Waarom ik plat op mijn kop ben

plat Waarom ik plat op mijn kop ben. Dat weet ik sinds kort.  Ik zal het meteen zeggen ik heb daar een plat stuk voor de knuffels.

Aaien

Toen ik  pas uit het asiel was en met mijn vrouw ging samenwonen, wilde ik alleen langzaam en zacht over mijn lichaam aaien. Daar werd ik van binnen rustig van. Want als je als katerman opeens samenwoont, dat is niet niks. Ik had zoveel spanning dat ik elke dag ook flink wilde spelen. Rennen, rollen, muis onder de lap, het moest en het zou en het gebeurde ook. Pas daarna kon ik aaien en slapen.

Oren

In het asiel deden de vrouwen daar iets fijns achter mijn oor. Dat was een speciale techniek waardoor ik vanzelf met mijn kop scheef ging hangen. Ze friemelden op een klein plekje met hun vingers en dan duwde ik mijn kop er zo tegenaan. Man, man, wat een gevoel.  Mijn vrouw probeert het ook maar het voelt toch anders. Kan ook door de situuazie komen, nou ben ik meer knuffels gewend. Of asielvrouwen kunnen iets extra’s,  dat ze geheim houden.

Plat

Aan samenwonen ben ik nou gewend en het is best fijn. Behalve dan dat ze soms weg gaat daar hou ik niet van. Ik ben een binnenkater dus dan moet zij een binnenvrouw zijn, eerlijk is eerlijk.

Hoe het gekomen is weet ik niet, maar er was een dag dat ze met een paar vingers over mijn kop ging. Zoefff en dan zonder mijn oren aan te raken. Zoefff. De vingers gleden over het platte stuk en mensen wat voelde dat goed, ik begon meteen te spinnen. Dat platte stuk was dáár dus voor bedoeld. Voor twee vrouwenvingers die zoeff deden.

Waarom wist ik dat niet eerder?

Mijn vrouw geeft me daar ook kussen. Dat laat ik toe. Voor háár. Zij vindt het fijn. Ik alleen als het zonder geluid is en als ze mijn oren niet raakt en niet duwt. Net als vingers dus, al zijn die beter.

 

Kater Bolle over: toen het haar op mijn buik weg was

haar

De meeste katten hebben overal haar, vaak zelfs in hun maag. Daar schreef Katrientje dinsdag nog over. Tenzij dat je een naaktkat bent, heb je overal vacht. Behalve dan op je neus en je voetkussentjes.

Zwembroek

Ik heb best veel haar, en ook nog best heel mooi haar. Al zeg ik het zelf. En overal op mijn lijf is het verschillend van kleur.
Op mijn rug en staart en hoofd en poten is het zwart en bruin en soms een klein beetje oranje (achter een oor). En dan heb ik op mijn buik veel lichter haar, bovenaan bruin en onderaan roze-oranje-blond.
Mijn mensen zeggen altijd dat ik een oranje zwembroek aan heb, als ik op mijn rug lig.

Buikhaar

Maar er was een tijd dat dat haar op mijn buik weg was.
Hoe dat kwam? Dat had ik zelf gedaan!
Ik had al mijn buikhaar weg gelikt. Ik had een grote kale roze buik. En twee strepen op mijn rug waar mijn vacht heel dun was. Ik had daar zelfs wondjes gelikt.

Het kwam van de zenuwen.

Hond

Het was toen er voor een tijdje andere mensen naast ons kwamen wonen. Met een hele grote hond.
En die hond wilde steeds over het hek springen om mij te vangen.
Mijn mensen hebben met de mensen van de hond gepraat, maar dat lukte niet zo goed.
De mensen van de hond zeiden dat hij “één en al liefde was”.  Nou, dat vond ik dus niet. En als dat dan liefde van een hond was, dan hoeft dat voor mij niet.
Elke keer als de hond in de tuin was, en dat was elke dag, was het problemen. Hij ging heel hard blaffen, tegen het hek staan en probeerde over het hek te springen.
Ik zal het maar eerlijk zeggen: ik was doodsbang. Ik lag soms plat op de grond van angst, en durfde met niet meer te bewegen.
Maar ja, ik kon niks doen. En mijn mensen ook niet.  Als ik binnen moet blijven raak ik vreselijk in paniek, dus dat kan niet.
We hebben het hek dichter gemaakt, zodat de hond mij niet goed kon zien, en mijn mensen bleven op mij letten als ik buiten was en de hond ook.

