Loesje vertelt: wat ik doe op Dierendag

dierendag

Ik wilde schrijven voor me Bert maar me vrouw zei, Loes het is wel Dierendag. Dat is een dag voor alle dieren. Ik vind dat belangrijk want er zijn veel dieren die niet zo gelukkig zijn als me Bert en ik van ze eigen. Dat vind ik ook moeilijk want ik vind, ieder dier heb recht op ze eigen geluk. Dat ze niet op de straat hoeven te leven net als me Bert vroeger. En dat iedereen genoeg tonijn heb voor ze eigen en het mag ook iets anders zijn.

Mensendag

U weet ik woon hier met me vrouw, Floris en Zusje. En ik heb ook verkering met me Bert. Voor ons is het eigenlijk altijd dierendag. Me vrouw zei laatst dat ze ook weleens een mensendag zou willen. Ik heb er over nagedacht maar als er dan geen tonijn is dan is het eigenlijk geeneens een dag. Dus ook geen mensendag van ze eigen. Daar ben ik wel duidelijk over geweest, dat ze weet waar ze aan toe is.

Feegeetarie

Op dierendag zegt me vrouw, eten we geen vlees of vis van ze dieren. Oooh maar wij hebben wel feest dus ik werd best onrustig in me kop. Ik dacht hoe moet dat dan? Ik zeg U eerlijk, een dagje zalm of garnaaale wil ik best proberen van me eigen. Maar ik ben niet bewust feegeetaarie. Ik ben het meest gerust als de kast vol staat met tonijn. Voor als ik zin heb of tussendoor, voor me emozies en voor me Maatje Meer. Op dierendag krijgen we geenvleesofvisbrokken, ik vind er niks aan. Maar het is voor de dieren. En voor me vrouw, denk ik.

Meeditaasie

Ik heb wel iets wat ik doe voor alle dieren in de wereld. Ik doe me dierendagmeeditaasie. Dat is dat ik me helemaal ontspan van me eigen en me kop leegmaak. Dan leg ik me kop op tafel en doe ik me meeditasie. Ik denk dan aan alle dieren en geluk. Dat er geen zielige dieren meer zijn en alle dieren genoeg te eten krijgen en ook knuffels.

Oooh ik voel dan me tonijn in me buik. Dan ben ik diep in me meeditasie en in me eigen. Misschien wilt U het ook proberen vandaag. Dat we allemaal samen aan de dieren denken en dat er dan geen leed meer is.
Geen leed en wel tonijn!
En ik heb ook een kleine traktaasie voor me eigen,

Liefs Loesje

Als binnenkater kijk ik naar buiten

binnenkater  Ik ben een binnenkater en ik kijk naar buiten. Dat is om op de hoogte te blijven van de dingen in de straat. En de straat is de wereld dus ik ben een binnenkater die de dingen snapt.

Mensen vragen me weleens of ik naar buiten wil. Nou nee. Vroeger had ik geen thuis en toen moest ik op straat zwerven en dat was heel moeilijk. En nou ben ik binnen met lekker eten en knuffels en zachte kussens om op te slapen en iemand die van mij houdt. Dus ik ben het liefste binnen. Maar ik ben wel nieuwsgierig naar buiten.

Snuiven

Soms staat het raam op een kier, ik kan er dan niet met mijn kop door alleen met een  stukje. Neus en snuit zeg maar. Dan snuif ik de buitenlucht op. Lekker diep dat ik het helemaal goed kan ruiken.  Ik kan dan gemakkelijk een uur in de vensterbank zitten snuiven en voelen wat het is. Door vroeger snap ik de luchten.  Elke lucht betekent weer wat anders en  dat herinner ik me van vroeger.

Kijken

Als het raam dicht is, dan zit ik naar buiten te kijken. Naar de straat. Gisterochtend was het heel moeilijk voor de mensen in de straat. Het was donker en het regende en waaide, ze keken allemaal raar.  Ja, dat is de straat. De straat is moeilijk. Voor iedereen weer op een andere manier.  Dat snap ik wegens vroeger, zonet zei ik het al.

