Katrientje over: mijn liefste dinnetje

dinnetje

Hallooo katgenootjes.  Vandaag ga ik het oofer mijn liefste dinnetje hebben.  Mijn Loesje. Ooooh ikjes benne zo blij dat zij in mijn leef is gekomen.

Ikjes leerde Bert en Loesje ongefeer 2 jaar geleed ken. Via tante Truke. Eerst lazen we alleen maar mee, en toen vroeg ik tante Truke of ze het goedjes von dat ik Bert ook leerd ken. Oooooh nou, dat was goed.
Nou… en zie waar ik nu ben.

Furkeer

Ikjes wist niet eens dat Bert furkeer had. Hij zei datte hij met Loesje ging. Nouuu wat koel. En wat een mooie dame is Loes. In het beginnetje had ik eigenlijk geen kont-takt met haar. Ze zat op een akkauwnt van haar vrouw. Ooooh en het was zo raar. Die naam leek op die van mij!! Alleen mistte zij een teeh.
Loes zag me wel, en ze zei wel eens teeg me van ikke vinne jauw naam zo mooi.
En toen kreeg ikjes er niet meer uit van ooooh dank je.
Ik bloosde eigenlijk best wel. Was zelfs een beetje zenuwachtigjes. Want ze was zo mooi.
Toen kreeg Loes haar eigen feestboek. En opje-eens werd Loes een beetje ziek. Ze had, volgens haar diertjesarts, een hartruisje. Ooooh watte errug. Ikjes hep zelf een stom hartje waarvoor ik nu ook twee keer per jaar voor naar Floor moet.

Kloozer

En toen werden Loes en ik kloozer. Toen vroeg ze of we dinnies wilden worden. Ooooh dat zou koel zijn. En omdat we alle twee iets met ons hartje hadden werden we hartjesdinnies. Niet hartsvriendinnen, want datte is ze met Miel.
Van hartjesdinnies zijn we naar soolzusjes gegaan. Ooooh wij heb echt sool in ons. En eten. Vooral vis. Loesie kan ook heel goed pootjes van kip afkluif, ze lijk dan net een pieeeranja. En dat met één tandje.

Allessie

We gaan zellufs bij elkaar loosjeer doen. Alleen had ik één keer perongelukje dezelfd piejama meegenoomt. En loes trok die aan. Nou… jullie snap wel dat hij mij een beetje te groot is geworden. Isse niet zo erg hoor want Loesie is mijn allessie. En misschien kan ikjes ooit weer een koel pjamaatje vinden van Roy Donders.

Trots

En toen kwam voorig jaar. Onze grote uitstap naar het aziel bij mij mette de kersemuts. Ooooh wat was Loesie bang, en toch zette ze door. Ikjes benne zo trots op mijn Loesje.
Dit was het weer voor dees week.
Veel liefs en een kusje

Katrientje (prinsesje met liefde 71 bomen passeert om bij haar soolzus te zijn)

Steeds weer die stofzuiger

Ik weet niet waarom, maar de laatste tijd gebeurt het thuis  vaker dat de stofzuiger aan gaat. Dat vind ik stom. En het hindert me in mijn gewone doen.

Hiervoor was er thuis een hele grote stofzuiger die hard geluid maakte. Die is één keer aan geweest. Ik was meteen bang en toen bleef die stofzuiger in de hoek staan. Ik liep er langs als ik naar boven ging dat lukte wel.

Klein

Op een dag was er een andere stofzuiger. Kleiner. Eerst zat het in een doos en die ging open en toen lagen er hele lekkere brokjes op het ding. Dus het rook wel raar maar toch ook naar brokjes.  Het bleef in de kamer staan. Dus zo kon ik er een beetje aan wennen. En toen het aan ging, was het geluid raar. Niet heel hard. Wel stom.  Ik bleef gewoon in de kamer als het aan ging en dat doe ik nog.

Haren

De laatste tijd gaat de stofzuiger vaker aan. Dat is misschien ook omdat ik overal haren laat liggen. Mij maakt dat niet uit, zolang ik maar niet kaal word. Maar ik blijf erbij, stofzuigen is stom.

Lig ik net lekker op de bank, hoor ik dat geluid weer. Ik kijk dan toch waar het ding heen gaat dus ontspannen gaat niet.

Of het ding gaat over de traptreden naar boven, nou dan kan ik niet bij mijn bak wegens dat het ding er in de buurt is dus dan wil ik toch liever ergens anders zijn.

Volgens mij hoort het bij de lente maar dat weet ik niet zeker.

Speciaal

Het is een speciale stofzuiger, zei mijn vrouw een keer. Net of ik daarvan ga spinnen. Mij maakt het niks uit. Ik heb het liever niet, want het stoort me. Stofzuigen is stom, dat is mijn mening.

kater Bolle over: als je bijna een raskat bent

raskat
Mol en ik

Voor mezelf ben ik gewoon Bolle. Een kater met korte pootjes, een korte staart, brede schouders en grote ogen. Zo ken ik mezelf. En mijn mensen kennen mij ook zo.

