Japie vertelt: Leefden ze nog lang en gelukkig?

lang en gelukkigVorige keer miauwde ik over Kraaloog die samen met zijn stekelige vrienden een berg eten voor het verweesde katertje verzamelden. Met een volle buik viel de kleine in slaap. Ondertussen maakten de egels een plan om hem door mensen te laten redden. Dat was het moment dat Mo en ik het niet eens waren over hoe het verder moest.

Hoe moet het dan wel?

‘Nee, Mo, we kunnen het sprookje niet eindigen met ‘En ze leefden nog lang en gelukkig’. Dat zou het einde betekenen van mijn blog!’
‘Hoe wil je het dan, Japie? Heb jij enig idee?’Ik plof op mijn kont en zet mijn achterpoot in de juiste positie. Met grote halen krabbel ik achter mijn oor. Dat helpt me nadenken. Mijn buik kan ook wel een poetsbeurt. Zal ik mijn staart ook gelijk onder poten nemen?
‘Eh, Japie, we zouden toch verder gaan met het sprookje?! Kan dat wassen niet een ander moment?’
Mijn mens snapt er helemaal niks van. Katten gaan zichzelf wassen als ze het even niet meer weten. Aangezien ik een kat ben, doe ik dat dus. Maar ze heeft wel gelijk. Dat sprookje moet af. Anders komt er nooit een eind aan.

Afhaalrestaurant

lang en gelukkigKraaloog en zijn stekelvrienden waren het eens over hun plan. Hoogste tijd om het katertje wakker te porren. Met zijn spitse snuit wroette Kraaloog in de nog altijd overvolle maag van het kleintje. ‘Hey slaapkop, tijd om op te staan. We moeten gaan.’ Met pijn in zijn buik sjokte het katertje achter Kraaloog aan. Kwam die buikpijn door het vele eten of omdat hij het spannend vond. Hij had geen idee wat mensen waren. Liever bleef hij bij de stekels. Maar hij had geen keus. Na een wandeling onder struiken door en langs muren kwamen ze via een gat in een metershoge heg uit in wat de stekels een tuin noemden.
‘Hier is het dan, ons afhaalrestaurant. Ieder donker zet een mens hier eten voor ons neer. Jij mag vast wel meesmikkelen. Kijk, daar in de hoek is een beschut plekje. Daar kun je voortaan slapen.’ Voorzichtig speurde het katertje de tuin af. Waar hij ook keek iedere centimeter was gevuld met planten. Daar kon hij zich purfect tussen verstoppen tot hij dat mens van dichtbij had gezien.

List

Een heleboel licht en donkers gingen voorbij. Het mens kreeg door dat er iets in de tuin zat al zag ze slechts af en toe een vage glimp. Het extra bordje dat ze neerzette was meer dan welkom, want het katertje at als een bootwerker. Toch ging het niet snel genoeg naar de lang en gelukkigzin van Kraaloog. Het katje was steeds al gevlogen voordat het mens hem kon zien. De stekels moesten een list bedenken. Een stevige herfststorm bracht uitkomst. Het katertje was tot op zijn magere botjes doorweekt en bibberde van de kou. Klappertandend lag hij tussen de struiken die amper beschutting boden tegen de slagregens.
‘Kom lekker in mijn huisje slapen, Kleintje, daar is het warm en droog.’ Aarzelend ging het katertje in op de uitnodiging van Kraaloog en volgde hem door een smal donker gangetje. Na wat kruip en sluip stonden ze in een ruimte boordevol schone, droge, krakende herfstbladeren. ‘Hier kun je je lekker oprollen. Dan hou ik de wacht bij de uitgang.’ Uitgeput viel het katje in een diepe slaap.

