Woef! Hallo allemaal, dit is mijn eerste keer hier op de blog. Mijn naam is Toby en ik ben een hond. Ik ben tien jaar van leeftijd en ik woon al tien jaar bij mijn vrouw. Dat is op 11 oktober. Dat is de ooma van Bram die ook blogt.
Blond
Bertje vroeg aan Bram van ‘weet jij iets?’ en toen zei Bram, nou Toby heeft genoeg te kletsen. Of ik nou een hond of kat ben, maakt niet uit. En andersom ook niet. Dat Bram een kat is maakt voor mij niet uit. Hij mauwt en ik blaf. We verstaan elkaar prima en weten van elkaar wat we aan elkaar hebben als broers want Bram is mijn broer.
Andere katten vind ik ook prima, hoe meer hoe leuker en gezelliger. Oh ja ik ga even verder vertellen. De kleur van mijn vacht is blond en ik heb een lange staart. Soms lijk ik op een vosje als mijn staart beweegt. Bij ons honden hebben we een naam voor hoe je eruit ziet, dat heet ras. Mijn ras zijn er twee. Mijn vader is een Keeshond-ras en mijn moeder een Sheltie-ras. En toen kwam ik. De snoet van een Sheltie en de krulstaart van een Keeshond. Nu ga ik vertellen wat ik allemaal doe en leuk vind.
Routine
Ik vind alles leuk behalve alleen zijn. Maar laten we beginnen met mijn routine. Dat begint als mijn vrouw ‘s morgens opstaat. Als zij wakker wordt en haarzelf gaat aankleden, dan blijf ik nog even op bed liggen. Ik wacht net zolang tot dat we gaan kroelen. Dat wil zeggen dat ik me uitrek en dan allemaal knuffels en kusjes krijg. Daarna gaan we naar beneden voor het ontbijt.
Mijn ontbijt bestaat uit speciale brokken, vlees en medicijnen. Dat komt omdat een van mijn nieren niet helemaal ontwikkeld is en daarvoor krijg ik dit voer. Het zorgt ervoor dat het mijn nieren ontlast met het verwerken van voedingstoffen. Als ik dat niet eet krijg ik hele erge buikpijn en dat wil ik niet.
Ronde
Dan is het tijd voor mijn ronde. We gaan naar buiten en in de ochtend wil ik altijd dezelfde route hebben. Dat is een rondje rond het dierenparkje en weer terug. Jaaaaaaaa leuk! Laten we gaan. Bij het parkje begroet ik iedereen. Woef! Ik blaf een paar keer zodat ik iedereen begroet heb. De kippen vliegen op en kakelen. Wandel waggel eenden snateren naar me. Deze eenden lopen heel raar en ze zijn best lang. Konijnen vluchten hun hol in als ik eraan kom. Ze vinden mijn blaf te hard. En de schapen blaten in volle glorie terug. Ik denk ook vanwege mijn koekjes. Dat zijn van die anti allergie granen dingen die zelf mijn vrouw kan eten omdat er niks in zit. De schapen vinden ze ook lekker.
‘Het ontbijt is er’ blaf ik naar de schapen. ‘Goede morgen mevrouw schaap’ zeg ik als ze dichtbij is. Mijn vrouw deelt de koekjes uit en wij gaan daarna verder. Als ik mijn plas en poep gemaakt heb, gaan we naar huis.
Kijken
Meestal kijk ik of er nog eten in mijn bak zit en dat eet ik dan op. Dan drink ik nog water want van zo’n wandeling krijg ik dorst. Daarna is het dut tijd. Dan plof ik op de bank neer. Er zijn twee banken. De een heeft een deken met kussens erop en de andere alleen kussens. Ik lig graag bij mijn vrouw in de buurt en dat is vaak op de bank met de deken. Tussen mijn buiten zijn ben ik binnen en doe ik raam-controle. Dat wil zeggen dat ik op de bank met kussens ga zitten en naar buiten kijk.
Ik hou in de gaten wie er allemaal voorbij loopt. Dan blaf ik soms. Ik begroet ze dan. De ene keer zeg ‘goedemiddag’ en de andere keer geef ik een compliment zoals ‘wat een mooi vacht heb je daar’. Ik vind mezelf best vriendelijk en ik praat graag. Mijn vrouw vind dat ik weleens te veel praat en dat ik echt niet iedereen hoeft te begroeten.
Vrienden
Spelen vind ik ook leuk en ik heb een krat waar alles inzit. Ik speel het liefst met piepspeeltjes. Het is zo leuk om daar in te bijten en dat het dan geluid maakt. Zo heb ik een eend of een fazant als speeltje. Als je daar keihard in bijt dan maakt het echt een herrie. De piep hierin is heel hoog. Ik vind het een leuk geluid maar mijn vrouw denkt daar anders
over. Oh en dan heb ik ook nog een bal. Deze bal is een snackbal. Daar kunnen koekjes in en snacks. Als ik lekkere trek heb dan neem ik de bal mee naar mijn vrouw en dan laat ik haar zien wat ik wil. Ik zie dat ik bijna aan het einde van mijn blog ben en ik heb nog zoveel te vertellen. Mijn middag ronde en mijn avond ronde. Wat ik dan doe en waar ik dan heen ga. Mijn vrienden die ik tegen kom en zelfs mijn grote liefde want die heb ik. Ze is nu een prachtige ster maar ze blijft mijn vriendin. Haar naam is Maddie en ze is van ras een golden-retriever. Samen aten we peertjes bij de boom. Maar deze avonturen vertel ik allemaal in de volgende bloggen. Ik vind het heel leuk dat ik hier mag kletsen en mijn verhaal mag delen want ik praat graag.