Wassen

En toen begon het likken.
Mijn mensen merkten eerst dat ik korstjes op mijn rug had. Toen werd de vacht op mijn buik steeds dunner. En op mijn rug.
Ze zagen ook dat ik me steeds zat te wassen. En te wassen. En te wassen. Ik bleef me maar wassen. Op mijn rug, bij mijn staart, en op mijn buik.
Wat moest ik anders doen? Ik wist me geen raad, en voelde me onveilig. Mijn Molletje was net overleden, ik moest wennen aan in huis wonen, en toen nog die hond erbij.
En die hond was de druppel. Het werd me te veel.

Terapuit

Mijn mensen hebben van alles geprobeerd. Ik kreeg pilletjes van kruiden. Ik kreeg iets in het stopcontact dat me rustig zou maken. Ik kreeg valeriaan, maar dat lustte ik niet.
Ik kreeg zelfs een eigen terapuit, die hier een keer langskwam.
En ik werd helemaal binnenstebuiten gekeerd.
Mijn huid werd bekeken, mijn bloed, ik moest in een potje plassen. Nou, dat wilde ik niet, in een potje plassen. Ik kijk wel uit.
Dus toen moest ik naar de dokter en kreeg een grote naald in mijn buik. Mijn mensen waren heel bang, maar ik niet zo. Gek hè, maar het viel best mee. Ik was wel blij toen het klaar was, dat wel. Volgens de dokter was alles goed met mijn lijf.
Alleen had ik zakbuik, zei hij. Daar ben ik weken mee gepest door mijn vrouw. Flauw hoor.
Maar het was dus spiegies, zei de dokter.

Likken

Toen het héél slecht ging trok ik hele plukken haar uit en spuugde die weer uit.
Mijn vrouw was soms zo wanhopig dat ze haar eigen haren uit wilde trekken. Of mijn haren wilde terugplakken. Mijn man was wat rustiger, en dat vond ik wel fijn.
De terapuit had gezegd dat mijn mensen me maar gewoon mijn gang moesten laten gaan, en me niet moesten tegenhouden als ik ging likken.
Nou, knappe jongen die mij had tegengehouden! Ik MOEST en ik ZOU likken.

Kiertjes

Gelukkig zijn de mensen met de hond na een tijdje weer verhuisd, en kwamen de oude buren terug. Op de tweede dag dat ze terug waren vertelde de buurvrouw dat ze een hond gingen ophalen uit het asiel.  Mijn vrouw wilde op de grond gaan liggen en gaan huilen, en ik ook wel eigenlijk.
Mijn vrouw was bang dat ik straks helemaal kaal zou zijn. Kaal en ongelukkig.
Maar op deze hond wordt heel goed opgelet. Hij mag niet naar mij blaffen, hij mag niet tegen het hek opspringen. En het hek is helemaal dichtgemaakt zodat hij mij niet kan zien. Ik kan hem wel zien, door de kiertjes. Dat komt omdat ik heel slim ben!
Mijn mensen waren blij dat het zo goed geregeld kon worden en werden daar rustiger van. Dat hielp mij ook. Want vooral mijn vrouw kan soms net zo zenuwachtig zijn als ik ben!
En zo stopte ik heel langzaam met het likken en wassen.

Privee

Er zijn wel foto’s van mijn kale buik, maar die zijn privee, zegt mijn vrouw. Want sommige dingen hoeft niet iedereen te zien.
Mijn vrienden van de blog zouden het wel mogen zien, maar straks sta ik overal op internet met mijn roze buik!
Dus ik doe hier een foto bij van dat ik gewoon overal haar heb.