Brits korthaar

Maar toen ik een tijdje geleden bij de dierendokter kwam, vertelde hij mijn mensen dat ik bijna zeker tachtig tot negentig procent brits korthaar ben. Mijn vrouw moest lachen, en vroeg of dat die katten met een beebiegezicht zijn. De dierendokter zocht fotoos op de kompjoeter op, en ja hoor, daar stonden een heleboel fotoos van mij.
Allemaal katten met grote ogen, en korte pootjes en een brede borst en een korte staart. En ook nog mijn haren. Ik heb nooit geweten dat ik zoveel familie heb.

Sir Bolle

Zo was ik ineens bijna een raskat.  Mijn mensen zeiden meteen dat ze me op internet gingen zetten om me voor veel geld te verkopen.
Niet echt waar hoor, dat was maar een grapje.
Ik was zelf een beetje zenuwachtig, want ik spreek helemaal geen Engels. Dus hoe moet dat dan, als brits korthaar? Misschien bestaan er ook gewoon nederlandse kortharen, dat hoop ik maar.
Mijn mensen hebben nooit een raskat gehad. Pop en Beer en mijn Molletje waren gewoon kat. En Billy ook.  Mijn mensen waren daarom ook een beetje zenuwachtig. Ze vroegen me of ik voortaan Sir Bolle genoemd wilde worden. Dat is Engels, en dat begrijp ik dus niet. Mijn vrouw legde me uit dat dat meneer betekent. Nee, ik wil niet meneer Bolle zijn. Ik wil gewoon Bolle blijven.

Tenen

Ik had al eens verteld dat ik een beetje vreemd in elkaar zit. Dat heeft waarschijnlijk met dat ras te maken. Dat iemand zo veel mogelijk beebiekatjes wilde hebben om te verkopen, en dus maar broers en zussen met elkaar kindertjes liet krijgen. Jakkes. Daarom heb ik nou kromme benen, en een centenbak.
Mijn vrouw zag een paar weken geleden trouwens dat mijn tenen ook scheef zijn gaan staan. En daarom groeien twee nageltjes over elkaar heen. Dus die moeten steeds geknipt worden. Wil ik dat? Nee. Doet mijn vrouw dat toch? Ja. Ze zegt dat het moet.  Mijn man durft het niet, want hij is bang dat hij in mijn vel knipt. Maar mijn vrouw trekt zich daar niks van aan en knipt gewoon mijn twee nagels af.
Nou ben ik dus bijna een raskat, en ik heb nog steeds niks te vertellen thuis! Dat is toch raar, vind ik.

Mijn Mol

Mijn mensen zeggen dat ze net zoveel van me houden als voordat ze wisten dat ik brits korthaar ben. Dat alle katten uiteindelijk gewoon katten zijn. Of je nou rood of zwart of wit of grijs bent. En dat zij gewoon mensen zijn, net als alle mensen. Of ze nou rasmensen zijn of niet en of ze nou wit of zwart of rood of groen zijn.
Je uiterlijk is helemaal niet belangrijk, vinden mijn mensen. Want je kunt heel mooi zijn, maar helemaal niet lief. En je kunt heel lief zijn, maar helemaal niet mooi. Een vriendin van mijn moeder zegt altijd dat je van een mooi gedekte tafel alleen niet kunt eten. Terwijl ik eten juist zo lekker vind! Maar het betekent dat je aan een mooi uiterlijk alleen niks hebt. Dat je ook nog een mooi karakter moet hebben om echt  mooi te zijn. Dat is zeker weten waar. Ik heb mijn Molletje en mijn mensen uitgekozen omdat ze me lief leken, niet vanwege hoe ze eruit zagen. En dan was mijn Mol toevallig nog een prachtige dame ook.
Maar ze hoefden van mij niet langharig of kortharig te zijn. Of Siamees.
En trouwens, mijn vrouw heeft steeds weer een andere kleur haar. En toch blijft ze dezelfde vrouw.

Biesonder

Inmiddels ben ik er wel aan gewend, dat ik een brits korthaar ben. Ook al ben ik dan scheef afgewerkt. Eigenlijk is er helemaal niks veranderd.
Bovendien zijn alle katten mooi op hun eigen manier. Ook als je geen brits korthaar bent, of juist wel. Of als je een oogje minder hebt, of een pootje minder. Als je scheef afgewerkt bent, of een beetje te dik bent met lange haren of juist te dun met heel weinig haar. We hebben allemaal wel iets biesonders.
Ik ben ook maar geen Engels gaan leren. Want alle katten hier in de buurt spreken gewoon onze eigen kattentaal, we miauwen en we begrijpen elkaar. Ik zou niet weten met wie ik Engels moet spreken.
Dus ik ben gewoon weer Bolle. Nog steeds. Dat is toch het fijnst.

Ik weet niet wat op tijd is zegt ze

op tijd

Ik vind, als het ochtend is dan moet je aan de dag beginnen. Dat hoort zo. En als mijn vrouw nog in bed ligt omdat ze niet weet dat het ochtend is, dan ga ik dat vertellen. Zo ben ik.