Fijne dag allemaal en tot snel,
Toby
Mauw. Wat was de Hoedjessjow weer mooi. En wat een prachtig hoedje had ik opgekregen. Fan de footoo met mensenoma en opaas Moos en Max werd ik eefe stil. Zo mooi gewoon. En nou zijn wel alweer veertien donkers en lichts ferder. Fanmijndaag is het Dierendag. De dag dat je ekstra lief bent voor alle diertjes. Nou hoor ik jullie mauwen dat dees poes tog altijd furrwend word. Mjauw mauw ja dat klopt wel. Maar op deese dag mag ik net eefe wat meer zeuren om ekstra noepies hihi.
De dag begint met Frau die me lekker knuffelt en segt hoe lief ze me find. Dan dribbel ik naar beneden en ga klaar zitten foor de oggent noepies. Normaal krijg ik er fier. Op dees spjeesjaale dag krijg ik er zes. Jammie. Daarna krijg ik nog wat knuffels en krijg ik te horen hoe mooi ik wel niet ben.
ik weet het al. Ik ga probeere of ik de deur van de MinKeef open kan krijgen. Daarfoor moet je hoog kunnen springen en een beetje kracht in je pootjes hebben.
Hoi allemaal, ben ik weer voor mijn blog van deze week. Hebben jullie allemaal genoten van de Hoedjesshow? Wij vonden het super mooi en hebben heel veel gezwaaid naar alle sterretjes. We hebben ook de poezels gezien die hier eerst woonden… onze vrouw werd er een beetje verdrietig van maar we hebben haar getroost hoor. Dat hoort gewoon als je samen bent en je ziet dat er iemand verdriet heeft. Ik denk dat jullie ook allemaal superlief geweest zijn voor jullie mensen.
En wat denk je? Komt recht daar achteraan ook haar zusje Janneke voorbij. Mijn vrouw ging naar buiten en ik moest er natuurlijk ook even het mijne van weten. Het was nog best koud maar twee konijnen los in de tuin, dat is raar. Hoe komen die nu uit hun konijnenpaleis dacht ik nog. We gingen kijken en toen zagen we het: ze hadden (alweer) een gat in het hok geknaagd en daardoor konden ze naar buiten. Kim was ook al aan het proberen om zich erdoor te wurmen maar zij is wat groter dus dat paste niet goed. Mijn vrouw wist Janneke snel te pakken maar Jip heeft heel de middag door de tuin gerend. Nu geef ik daar niet zoveel om want het is wel gezellig maar ze zat wel in mijn tent…nu ja zeg. En zeg nu zelf: wie eet er nu hout? Nu ja, de konijntjes dus.
boeit me niet zo om eerlijk te zijn. Als ik maar bij mijn kip kan.
Op de dag dat ik deze letters schrijf heb ik in mijn tuin zon gehad EN regen EN ook nog iets anders, iets dat ik niet vaak meemaak: er vielen allemaal keiharde klontjes ijs uit de lucht, ze vielen door mijn hele tuin en ook op mij!!, ik bleef zitten in het gras want ik wist niet zo goed wat ik moest doen, totdat mijn mensen me riepen en de deur voor me open hielden, ik rende heel snel naar binnen en mijn man wreef me droog met een haswand, Dat heet een washand! roept mijn vrouw, eeniewee ik vind dat altijd heeeerlijk, en ik moest er zo hard van spinnen dat mijn hele lijf mee spon, van mijn neus tot aan het PUNTje van mijn staart.
Buiten
Mijn idee
Filos: wist jij het, dat we zo heetten?
Wij lijken heel veel op elkaar. Logisch zou je kunnen zeggen want jullie zijn broer en zus. Maar dat is niet altijd zo. Dat je op je familie lijkt. Jullie hebben vast wel gezien dat wij bijna hetzelfde zijn. Van buiten dan. Want van binnen zijn we ook allebei onszelf. Ik vertel jullie een klein geheimpje. De eerste dagen van ons leven hier kon het Maria-mens ons niet zo goed uit elkaar houden. Wie is wie en wie is nou eigenlijk wie, sprak ze dan. Ze zag ons ook bijna niet omdat we bovenop een hele hoge kast zaten. Zij moest op een trapje gaan staan om iets te kunnen zien. En dan nog zag ze ons niet helemaal.
Ik, ben de grootste van ons twee. Dat is wel vaker zo als katermans. Wij hebben heel veel witte haren. We hebben allebei een rode staart en een rode vlek op ons lijf, aan de linkerkant. Bibi heeft ook nog een rode vlek vlak boven haar staart. En rood op haar linker pootje. Bij mij zit een vlek op en achter mijn ene oor. En allebei een paar boven onze ogen. Bibi heeft ook nog sproeten. Mijn snuitje is wit.