Categorie archieven: uit mijn leven

Water drinken

Water drinken vind ik leuk en dat komt omdat er thuis rekening met me wordt gehouden. Hoe ik ben. Wat ik wil. En dan drink ik vanzelf wat meer water dan ik uit mezelf zal doen. Ik heb er pas over geblogd. Dus voor iedere kat die te weinig drinkt, heb ik vijf tips.

1 Hou je snorharen droog. Dan heb je een plat bakje of schaaltje nodig waar je boven kunt hangen zonder dat je snorharen in de knel komen of nat worden. Dus het water moet gemakkelijk bereikbaar zijn. Het moet niet te diep liggen. Gewoon, een plat schaaltje.

2  Drink eens iets anders. Je hebt vers water, dat komt pas uit de kraan. Soms is niks lekkerder dan vers water maar je weet nooit wanneer je het wilt. Daar ben je kat voor. Je hebt ook gewoon water, dat staat al even. En water dat er een nacht heeft gestaan, dat is rijp water. Kan ook heel erg lekker zijn.  Heb je moeite met drinken, dan kan het helpen als je eens wat anders aantreft. Niet vers maar rijp. Of juist vers. Misschien drink je wel uit een waterfonteintje.

3Drink eens ergens anders. Maanden heb ik uit mijn schaaltje gedronken dat altijd op dezelfde plaats staat. En toen, van de ene dag op de andere,  ontdekte ik dat er water lag op de flessen in de badkamer, als mijn vrouw daar klaar was. Nou wil ik alleen daar drinken. Dus je mens moet wat uitproberen. Het kan best dat je opeens liever op de slaapkamer drinkt  of achter een stapeltje boeken. Ja, doe eens gek. Het kan zomaar zijn dat je meer gaat drinken. Ik kreeg een keer water uit een glas. Ik drinken, nou!

4  Drink en eet tegelijk. Dat doe ik elke dag. Want ik krijg  door mijn avondeten wat extra water, dan heb ik meer saus. Vind ik prima. Ook omdat mijn vrouw dan voelt van hehe, hij drinkt. Ja, dat is samenwonen, je doet eens wat voor elkaar.

5 Neem poezenlimonade. Deze heb ik van mijn vrouw, zij gaf Tim (de kater die er voor mij was) dat vaak. Hij dronk heeel slecht en dan hielp dit. Het is water in een plat schaaltje en dan een beetje lekker eten erdoorheen roeren. Dan gaat de smaak in het water zitten en het eten ligt op de bodem dus daar drink je je naartoe.

Dat was het. Ik hoop dat u hier wat aan heeft.  Heeft u ook een tip? Laat dan een berichtje achter bij de reacties hieronder!! Dan helpen we elkaar verder!!

Praat-aaien (blog)

Als u mij ziet, dan begrijpt u meteen dat ik een knuffelkater ben. Een dikke wollige vacht, wolkenzacht ook nog en thuis hoor ik niks anders dan dat ik er aaibaar uitzie. Maar dat is mijn buitenkant. Hoe het van binnen zit, dat is een ander verhaal.

Toen ik hier pas woonde, wilde ik vaak geaaid worden. Dat was voor de geruststelling, zodat ik me veilig voelde bij al dat nieuwe. Lang aaien doen we nog, hoor. Nu alleen voor het fijn. Heerlijk vooral ’s avonds en lekker zacht, van even achter mijn oortjes friemelen tot strelingen vanaf mijn kop tot aan mijn staart, en soms een klein beetje over mijn voorpootjes. En dan even met een vinger langzaam onder mijn kin tot op mijn borsthaar en weer terug. Zo kom ik goed in slaap. Tegenwoordig doen we ook iets anders.

Het gaat zo. Ik lig op mijn kussen op de bank. Mijn vrouw zit voor de bank op het tapijt, dicht bij me. En dan knijpen we steeds onze ogen dicht als we naar elkaar kijken. Het is zo fijn dat ik dan eigenlijk geen hand op mijn vacht meer erbij hoef.