Gevangen

De volgende ochtend hoorde het katertje het mens roepen dat de brokjes klaar stonden. Toen hij naar buiten wilde om te gaan eten stuitte hij op een stekelig obstakel. Hoe hij ook duwde, Kraaloog bewoog nog geen millimeter. In zijn zwoegende borstkas ging zijn hartje als een bezetene tekeer. Zijn vriend zou toch niet ziek zijn? Toen hij de stem van het mens wel heel dicht bij het egelhuisje hoorde, verstopte hij zich snel onder de berg blaadjes.
‘Hey Egel, gaat het wel goed met je? Je ligt zo stil! Kom, ik breng je naar de Wildopvang. Die lang en gelukkiggaan jou helpen om weer beter te worden.’ Het katertje voelde gemorrel aan het huis en opeens scheen het licht fel in zijn ogen. ‘Wat hebben we hier nu?!’, zei het mens. Voor hij doorhad wat er gebeurde, werd hij stevig in zijn nekvel gegrepen en pardoes in een gevangenis gestopt. Door de tralies heen zag hij Kraaloog opkrabbelen en hem nog net een stevig knipoog geven voor hij fris en fruitig weg waggelde. Toen pas had het zwerfkatje door dat hij er in was geluisd. Het duurde een tijdje voor hij durfde te geloven wat zijn stekelvrienden hem hadden gezegd. Het mens bleek helemaal niet zo eng als hij had gedacht. Ze brabbelde lieve woordjes tegen het katje, overlaadde hem met de allerlekkerste hapjes en zei dat hij bij haar mocht wonen. En Kraaloog? Die leefde nog lang en gelukkig met al zijn stekelige vriendjes.

Blij einde

Al miauw ik het zelf het is een mooie oplossing voor het sprookje. Kraaloog en zijn vriendjes banjeren nog altijd door onze tuin. En het katertje? Die kreeg de naam Japie.
Koppie van Japie

21 thoughts on “Japie vertelt: Leefden ze nog lang en gelukkig?

  1. Dag lieve Japie.
    De afgelopen weken heb ik je sprookje gevolgd Nou zeg,wat was het super spannend!
    En ik ben zo blij dat alles goed is afgelopen!!
    Gelukkig heb je nu een lieve eigen vrouw en is je buikje altijd gevuld en heb je een warme plek om te dutten.
    Zie je je stekeltjes vrienden nog wel eens?
    Zachte aai van Mia

    1. miauw lieve mevrouw Mia,

      een eigen plekje om voor altijd te blijven is zooooo fijn.
      En de stekeltjes wonen ook nog gewoon in de tuin. Alleen eet ik nooit meer met ze mee. Ze mogen de slakken zelf opeten.

      Lief koppie van Japie

  2. Hajooooooooooooo jaapiejooooo

    Ooooooh wat ben ikke bwij datte jouw spjookje goet is affeloopt. En je bent nu me neeffie.
    Die steekeltjes heppe jou goed gehelpt door je naar mense te lokke. Danksij hun hep je nu een pwagthuis gekjeege!! En je benne heel mooi geworde met je mooje lange haartjes.
    Maar jaapiejoooo… je moet gewoon door blijffe blogge hoor. Want jij hep nog feeeeel meer mooje furrhaale!!!
    Pootjes 🐾🐾

    1. Natuurlijk blijf ik bloggen, Dorus. Ik heb nog genoeg te miauwen.
      Alleen op Beestboek zijn we voorlopig een tijdje stil.

      Koppie van Japie

  3. Haai Jaaaaapie,

    hier is Oopa Floris
    Ken jij mij?
    Luister kleine vriend
    Loes wat wilde ik nou zeggen?
    Hoezo weet jij dat niet?
    Natuurlijk weet jij dat niet!
    Oopa weet het zelf niet eens.
    Whaaaaaa haaaaaa
    Gekke kop.
    Wat zeg je Loes?
    Een sprookje?
    Maak dat de kat wijs!
    Oopa gelooft niet meer in sprookjes.
    Of wel?
    Uhmm
    Meeks no differens
    Joopiejaap Oopa zegt een thuis is een thuis
    Zo goed Loes?
    Wat een stekelvarken?
    Wat kraam jij nou uit?
    Is Joopiejaap een stekelgeval?
    Niet?
    Zeur dan niet!
    Kleine kerel mijn kop is helder, luister.
    Oopa weet geluk steekt nooit.
    Daar moet je met vier poten van genieten.
    Jaaapiejoooooo!
    Jooooopiejaaaap
    Keivet!
    Hoezo niet zo hard krijsen.
    Ik word me hier toch een partij gestoord van.

    Joep, de ballen

    1. Lieve Oopa Floris,

      ik kan wel eens stekelig uit de hoek komen, maar ik ben echt geen stekelig beest hoor. Mijn jas is lang en zacht en wollig. Heel anders dan die van mijn prikkende furriendjes.
      En het is wat u meowt, thuis is een thuis en thuis is purrrrrfect.