Zon

Het fijnste is als er hele zachte zon is, daar ga ik dan in liggen slapen op mijn tapijtje. Of op mijn kussen als de zon daar is. Dan heb ik binnen en buiten tegelijkertijd.

Sommige katten zijn gewoon gelukkig als binnenkat, en ik ben dat ook. Alleen wil ik wel op de hoogte blijven van wat er buiten gebeurt. Dus daarom zit ik ook in de vensterbank.

Katrien: over ziek zijn en liefde van thuis

ziek zijn

Vandaag wil ik het over ziek zijn hebben.  De meesten van jullie weten het wel… ik ben nou niet een gezonde kat.
Ik ga het niet uitgebreid over mijn keeltje hebben, daar heb ik heel vroeger een keertje last van gehad. Of over mijn oortjes (nee…niet mijn seizoensoortjes) toen ik een keer daar een ontsteekinkie had.

Hartje

Ik heb al een paar jaar last van mijn stomme hartje. Dat wil zeggen, mijn hartje klopt trager dan van jullie. Volgens de laatste kont-troolle was het 110 per minuut. Maar het is zelfs nog lager geweest hoor.  Op zich heb ik er geen last van. Ik loop als ik er zin in heb of ik loop niet. Heeeeel soms rees ik nog wel eens door het huis.
Kijk… ik ben al bijna 17 lentes en dan hoef ik me niet zo uit te sloven als toen ik jong was.
Nou was ik op een dag weer bij Floor. Wat ze van mij wil… ik weet het niet. Ze knijpt me overal, ze pakt me bij mijn oortjes vast en kijkt met een kijkding er in.
Vind ze het gek dat ik haar niet leuk vind.
En dan pakt ze haar prikspuit. Ooooh, dat is zo gemeen. Ik was een keer zo boos daarover, ik draaide me snel om en ik wou haar terugbijten!! Sjipjes… beet ik toch mis, want ze zag het blijkbaar aankomen en trok haar hand terug. Ik haat prikjes!!
En dan propt ze een pilletje in mijn bek. Nou.. ik ben kampiejoen uitspugen, hoor.

Allereerste prik

Ik herinner me mijn allereerste prikje nog heel goed trouwens. Ooooh dat was erg!! Dat was bij Joyce. Toen was ik acht  weekjes jong.
Ik dacht wat een aardige mevrouw. Ze aaide mij en mijn wolkenzusje. Ze pakte ons op van de tafel en vroeg wie is wie. Want Catoo en ik leken een beetje erg veel op elkaar. Toen schreef ze Katrien, wit lipje.
Affijn… binnen een paar minuten wist ik gelijk dat ze gemeen was. Ze prikte me!! Ik gaf een brul. AUWWW, en ik glipte met de spuit nog in me uit haar handen. Ooooh dat was zo niet leuk.

Bloed

Maar goed….nu werd ik twee  jaar geleden ziek. Ik liet bijna niets merken. Ik ging geen donkere plekken zoeken. Ik at alleen minder en sliep veel. Heel veel.
Na een paar dagen zei vrouw opeens van ik vertrouw dit niet.
Nou…  toen kwam ik weer bij Floor. En ze keek me na. Ze zag dat ik heel licht geel was.  Toen zei ze zullen we haar bloed testen.
Ik had zoiets van oke, maar geen naald he? Noo wee!!!
Ik werd opeens in een houtgreep genomen. Mijn pootje werd een beetje kaal gemaakt.(mijn nieuwe Roy Dondershuispakje werd vernield!!) En ze stalen mijn bloed!!! Ik werd gewogen en ik was bijna een pondje afgevalt.

Slapen

Thuisgekomen viel ik doodop in slaap. Ik sliep de hele avond door tot de volgende ochtend. Ik kreeg vanaf die ochtend elk uur een hapje. Nou… dat ging er in hoor. Soms kreeg ik ’s morgens al lekkere gekookte vis.
Na een paar dagen kwam de uitslag. Mijn levertje was stom aan het doen. Ik kreeg geen medicijntjes, maar Floor zei dat ze zekerheid wou hebben en een scan wou. Om te zien of het niet eng erg was. Weer werd ik vertroeteld. Het personeel was bang dat ik naar mijn zus moest gaan.

