Categorie archieven: uit mijn leven

Die deur moest open, vond ik

deur

Ik ben een kater met weinig zelfvertrouwen dus dat ik moeilijk iets durf, en daarom is het zo gek als ik opeens iets nieuws doe. Deed ik gisterochtend.

Doppen

Nou moet u weten dat ik graag water uit de badkamer drink. Voordat de douche aangaat. Lekker wat water drinken van de doppen van de flessen. Dat sproeit mijn vrouw er dan op en ze blijft er bij want ik durf niet alleen in de badkamer te zijn. Dat doen we bijna elke ochtend. Soms wil ik drie keer dus dan moet ze drie keer sproeien.

Dicht

Maar gisteren was ik laat. De ochtendknuffel was fijn geweest en ik lag nog op mijn kussen te doezelen en toen opeens wilde ik drinken, dus ik naar de keuken, daar is de deur naar de badkamer. Die deur was dicht. Stond ik daar in mijn eentje. En ik kon het water horen sproeien.

Bonk

Dus ik bonkte tegen de deur. Een keer, twee keer, gewoon bonken en duwen. Toen ging de deur open. Mijn vrouw had haar pyjama uit en er kwam stoom uit de douche. Voor de zekerheid ging ik even kijken, maar met warm water kan ik niks. Dus ik weer naar de kamer.

Alleen even later dacht ik, was het echt wel zo, dus toen liep ik weer naar de keuken. ik weer tegen die deur bonken. Deur open. Nog meer stoom. Getsie, nee.

Bordje

Later kreeg ik een bordje water als goedmaker. Dat drinkt toch weer anders en soms vind ik dat best lekker. Maar ik kreeg ook een gesprek met complimenten. Ik had iets nieuws gedaan en ik was voor mezelf opgekomen, dat was heel goed geweest, zei ze.  Ik durfde meer.  Ik had nog nooit zo tegen de deur gebonkt als die ochtend.

Weet u dat ik me de hele dag tevreden over mezelf heb gevoeld. Nou ben ik best een senior-kater maar ik kan nog steeds van alles leren en in mezelf groeien.

En ik kreeg ook extra knuffels.

Liggen met je poot vooruit (filmpje)

Er zijn katten die liggen graag op hun rug met hun poten in de lucht. Vinden ze fijn. En er zijn ook katten die het liefste op schoot hangen. Doe ik niet. Ik lig het liefste met mijn poot vooruit.

Evenwicht

Als ik met mijn ene poot vooruit lig, moet ik mijn andere poot onder mijn lichaam vouwen. Anders ben ik niet in evenwicht en als je niet in evenwicht bent, kun je ook niet goed liggen, dat is mijn ervaring.

Eerst ga ik liggen. Dan steek ik mijn poot vooruit, echt goed ver, zo ver als ik kan. Daarna vouw ik mijn andere poot terwijl ik kracht vasthou in de gestrekte poot. Daar heb ik best mijn aandacht bij nodig dus aaien kan even niet.

Wat voel ik als ik zo lig:

  • ik ben in evenwicht dus ik kan iets en daarom voel ik me goed en tevreden
  • dat ik een kater met zelfvertrouwen ben, dat heb ik niet altijd dus daarom is het extra fijn als ik zo lig, en ik kan het ook best lang volhouden
  • soms moet ik opletten want mijn vrouw wil nogal eens aan mijn voorpoot friemelen nou daarvoor lig ik zo niet, dus als ze dat doet ruk ik mijn poot weg en dan lig ik weer anders dat is niet de bedoeling

Beste manier

Enige nadeel aan deze lighouding is: zo kan ik niet slapen natuurlijk. De beste manier om te liggen dat is dat je vanuit liggen en wakker zijn doorgaat naar liggen en slapen. Dus eigenlijk moet ik dan weer anders liggen. Op mijn zij is voor mij persoonlijk ideaal, vooral als er een buikknuffel bij komt. Dan kom ik diep in de ontspanning, ik kan nog een beetje nagenieten en zo kom ik dan in slaap.

Goed rieleksen dat is helemaal niet zo gemakkelijk als iedereen denkt. Je ligt nooit vanzelf goed. Je komt nooit vanzelf in slaap. Je moet treenen, en dat doe ik dus.

 

 

 

In de vensterbank boven

vensterbank

Laatst hoorde ik mijn naam de hele tijd. “Bertje, Bertje, waar ben je toch?” Mijn vrouw wist niet waar ik was. En ik lag gewoon in de vensterbank boven.

Toen ik het roepen niks meer aan vond, sprong ik uit de vensterbank. KABOEM. Op de houten planken. “O ben je daar,” zei ze. Ja, de hele tijd al dacht ik.

Boven

De vensterbank boven is anders dan die ik beneden heb. Die van beneden daar heb ik zon en daar zit ik ook om de straat in de gaten te houden. Ik moet flink springen om er op te komen maar dat lukt best.