      Koppie van Japie

  4. Hoi Japie,

    Wat een prachtig eind van een sprookje zeg, zo blij dat je nu bij je mensen mag wonen.
    Je stekelige vriendjes hebben je toch maar goed geholpen om je een fijn huis te geven vind ik!
    Spreek je ze nog wel eens eigenlijk?

    Ben ook wel benieuwd hoe het nu verder gaat met jou, en of je nog contact hebt met je stekelige vrienden.

    Pootje van Tommy!

    1. Meow toffe Tommy,

      mijn stekelige vriendjes komen nog altijd in de tuin. Ieder donker hebben we elkaar heel wat te vertellen. Alleen in de winter niet. Als het frips is aan de bips slapen zij heel veel licht en donkers achter elkaar. Dan stoor ik ze niet. Want als je lekker ligt te slapen, dan wil je slapen.

      Hoe het met mij gaat, lees je in de volgende blog. Stiekem kan ik al wel verklappen dat het goed gaat met mij.

      Koppie van Japie

  5. Wat een prachtig, mooi en emo verhaal. Gelukkig met een goed einde. Japie heeft zijn gouden mandje dankzij kraaloogje en zijn vriendjes.
    Kopjes en knuffels van Gijsje en vrouwtje

    1. Lief meisje Gijsje en lieve mevrouw van Gijsje,

      wat een mooi einde, hè?!
      Daarom kan ik nu meedoen met het pootbalteam en iedere keer genieten van uw bitterballen na afloop.

      Koppie van Japie

  6. Hoi Japie,
    Zucht………wat een mooi verhaal!!!
    En vrienden voor het leven met kraaloogje!!!
    Wat een super happy end!!! ❤️

    Dikke knuffel van ons allemaal
    😽😽😽😽😽😽🐔🐔😘

    1. Lieve heleboel,

      wij zijn ook allemaal heel blij.
      Weten jullie dat het bijna een jaar geleden is dat ik in dat egelhuis gepropt werd. Nog maar 22 donkers en dan is mijn vinddag.

      Koppie van Japie voor jullie allemaal

  7. Oh Japie, wat een mooi verhaal!!
    Maar je kan aan Kraaloog vertellen dat bij Baas Jaap in de tuin precies het omgekeerd gebeurd is.
    Toen ik een jong poesje was woonde ik in een huis met een grote tuin met heel veel egels. We konden door een kattenluik naar binnen en buiten. Je kwam door de bijkeuken, dan kwam er nog een kattenluik, en dan was je in de keuken.
    Op een avond zag Baas Jaap een bal achter de kachel in de keuken liggen, toen hij beter keek, bleek het een egel te zijn. Baas Jaap bracht de egel naar buiten, maar even later zag hij Dikke Rooie met een egel achter zich aan de keuken weer binnenkomen. Baas Jaap bracht hem weer naar buiten, maar Dikke Rooie bracht de egel weer binnen.
    Toen heeft baas Jaap de egelopvang gebeld, en die zeiden, Kijk het nog één dag aan, maar breng de egel hier als het weer gebeurd, want dan kan het zijn dat er wat mee is.
    De volgende morgen, op klaarlichte dag, kwam Dikke Rooie, met de egel achter zich aan de keuken binnen. Hij keek telkens om of de egel hem wel volgde. Niet goed, want overdag horen egels te slapen. Dus Baas Jaap heeft de egel naar de opvang gebracht, en hij bleek inderdaad ziek te zijn.
    Toen de egel beter was, vroegen de mensen van de Egelopvang of de egel weer terug mocht naar z’n eigen tuin, met grote takkenhoop en huisje. Natuurlijk mocht dat.
    De egel verdween meteen onder de takkenhoop, maar heet vaak zagen we Dikke Rooie en een egel neus aan neus staan, kennelijk zijn ze dikke vriendjes gebleven, maar de egel is nooit meer binnen gekomen, hij was weer gezond.

    Misschien praten Kraaloog en jij ook nog wel eens met elkaar?
    Ik ben altijd benieuwd geweest wat ze elkaar te vertellen hadden, maar Dikke Rooie heeft het er nooit over gehad.