Krullen

Want nu heb ik al heel lang (in mensentijd wel meer dan anderhalf jaar) weer krullen op mijn buik.
Ik ben niet meer bang in mijn tuin.
En ik zit weer lekker in mijn velletje. Met haar. En een zwembroek.

haar

Wat ik doe met monteurs

monteurs  Gisteren gebeurde het alwéér. Een monteur in huis. Het was de tweede deze week.  En deze was anders.

Volgende weer komt er weer eentje. Het is allemaal omdat mijn vrouw supersnel internet wil. Ik vind het snel genoeg. Zij niet hoor.

De eerste monteur

Toen de eerste monteur kwam, bleef hij beneden. Mijn vrouw ging erbij en ze bleef erbij. Dat vond ik heel gek. Ze was thuis maar niet bij mij dus dat klopt niet. Na een poos dacht ik Bert, nou moet je wat doen.

  • Eerst miauwde ik keihard in de kamer. Ze riep terug: Ja Bertje.
  • Toen bleef ik heel stil. Maar ze kwam niet kijken.
  • Daarna sloop ik over eerste traptreden naar beneden zodat ik kon zien wat er aan de hand was. De monteur zat in een kastje. Mijn vrouw zat op de trap te kijken. Ze zag me en zei: Ja  Bertje. Alweer.

Weer terug in de huiskamer ben ik op mijn kussen gaan liggen. Na een hele lange tijd ging de monteur weg. BOEM deed de voordeur.

Ik ben de hele dag en de  hele avond van slag geweest dus ik kreeg de hele tijd knuffels en fijne gesprekjes, tot we gingen slapen.

De tweede monteur

Gisteren kwam die. Hij had een harde stem en hij bonkte met zijn voeten en toen mocht hij toch in de kamer.  Hij gooide mijn brokjeschaaltje om. Mijn vrouw kreeg moeilijke gevoelens. Ik zat achter een kastje te kijken en voor de zekerheid probeerde ik te doen alsof ik sliep. Dan ben je er niet.

Gelukkig gingen we weer aaien toen hij weg was.

Alleen zei mijn vrouw dat we nou ook hele snelle internetkabels nodig en dat komt de monteur volgende week doen.

Serieus waar, dat soort dingen snap ik niet. Zij gespannen, ik gespannen en nou is het nog niet af. We moesten heel vaak Rekke en Strekke doen, van Loesjes curzus maar het hielp haast niet zo gespannen waren we. Erg hè?

Loesje vertelt: over gewoon en normaal en rust

gewoon en normaal

Vorige week schreef ik over vertrouwen en dat ik dat nu van me eigen best wel heb. Ik dacht er deze week nog verder over na want ik voelde mij eigen best goed.

Alles was rustig om me heen, me vrouw was thuis. Me Bert was aan ze werk op ze vensterbank. En hij heb ook de zorg voor ze vrouw dus dan is het fijn als ze dag gewoon is. Ik wist hoe me eigen dag eruit zou zien. Dan heb ik rust in me kop en geen zorgen of moeilijke gevoelens. En er is ook tonijn.

Ik kende hem niet

Nu denkt U misschien Loesje is een saaie huispoes. Maar ik wil U zeggen dat gewoon niet saai is van ze eigen. Gewoon is normaal. Alles is hetzelfde en ik snap me leven. Het is goed en er is ook rust. Me Bert en ik praten vaak over gewoon, we begrijpen elkaar. Ik vind het fijn dat me Bert nu een gewone Huiskater is. Vroeger was me Bert een jongen van de straat. Hij is nooit strietwais geweest van ze eigen. Ik kende hem niet. Hij leefde op straat en hij wist niet hoe ze dag zou zijn. Me Bert wist niets van mij bestaan want hij had nog geen Feesboek. Als je zwerft hebbie geen Feesboek want je heb geen kompjuuter. En ik wist het niet van me Bert en van ze leven. Het was gewoon zo.

