Categorie archieven: uit mijn leven

Op de berging (blog)

“Nou vooruit dan maar,” zei mijn vrouw. Ik stond al voor de zoveelste ochtend bij de deur van de berging te miauwen. En eindelijk mocht het. Ze opende de deur: “Toe maar.” Ik zette een stapje vooruit en dacht, misschien wil ik het toch niet.

De berging is boven, bij de slaapkamer. De deur is altijd dicht, behalve heel erg soms als ik op de berging wil. Waarom ik dat wil, weet ik niet goed. En wat ik daar ga doen, weet ik nog minder. Het gaat elke keer hetzelfde. ‘s Morgens gaan we de slaapkamer uit en dan zie ik de deur naar de berging en ik weet: oja!! De berging!!

Ik sta bij de deur en miauw. Mijn vrouw zegt nou niet. Ik miauw en miauw als ik nog een keer miauw, krijg ik mijn zin. Dan gaat de deur toch open en ik zie een groot donker hol en ik ruik allerlei vreemde geuren. Het is spannend en griezelig en ik voel dat ik het niet durf maar van binnen is er iets dat zegt: erheen, ruiken, verkennen.

Dus ik zet een stapje naar voren. Maar dan zegt mijn huiskatergevoel, Bertje ga toch beneden op je kussen slapen, dat is veel veiliger en dan krijg je nog knuffels ook. Dus ik zet weer een stap naar achter. Dan zegt mijn oerkatergevoel: Bert jongen, doe effe normaal en duik erin, wat kan je gebeuren. Ik weer naar voren. En naar achter. Net als mijn vrouw denkt die deur gaat dicht, weet ik wat ik doe. De berging op!! Achter die trap langs, onder de dozen door, over die deken heen, verkennen. Ik wil weten wat er is, hoe het ruikt en wat ik ermee kan. Maar ik snap het nooit echt, die berging. Elke keer is het anders.

Vanmorgen hoorde ik een stem helemaal uit de verte komen. Die stem riep mijn naam: Bertje…. Bertje…. Ik stond stil en luisterde. Het was mijn vrouw. Ze vroeg of ik terug kwam want dan konden we in de huiskamer aan de dag beginnen. Ik wilde wel, maar ik wist niet meer hoe. Toen kwam ik ergens te staan op een stapel van iets en ik zag haar. “Ga hier langs,” zei ze en ze wapperde met haar hand. Dat deed ik. Daarna sloop ik onder een trap door en ik was van de berging af.

Beneden heb ik meteen brokjes gegeten. Mijn vrouw zei dat ze zich trots voelde en dat ik een sterke avontuurlijke kater was. Daarna ben ik op mijn kussen gaan slapen. Want al die emoties waren best vermoeid geweest voor mij.

(Dit blog verscheen met andere blogs bij de Vereniging Kattenzorg)

De avondsnack (blog)

Eerlijk is eerlijk, ik ben nog steeds onzeker. En daarom wil ik graag dat vandaag gaat zoals het gisteren ging. Dus de dag begint hetzelfde, er gebeurt niks anders en ’s avonds is er mijn avondsnack. Dat is meer dan even snel snacken, hoor.

Die snack kreeg ik al op de allereerste dag dat ik hier was. Dus dan weet je als nieuweling meteen: dit is een fijn moment en je weet ook hoe het gaat. Dat je vrouw naar de keuken gaat en daar iets op een schoteltje doet en dat het zo lekker ruikt, dat je vanzelf gaat miauwen. Het schoteltje komt naar de huiskamer. Op het tapijt. Eten. Daarna uitgebreid wassen, natuurlijk.

Zo was het toen en zo is het nog steeds. Nou komt het gekke. Ik heb het zelf een beetje veranderd. En dat terwijl ik vind dat altijd alles hetzelfde moet zijn!!

Vroeger wachtte ik gewoon af. Nou ga ik ’s avonds als ik trek krijg, bij mijn vrouw staan te miauwen. Ik kijk haar dan strak aan, zonder dat ik een poot beweeg. Soms blijft ze gewoon aan haar tafel zitten. Ze zegt: “Jaja” Dat vind ik geen antwoord. Dus miauw ik nog een keer en dan heel erg langgerekt en indringend. Zij: “Bertje toch.” Dat klinkt beter. Dus ik gooi er een paar miauwen extra tegenaan en zeker weten dat ze vlug op het tapijt naast me zit. Ze gaat aaien. Of ze schudt de lekkere brokjes uit de bal. Dat is allemaal fijn maar het gaat me om de snack. En ’t is ook een spelletje, al weet ze dat geloof ik niet.

Bij de snack moet ze naast me op het tapijt blijven zitten. Alleen eten vind ik ongezellig. Dus als ze wil opstaan, kijk ik even dringend opzij van niet-doen. Bij het wassen, wil ik dat ze kijkt en daarna moet ze zeggen hoe goed ik het deed. Ja, je hebt toch je waardering nodig als huiskater.

Was dat zo in het begin? Nee hoor. Toen duurde de avondsnack korter. Ik wachtte af wat er gebeurde. Mijn vrouw zegt, dat we naar elkaar toegroeien, dat vind ik ook geloof ik. Het is nou zo gezelllig hier geworden, dat had ik vroeger niet kunnen denken.