Over mijn buik

Ze zouden zelfs in dat weekend naar het theater gaan. Dat belde ze af, en ze mochten kosteloos een andere datum uitzoeken.
Toen werden we dinsdags gebeld. Of we over twee uurtjes konden komen. Vrouw belde gelijk naar manpersoneel en hij kreeg meteen vrij. Ik trok een schoon Roy Dondershuispakje aan. Je wil toch netjes verschijnen. En we gingen per taksie naar de dierenkliniek op de Overtoom. Dat gebeurt alleen als ik echt ziek ben. Anders gewoon in de tram en bus.  Daar stond me toch een eng groot apparaat.
En toen gebeurde het allerergste. De meneerdokter scheerde mijn hele buikje kaal. Hij sloeg ook geen stukje over. Ik schaamde me dood. Mijn borstjes waren gewoon zichtbaar. Heel mijn pakje was kapot.  Ik werd op mijn rug gelegd. Wat was ik bang. Het personeel mocht er bij blijven. Manpersoneel hield mijn achterpootjes vast, vrouw een voorpootje en ze aaide mijn kopje en sprak zachtjes tegen mij. Meneerdokter ging eerst doorzichtig spul op mijn buikje spuiten. Toen kwam dat kijkding.
Hij ging heen en weer over mijn buikje.

Ooit van ongewenste intiemiemiedinges gehoord? NOU?

Diva

Ik weet niet hoelang dat onderzoek geduurd had. Voor mijn gevoel heeel lang. Maar toen kwam de mooiste uitslag. Ik mocht blijven. Mijn levertje en de rest zag er goed uit. Het was wel grappig om te zien hoe mijn eten in mijn darmpjes “dreef”.
Wat waren we blij. Mijn vrouw knuffelde een assieding, zo blij was ze.
Toen werd ik gewogen. Oooooh ik was 4 ons aangekoomt. En mijn hartjeslag was van 80 naar 110 gegaan. Vanaf dat moment ging het weer beter met mij. Zo goed dat ik dit leventje niet los wou laten en ik begon me als een kleine diva te gedragen

Gaatjes

Het duurde wel bijna twee  maanden eer we konden zeggen dat ikjes helemaal beter was.
Ook hielden ze me weken goed in de gaatjes.
Dat duurde tot ze mijn ziek zijn gewoon begonnen te vinden. Nu weten we niet beter meer en gaan we heel normaal met elkaar om.
En de rest is jullie bekend.

Liefs en kusjes
Katrien (superverwend nestje van beroep)(en ook prinsesje)

 

kater Bolle: over mijn grote liefde Molly

grote liefde

Zelf heb ik mijn hele gebit nog, voor zover ik weet. Ik hoop ook dat ik al mijn tanden houd, want ik wil geen kunstgebit. Maar ik weet dat een kat ook zonder tanden en kiezen prima kat kan zijn. Mijn grote liefde Molly had namelijk in totaal nog maar 4 of 5 tandjes en kiesjes.

Eerste keer

En toch wist ik de eerste keer dat ik haar zag meteen dat ze voor mij de vrouw van mijn leven was.

Ik woonde toen buiten, en werd samen met een grote groep katten gevoerd. In een huis wonen durfde ik niet.
Tot ik Mol zag, en wist dat ik altijd bij haar wilde zijn.
Ik ging elke nacht haar huis in. (En at haar eten op, maar dat terzijde).
In het begin werd Mol razend als ze door had dat ik er was, en sloeg ze me volkomen in elkaar. Dan moesten Molletjes mensen, die nu ook mijn mensen zijn, mij komen helpen.
Nou, toen wist ik het natuurlijk helemáál zeker! Zo’n vrouw, die zo mooi en zo stoer is, die vind je nooit meer.