Ze goede balans

Vroeger was gewoon dus anders. Me Bert heb nu ze vrouw en hij heb rust. Ik heb mij eigen leven en we hebben verkering. Me leven is in ze goede balans en ik heb vertrouwen. Ik zeg U eerlijk, ik ben geen poes voor de straat. Ik wil me wereld niet bestormen en me vrouw ongerust in huis achterlaten. Ik houd van gewoon, dat ik elke dag weet wat er gaat gebeuren en dat me vrouw er is. Als ze er niet is, is het toch anders. Gewoon is dat ik op de bak zit als me vrouw thuiskom van ze werk. Zij geef me dan wel me preifussie want dat vind ik belangrijk. Daarna gaan we knuffelen en krijg ik eindelijk me eten. Ik heb daar dan wel de hele nacht op moeten wachten en dat vind ik soms best moeilijk voor me eigen. Eten hoort gewoon bij mij leven. Zo begint me dag en zo eindigt me dag. Ik vind dat mijn normaalste zaak van me wereld.

Als me vis bekend is

gewoon en normaalNormaal is ook me tonijn, ik weet hoe het ruikt en ik weet hoe ze moote smaake. Soms vind ik het fijn om een andere vis te eten. Me vrouw heb de hele viszaak al bijna leeggekocht voor mij gezondheid. Ze zeg dat ze afwisseling belangrijk vindt in mij eetpatroon. Voor mij eigen hoef het niet, maar ik wil het best opeten. Ik wil mij visboer niet kwetse of mij vrouw teleurstellen.

Soms brengt ze kabbeljouw mee of ansjevis, soms ook makkereel of heilbotte. Ze bedoel het vast goed maar ik vind het moet wel eetbaar zijn. Me hartje trilt pas als me vis bekend is. Dat me vrouw ze tas openmaakt en dat ik het dan al ruik. Dan kan ik mij eigen verheugen want ik weet wat er komt. Ik vind verheugen fijn. Ik kan mij eigen uren verheugen want ik ben een rustige poes. Ik ben me eigen lekkerbek en ik houd gewoon van tonijn.

Me eigen

Gewoon in me bakje en als het kan iedere dag. Dan pas is me leven normaal en kan ik gewoon me eigen zijn. Ik vind gewoon het fijnste van me leven.

Liefs Loesje

Was het een kunstje of was het dat niet?

  Deze foto heb ik pas op mijn Feesboek gezet en ik schreef erbij dat het een kunstje was.  Iedereen vond het leuk.

Later vroeg mijn vrouw aan me: “Bertje, weet je wel héél zeker dat het een kunstje was?”

En toen wist ik dat ineens niet meer.

Hoe het ging

Thuis ga ik best vaak op de foto dus dat ben ik gewend. Ik kan stil zitten als het moet of iets anders doen als het nodig is voor de foto. Mijn verkering Loesje zegt dat ik een mediakater ben en volgens mij is dat ook zo.

Dus ik zat te poseren. Mijn kop zus. Dan weer zo.  En toen wilde ik me wassen en toch weer niet. Of ik moest gapen en toch weer niet. Er was iets maar ik weet geeneens meer wat. Iets dat begon en niet meer verder ging.

Dus toen stak mijn tong er een beetje uit en zo kwam ik op de foto.

Expres

Ik deed het dus maar  een beetje expres en volgens mij is een kunstje iets dat je helemaal expres doet.  Ook als er iemand om vraagt. Daar moet ik nog op oefenen, geloof ik.

Kunstjes

Wat ik wel kan als mijn vrouw het vraagt, is een kopje geven. Zacht of hard net wat ze wil dat doe ik dan. Volgens mij is dat ook een kunstje.
En ik spring op de bank als ze dat vraagt. Dan zegt ze dat ik dat goed kan, springen.

Tong

Maar dat met de tong dat deed ik vroeger niet. Ik bedoel toen ik hier kwam te wonen. Het is iets dat ik dus heb geleerd. Misschien is het dus toch een kunstje.

Het is best leuk dat ik iets kan. Dan voel ik me toch een kater van betekenis. Maar ik vind ook dat een kater geen hond is, en ik weet dat een hond veel van kunstjes doen houdt, maar voor een kater hoeft het eigenlijk niet. Misschien één kunstje.