barney zijn eigen thuis, waar hij voor altijd mocht blijven. De mensen accepteerden hem zoals hij was: toch een beetje op zijn hoede, een oor waar door nachtvorsten een stuk uit was en bleef, wat problemen met zijn oog. Het leven als zwerfkat laat bij elke kat sporen na. Die blijven. Maar voor Barney’s mensen maakte dat niets uit. Ze hielden gewoon van hem.

En zo veranderde Barney de zwerfkater en asielkater in een gelukkige knuffelkater, die nu veilig en geliefd is.