Kijken en een beetje praten en fluisteren is genoeg, ik kan gewoon wel aan de gang blijven met spinnen, zelfs met dat diepe ronken. Mijn vrouw zei, dat dit nu praat-aaien was. Ik wist niet eens dat het bestond. Eerst dacht ik, dat ik niet goed in mijn kop was. Waarom zou je immers spinnen als er helemaal niks gebeurt? Soms zegt mijn vrouw niks en dan spin ik toch. Of juist.

We doen nou bijna elke dag aan praat-aaien. Als mijn vrouw eindelijk terug is van het boodschappen doen, komt ze met haar jas aan meteen naar de huiskamer, want daar sta ik dan te miauwen van “schiet op, schiet op.” En dat doet ze. We gaan dan op het tapijt liggen, tegenover elkaar, om te praat-aaien.

Eerlijk is eerlijk, ik vind het nog steeds een beetje gek, maar het is te fijn om het te laten. Je hebt dus gewoon aaien en praat-aaien. Misschien bestaat er wel meer, daar heb ik nog geen idee van!! Sinds ik hier ben, ontdek ik allerlei dingen die ik helemaal niet kende. En ik hoop dat u ook praat-aaien heeft of iets anders dat even fijn is. Anders moet u maar denken: Bertje wist ook niet hoe fijn het leven kon zijn, en die is gelukkig dus ik kan het ook worden.

Dit blog verscheen eerder bij de <a href=”http://www.kattenzorg-denhaag.nl/index.php/bertje”>Vereniging Kattenzorg.</a>

&nbsp;

Als je blijft verharen

De winter is voorbij en ik ben nog steeds aan het verharen. Dat valt tegen. Ik had echt gedacht,  een paar weekjes en dan is het klaar. Het kriebelt soms. En jeuken ook al. Wat te doen?

Zelf kan ik wel aan het wassen blijven, maar dat is niet genoeg. Er kwam een borstel in huis. Een rode.  Hij is zacht en toch stevig. Eerst moest ik er nogal aan wennen, dat lukte doordat de borstel gewoon in de huiskamer lag en er gebeurde niks mee. Ik rook er af en toe aan.

Op de borstel zitten een soort pinnetjes. Ze zijn zacht en stevig tegelijk. Af en toe neemt mijn vrouw de borstel en dan aait ze me daarmee heel voorzichtig. Dat helpt bij het verharen. De losse haren komen er dan uit. Ze laat me altijd zien wat erna in de borstel zit, dan wil ik daaraan ruiken. Het is zo vreemd, het ruikt naar mij en toch ben ik het niet.

Eigenlijk wil ik niet verharen. Maar wat doe je ertegen. Niks.

Wat me echt helpt, en beter dan die borstel, is dat mijn vrouw me aait met een heel klein beetje vochtige hand. Ze likt dan aan haar hand. En dan aaien. Ik vind dat niet vies, hoor, als u dat soms dacht. Het is juist fijn.  Wat het ruikt gewoon, haar hand is warm, ik weet dat zij het is, en het helpt. Elke keer ga ik spinnen.  Maar het hoeft niet de hele tijd.

Weet u ook iets dat helpt bij verharen? Speciaal snoep ofzo? Dan lees ik het graag bij de reacties!!

Het leven als binnenkater (blog)

Ik kan hier niet naar buiten. We hebben geen tuin en ook al geen balkon. Dus ik zit de hele tijd binnen. En dan krijg ik weleens de vraag of ik me als binnenkater verveel. Typisch een mensenvraag vind ik dat.