Die van boven is op de overloop dat is het stuk van het huis waar ook de deur van de berging is waar ik nooit meer op mag, dat wil ik ook even zeggen. Op de overloop is een lage vensterbank. Klein sprongetje, hop, ik ben er. Daar heb ik een dikke handdoek waar ik op lig. Ik kijk dan naar de achterkant van huizen. En naar wat er gebeurt.

Rauw

En er zijn vaak vogels die denken dat er niemand naar ze kijkt.  Als die vogels dichtbij komen ga ik miauwen. Hard en oer. Van dat rauwe. De vogels weten dan dat ik er ben. Ze gaan soms weg. Dat gefladder doet wat met mijn kop dus dan kan ik nog rauwer geluid maken.

Mijn vrouw vindt het ook leuk want ze wil meedoen ze roept vanuit het bed mijn naam. Ik miauw dan door en soms ren ik naar de slaapkamer om daar mijn nagels aan de paal te scherpen. Dan ren ik weer weg.

Ochtend

Het kan ook dat ik helemaal niks doe. Dan lig ik stil te kijken en te doezelen. Het is dan net of ik een geheime plek voor mezelf heb. En dat ik onzichtbaar ben, zolang ik niet miauw. Dus zo kwam het dat mijn vrouw me niet kon vinden. Ze vergeet gewoon dat ik daar een plek heb, dat is toch best raar.

Vandaag ben ik thuis nodig

thuis

Vandaag ben ik thuis nodig. Mijn vrouw is emo wegens Tim, omdat het vier jaar geleden is dat hij over de Regenboogbrug ging. Dus ik moet extra kopjes geven.

Zorg

Als huiskater heb ik ook mijn werk. Ik ben controleur vensterbank, dat betekent in de straat zitten en dan opletten dat er geen gekke dingen gebeuren. En in huis help ik mee met boodschappen controleren en dat mijn vrouw genoeg pauze neemt want dan miauw ik om samen te bankhangen. Maar vandaag moet ik extra opletten wegens dat emo. Dus ik zit nou in de thuiszorg.

Missen

Ik weet dat ze Tim mist dat voel ik.  Ze zegt het ook. En ook dat ze blij is dat ik er ben. Voor mezelf weet ik dat ik geen tweede Tim hoef te zijn maar dat ik mag zijn zoals ik ben, dus ook dat ik bang ben als het regent. Zoiets voel je toch als katerman. Ik wel. Dat zit in alles hier ik kan het niet goed uitleggen.

Tim was kleiner dan ik en roder. En ouder op het laatst. Toen ik hier kwam, rook ik zijn geur nog een beetje aan het gordijn. Best een goede geur, van een oude jongen die heel veel liefde in zich had.

Gevoelig

Het is gewoon zo dat ik voel van zij voelt. Is zij gespannen dan voel ik me ook raar. En andersom ook, als ik ’s nachts door het huis ren omdat ik me wild voel dan voelt zij zich ook wild en ze gaat mijn naam roepen. Dus je neemt emoozies van elkaar over als je samenwoont dat is mijn ervaring.

Dus vandaag voel ik me ook anders dan gewoon. We gaan veel aaien en als ze in mijn vacht wil hangen dan vind ik dat goed. En we gaan vroeg slapen dat weet ik nou al want de dag na vandaag is weer gewoon.

 

 

 

 

Als je van de regen bang wordt

bang

Nou zegt u vast: dat is ook stom dat je zelfs van de regen bang werd. En dat is misschien ook stom als je een senior katerman bent die in een veilig huis woont en je hebt al heel lang verkering.

Half oog

Het was al dagen lente, echt superfijn met zon en warme oortjes en ik kon helemaal rieleksen. Dat ik nergens meer aan dacht en op niks meer lette behalve hoe lekker de zon op mijn vacht scheen. O ja, af en toe keek ik nog met een half oog naar de straat. Het was daar toch in orde.

En net toen ik niet meer wist of mijn voorpoten warmer waren dan mijn achterpoten, of andersom, toen werd het kouder. En donkerder. En ik voelde dat er iets ging gebeuren, alles was zo anders.

Raam

De regen begon zachtjes dus dat ging. Mijn vrouw deed het raam dicht. Het regende harder en toen keihard, ik hoorde het tegen het raam dat was een moeilijk geluid. Ik wilde weg van het raam. Maar ik bleef er toch naar kijken want daar was het geluid. Het klonk steeds harder en het was zo donker terwijl ik zeker wist dat het overdag was. Dus toen werd ik bang. Vanzelf. Ik kon er niets aan doen.

“Kom op je kussen Bertje,” zei mijn vrouw en ze klopte er zachtjes op. Dat herkende ik. Want dat doet ze vaker. Dus ik snapte het ook al was ik bang.

Zacht

Op mijn kussen kreeg ik heel zacht aaien. Het geluid van de regen werd langzaam minder en het licht kwam weer terug en ik voelde dat ik minder bang werd. Toen het gevoel weg was, bleef ik nog wel opletten. Ik kon goed eten, ook omdat ik kip kreeg.

Maar toch was het best moeilijk geweest, dat ik opeens bang was.