(Dit blog is evenals andere te lezen bij de Vereniging Kattenzorg)

Samen of alleen spelen? (blog)

Elke keer als ik van de bak kom, wil ik iets. Rennen, miauwen, met de krant vechten. Ja, hoe dat komt, weet ik niet zo precies. Het liefste wil ik meteen spelen, alleen of samen, maakt mij niet uit. Maar liever samen.

Zult u zeggen, die Bertje is ook een softie met dat alles samen willen doen. Dat is ook zo. Thuis hoor ik dat ik zachtmoedig ben, dat is dat je lief kunt zijn en stoer. Dus het is iets goeds.

Als ik alleen speel, wil ik iets van papier. De krant of een propje. Dan ga ik erover rollen en ermee scheuren en ook spring ik er graag op. Even lekker wild doen. Oerkater zijn. Dat is dus omdat ik van de bak kom. Maar eerlijk is eerlijk, ik doe het ook omdat ik weet dat mijn vrouw dan naar me kijkt en van mij onder de indruk is. Want als ik ’s nachts naar de bak ben geweest, ga ik gewoon terug naar bed om verder te slapen. Dan hoef ik niet te spelen.

Nou over het samen spelen. Dat is het allerfijnste omdat het spannend is en omdat het echt iets van ons tweetjes is. Zij zit aan de ene kant van het lintje en ik aan de andere kant. We doen alsof het lintje uit zichzelf beweegt. Soms zit het tussen de krant, soms ligt het op de krant, en het kan kruipen of in de lucht dansen of over het tapijt sluipen, van alles. Ik spring er dan plotseling op zo van bam! Dan pak ik het met mijn voorpoten en ga ermee rollen. Mijn vrouw schrikt altijd wanneer ik keihard spring. Dus dan ga ik na het rollen even bij haar staan, dat ze weet dat ik nog steeds zacht kan zijn. Ze aait even. En daarna beweegt het lintje weer dus ik erop af, dat snapt u.

Ik heb best veel speelgoed maar het lintje vind ik het leukste. Om het lintje maar vooral vanwege het samen. En als u nou toch denkt dat ik een softie ben, dan ben ik dat!! Maar wel een gelukkige softie!!

(dit blog staat evenals andere blogs online bij de Vereniging Kattenzorg)

 

Een warme dag (blog)

Vandaag was het zo’n warme dag, dat ik dacht had ik maar kort haar. Dan had ik het minder warm.   Maar mijn vacht is dik en ook best lang. Wat doe ik als het zo warm is?

Dat zal ik zeggen dat kunt u het ook doen.

 

  • slapen. Ik heb de hele middag in mijn doos liggen slapen. Daar voelde ik de ventilator een beetje koude wind over mijn vacht blazen. Ik lag daar maar te liggen en te slapen. In spelen had ik helemaal geen zin.  Getsie, bewegen.
  • liggen en voelen dat mijn vrouw me aait. Ze maakte dan haar hand nat en zo werd mijn vacht vochtig. Ik vond het gek. Echt raar. En toch liet ik het toe omdat ik ergens van binnen wist dat het zo hoorde wegens de warmte
  • ’s morgens lustte ik nog brokjes en ’s middags heb ik twee keer een beetje poezenlimonade gedronken maar het avondeten hoefde ik niet zo. Toen kreeg ik een andere smaak. Daar heb ik wat van gegeten. Anders hou ik veel van eten en nou lukte het gewoon niet.

Het belangrijkste is denk ik dat ik gewoon lag te liggen en alles maar liet gebeuren. Ja,  het is  gewoon zo. Maar ik miste het spelen en lekker kunnen eten wel.

Schilders in mijn straat (blog)

Het moet niet gekker worden.  De schilders zijn er nog steeds. Ze komen heel vroeg, ze blijven de hele dag en ze maken lawaai. Soms zit ik in de vensterbank naar ze te kijken. Geen enkele schilder zwaait naar me.

Toen de glazenwasser voor de eerste keer kwam, schrok ik heel erg. Ik was zelfs bang. Al dat water tegen het raam en steeds een borstel op een stok, je snapt het niet en daarom is het eng.

De glazenwasser kwam steeds terug en toen raakte ik er een beetje aan gewend. Bang ben ik niet. Wel dat ik oplet en even niks anders aan mijn kop wil hebben. Maar die schilders is weer een andere zaak. Zult u zeggen, wat is daar nou zo moeilijk aan ze doen je toch niks, wat is nou je bezwaar?

  • Ze schreeuwen soms tegen elkaar en dat vind ik naar. Het klinkt of ze boos zijn en boos vind ik moeilijk.
  • En ze maken lawaai met hun autodeuren en met de radio, dat is ook vervelend. Boemboemboem hoor ik dan, het klinkt helemaal in de huiskamer en daar is het anders gewoon fijn stil. Mijn vrouw kijkt dan  van nou-nou en ik kijk zo terug.

Het is al heel lang zo. De schilders in mijn straat en ik in de vensterbank. En niemand, niemand heeft nog omhoog gekeken en gedacht, wat een aardige kater zit daar, ik zwaai even of ik miauw als begroeting. En dat is dus mijn grootste bezwaar, eerlijk is eerlijk.