Eerst over het binnenzitten. Vroeger heb ik op straat geleefd en dat moet u niet romantiseren. Ik weet dat er films zijn waarin je dan katten leuk over de daken ziet lopen enzo. Die katten hebben het samen gezellig. Honger kennen ze niet. En ze zijn ook nooit ziek. Nou, toen ik straatkater was, ging het heel anders. Ziek en in de war belandde ik in het Dierenhospitaal. Het duurde maanden eer ik weer een beetje normaal was. Dus denkt u echt dat ik weer naar buiten wil?

Nou over verveling. Ja, soms verveel ik me. Dan denk ik: wat zal ik nou doen? Ik heb dan al: gespeeld, geslapen, op de trap gerend, ik ben dan al in de badkamer geweest om water van de flesdoppen te drinken, ik heb vanuit de vensterbank naar de straat gekeken of er iets gebeurde en daarna ben ik weer geslapen en toen heb ik wat brokjes gegeten.
Dus dan weet ik niks meer om te doen en dan verveel ik me.
Dat is heel erg hoor. Je voelt dat je van alles kunt doen en er is niets om te doen. Bleeeh.

Ik ga dan vanzelf miauwen. Dan vraagt mijn vrouw: “Bertje, wat is er?” Ik loop over het tapijt naar haar toe, ze zit altijd aan tafel te computeren, en ga daar verder miauwen terwijl ik haar strak aanstaar.
Zij: “Bertje toch!”
Ik: “Meeeeew!!!”
ZIj: “Waar heb je behoefte aan?”
Ik zwijg meteen en zet een paar stappen terug.
Zij: “Wil je brokjes?”
Ik doe niks.
“Heb je dorst?”
Ik beweeg geen poot.
Zij: “Wil je misschien… samen spelen?”
Daar moet ik over nadenken, maar voordat ik het antwoord weet, heeft ze een lintje gepakt en daar friemelt ze mee. Onder een krant nog wel!! Het kraakt een beetje. Ik erheen: bam op de krant! Meteen verveel ik me niet meer.

Dus vervelen is eigenlijk helemaal niet erg, want dan komt er altijd wel iemand op het idee om samen iets fijns te doen. En dan is alles weer in orde.

Dit blog verscheen ook bij de Vereniging Kattenzorg. Daar staan alle Bertje-blogs!

Het kleine bang zijn

Op het tapijt lag een kraaktas. Muis kwam er net uit en ik dacht, wie of wat zou er nog mee in die tas zitten? Ik voelde me bang worden. Van dat kleine bang, dat je nog wel gewoon brokjes kunt eten maar dat je toch de hele tijd weet o er is iets en daar ben ik bang voor.

De dag was dus een beetje moeilijk. Maar ik ben er toch goed doorheen gekomen en dit is wat ik heb gedaan.

Als je voor iets kleins bang bent, helpt het om te wennen. Dan moet je de tijd nemen. Dus ik rook vaak aan de tas. Een keer heb ik met mijn pootje erin gestaan maar dat was omdat ik ontdekte dat er een brokje in lag. Meestal liep ik met een bocht om de kraaktas heen, dan had ik even pauze van het wennen.

Wat ook helpt, is samen zijn. Muis is wel heel groot en blauw, maar hij is mijn vriend. Soms lig ik samen met hem in mijn doos. Vind ik fijn. Samen-zijn is belangrijk. Dus toen Muis in de tas lag, dacht ik nou… misschien is het leuk. Mijn vrouw is naast me komen zitten en toen hebben we samen in de tas gekeken. Zij stak haar hand in dat donkere. Ik kon die hand niet meer zien. Vond ik raar. Ze haalde heel langzaam haar hand uit de kraaktas en deed het nog een keer, en daardoor snapte ik het een beetje.

Dit zijn mijn tips. Veel is het nog niet en ik weet geeneens hoe het afloopt met die kraaktas en mij. Want ik ben er nog druk mee bezig. Maar ik dacht, ik geef het vast door misschien heeft u er wat aan!!  Als u tips heeft  dan lees ik het graag bij de reacties.