    Zachte kopjes van Fietje, Ook voor alle anderen en Mo.

    1. Wauw miauw, wat een prachtig lief furhaal van Dikke Rooie en Egel. Die twee zijn ook furriends voor altijd.
      Kraaloog en ik ontmoeten elkaar ieder donker. Maar wat we bespreken blijft onder ons. We hebben ook recht op privacy.

      Zacht koppie voor jou Fietje. Van Japie

  8. Heee lieve Japie, wat een fantasties einde van het sprookje was dat!, maaarr…. het sprookje is toch nog niet afgelopen?, want dat was pas het begin van een ander sprookje, dat van jau en mevrouw Mo en Foppe en Cato en CW en Nola en Magnum, daar ben ik ook benieuwd naar!, ik zau heeeeeel graag een egel in de tuin willen hebben, dat lijkt me supergaaf, mijn vrouw laat altijd spesjaal wat rommelhoekjes liggen, ze zegt dat dat belangrijk is voor allemaal beestjes, nau bedenk ik me ineens… misschien krijgen wij wel een eigen Japie in de tuin!, maar liefer niet natuurlijk, want dat zau betekenen dat er een katje is dat geen huis heeft en dat is heel ferdrietig, lieve Japie ik stuur jau en je famielie heeeeeeeeeel veel lieve kopjes, ze zijn van Kever!!!, en ik heb allemaal snekkies neergelegd!, voor de nijntjes zijn er spesjale nijnensnoepjes, er zijn kipsnekkies, en er is witte sjookoolaadetaart!!!

    1. Miauw lieve, wijze KeverT,

      wat een slim idee van jouw mensen om rommelhoekjes te maken. Al kruipt er misschien geen stekelig vriendje onder er zijn vast en zeker een heleboel anders kleine diertjes die er ook heel blij mee zijn om in en onder te schuilen.
      Jij hebt mij toch als Japie. Ik ben altijd jouw vriendje. Ook al woon in een andere tuin dan jij. Weet je, als jij tettert, kan ik het hier helemaal horen. Dat is goed. Want als ik het hoor, horen heel veel anderen ook wat voor lieve tetters jij maakt.

      Dank je meow voor alle lieve kopjes en lekkere hapjes namens ons allemaal.

      Veel koppies terug van Japie

  9. Oh lieve Japie, wat een prachtig einde van dit sprookje. Wat was dat spannend, en zo mooi geschreven. Pasa en ik hebben ervan genoten. Knuffels van ons.

  10. Lieve Japie,

    Zo’n mooi sprookje hebben wij nog nooit gehoord en het is allemaal nog echt gebeurd ook. Je hebt het hele verhaal wel prachtig en spannend verteld. We hingen echt aan je lip……. eh…….. letters.
    Wat fijn dat je nu een huis met een lief mens hebt en daarnaast zijn je egelvriendjes ook nog steeds bij je in de buurt. Jij bent maar een bofferd met zo’n mooie oplossing.
    Lieve Japie, we hopen nog heel veel avonturen van je te lezen. Veel zachte kopjes van Cindel, Fenneke, Jillie en Ivar en veel liefs van onze vrouw.

    1. Meow lieve furriendjes,

      Dank voor jullie lieve letters. Ik ga er van blozen. Dat zie je gelukkig niet onder mijn bontkraagje. Ik ben zeker van plan nog meer furhalen te maken. Maar zo spannend als toen hoop ik niet meer mee te maken.

      Koppie van Japie voor jullie allemaal

  11. Wow Japie, wat een spannend avontuur heb jij beleefd zeg. Ik vond het best wel een beetje eng om te lezen maar ben blij dat je egelvriendjes je zo goed geholpen hebben hoor. Vriendjes zijn belangrijk en nu heb je een fijn en warm huis. Hier woont ook een egeltje in de tuin soms en mijn man gaat een speciaal huisje voor hem maken zodat hij het niet snel koud krijgt in de winter. Dat lijkt me wel fijn. Ik vind alleen zijn ook erg en dan ook nog honger en koud…brrr…dat heb ik nu gelukkig nooit meer. Zou ook schrikken als mijn vriendje er zo bij lag hoor…maar hij deed het om jou te helpen en dat is het belangrijkste! Veel knuffels voor jullie allemaal van Lucky en de rest

Reacties zijn welkom