Tijger

Dus ik bleef volhouden en uiteindelijk legde Mol zich er bij neer dat ik binnen kwam.  Ik mocht niks van haar: niet op bed, niet op de vensterbank, niet op de bank. En ik mocht niet door het huis rennen, want daar hield ze niet van. Dus dat deed ik allemaal niet, want ik wilde dat ze me lief vond.
Ik liep haar overal achterna en ging altijd met haar mee. Waar Mol was, was ik.
Mol was tien jaar ouder dan ik, doof, kon niet meer zo goed zien, en was een beetje in de war. Maar toch respecteerden alle katten in de buurt haar. En terecht, want als ze boos was was ze een tijger.
Een tijger zonder tanden, maar rennen en krijsen dat ze kon!

Trots

Als ze een kat uit de tuin joeg ging ik altijd snel op een tuinstoel zitten, want ik vond het een beetje eng. Na afloop ging ik dan naast haar zitten, en gaf kopjes en kusjes. Wat was ik dan trots op haar!
Ook zonder kiesjes en tandjes at Mol gewoon alles wat ze voor die tijd ook at. Als we runderhart kregen, of vers vlees, duwde ze mij bij mijn bakje weg en at eerst dat leeg en dan pas haar eigen bakje. Dat liet ik altijd toe, want ze moest goed eten om sterk te blijven.

Stel

Bijna een half jaar waren mijn Molletje en ik een stel.  Ik was zo gelukkig met haar, en zij uiteindelijk ook met mij.

grote liefde
Mol en ik

Toen werd ze nog zieker, en ging ze voor altijd slapen. Zonder mij.
Ik heb haar een jaar lang gezocht en mis haar nog steeds.

Stoer

Mol liet zien dat je ook zonder gebit stoer kunt zijn.  Dat stoerheid in jezelf zit, en niet in hoe je eruit ziet. Als je denkt dat je stoer bent, en mooi, en lief, en je zo gedraagt dan ben je dat ook.
Maar met dat stoerzijn moet ik nog oefenen, zo zonder Mol.

Als ik thuis in de spiegel kijk

in de spiegel “Bertje, wat zie je als je in de spiegel kijkt?” vroeg mijn vrouw.  Ik dacht wat denk je zelf. Dus ik keek alleen even. Je woont toch samen.

Mijn vrouw had met de vrouw van Bolle gemaild over dieren die in de spiegel keken en of ze dat wel of niet begrepen.

Bolle en ik, dat weet ik gewoon zonder het te vragen, begrijpen vrouwen niet altijd.

Spiegel

Bij mij thuis staat beneden een grote spiegel en ook op de slaapkamer. ’s Avonds kijk ik daar soms in, voordat ik op het bed spring. Ik loop een rondje door de kamer en daar hoort ook bij, dat ik de spiegel doe.
Eerst kijk ik naar de spiegel.
Daarna kijk ik in de spiegel. Naar mezelf, dus. En omdat mijn vrouw dan meteen begint te praten, kijk ik in de spiegel naar haar en zij kijkt in de spiegel naar mij en zo zien we elkaar. Ik hoop dat u het nog kunt volgen.

Hetzelfde doe ik met de spiegel beneden, daar kijk ik in als ik op de zijleuning van de bank hang. Even opzij hangen dan kan ik mezelf zien en dan zie ik ook meteen hoe mijn vrouw altijd moet meekijken. Nou ja. Ik vind het best, al doe ik het bij haar nooit.

Dus ik weet gewoon dat ik als kater zijnde snap wat een spiegel is.  Dat wilde ik even zeggen.

En ik doe ook geen gekke dingen als achter de spiegel kijken of daar een kater zit of met mijn poten tegen de spiegel slaan. Nergens voor nodig. Er is hier maar één kater en dat ben ik.

Raam

Als ik in de vensterbank zit, dan kan ik mezelf ook een beetje in het raam zien. Is leuk, maar meer niet.

Kijk, ik weet wel hoe ik eruit zie. Alleen al door het wassen weet ik dat, dat lijkt mij logisch. Die spiegel, dat is een mensendingetje. Of eh… een vrouwendingetje. Dat kan ook.