Dus laatst stond ik daar weer. En ik miauwen en miauwen, want er komt niet altijd meteen antwoord. Opeens werd ze wakker en zei: “Het is te vroeg, Bert. Je weet niet wat op tijd is.”  Nou moe!!

Overloop

Ik ben toen in de kleine vensterbank op de overloop gaan liggen. Daar kan ik goed nadenken. Ik heb dan uitzicht op de achterkant van de huizen. Er staan schuren. Soms loopt er iemand. Er vliegt ook weleens een vogel. Ik lig daar op een handdoek achter een gordijn dus lekker op mezelf.

Op tijd

Van mezelf heb ik gevoel voor tijd. Ik weet gewoon wanneer het tijd is voor avondeten of de late avondsnek, en voor opstaan en voor knuffels. Alles heeft een eigen moment op de dag. Mijn vrouw heeft een klok nodig om te weten waar het tijd voor is maar ik heb mijn gevoel. Dat is nog ietsvan uit de oertijd, dus als het zo oud is en het werkt nog steeds dan is zeker weten het in orde dacht ik. Dus dan kan ze beter luisteren naar mij dan naar een wekker.

  • Het was licht
  • Er kwam zon aan
  • De dag was begonnen

Beneden

Toen we later alletwee beneden waren, heeft ze tijdens de ochtendknuffel er nog van alles over gezegd. Slapen en mensen en katten, nou het waren weer hele verhalen, ik wist al best snel niet meer waar het over ging. Dus ik keek af en toe naar haar gezicht, dat is genoeg, het was ook knuffeltijd tenslotte.

Maar serieus waar, ik blijf erbij. Als de dag begonnen is dan moet je opstaan. Maakt niet uit wat een wekker zegt.

Loesje vertelt: assie gepest wordt…

gepest
Vorige week schreef ik mij verhaal over mij niesziek zijn want ik voelde mij eigen niet lekker. Dan kan schrijve helpe, jij kan dan van jou eigen af schrijve.

Gefoelens

Ik had moeilijke gefoelens van mij niesziek zijn en dan schrijf jij soms boos ofer jou eigen. Mij Bert vond het moeilijk van ze eigen om te leeze en wij heb toen saame gepraat. Assie een makkelijke verkering heb dan kan jij wel praate met elkaar. Ik zeg u eerlijk, ik schreef dat ik mij eigen vies vind. Mij Bert heb mij toen wel gezegd, Loes jij bennie vies van jou eigen. Jij ben ziek en assie ziek ben dan ben jij niet vies. Mij Bert ken mij goed, hij heb verstand van poezevrouwen.

Mij hart

Maar mij hart was niet blij, mij hart voelde oude pijn en dan ben jij soms niet lief voor jou eigen. Van mij eigen ben ik bescheiden en foorzichtig. Mij hart is zacht en mij aard is nooit boos. Dan schrik jij wel van jou eigen assie ineens boze dinge schrijf. Ik moest denke en voele want mij hart zeg, alles heb ze reden.

In mij droom

Assie ziek ben moet jij veel ruste en ook slaape. Dan wil ik bij mij vrouw op ze schoot en dat ze mij aait van mij kop tot mij staart. Maar ik voelde mij eigen toch onrustig. Mij hart voelde gejaag en in mij droome zag ik mij Bert niet. Dan weet jij wel dat jij niet goed bezig ben want assie gelukkig ben droom jij van saame rolle in jou gras en veel tonijn. In mij droom was ik ineens weer in mij oude huis, ik was niet bij mij vrouw.
Van me eigen was ik klein en mager van mij veel te weinig eete. Er waren andere poeze en katers, ik voelde mij eigen niet veilig. Assie langsliep kreeg ik een poot in mij nek en mij mense noemde mij eigen die magere. Ik deed dinge naast mij bak, ik moest niese en ze noemde mij vieze poes. Ik had moeilijke gefoelens maar ik moest oferleeve. In mij droom voelde ik weer mij rilling over mij rug, ik deed schokke. Mij droom was mij eigen nachtmerrie, van vroeger en van mij peste.
Mij vrouw voelde mij, zij legde ze hand op mij vacht en sprak lieve woordjes. Ik voelde troost, mij hart kwam tot mij rust.

Gefoelig

Assie gepest wordt hebbie het moeilijk, jij voel jou eigen eenzaam. Jij kan gefoelens krijgen dattie minder waard ben. Of jij kan bang worde. Jij kan als poes of kater oferal gepest gepestworde, in jou asiel of assie buiten moet zwerven. Dan zit jij er wel mooi mee te kijke want wat kan jij doen? Jij kan niet in jou eentje op teege jou boze buitenwereld. Van me eigen ben ik toen wel meer gaan eete. Dat ik mij eigen pijn niet voelde en ik zeg u eerlijk, ik vind mij eete ook lekker. Dan hebbie wel geluk want jij kan jou tande ergens in zette.

Maar jij draag het toch met jou mee. Jij wil niet uitgescholde worde, jij wil geen poot in jou nek, ooge op jou gericht assie veilig wil zijn in jou asiel.

Mij redding was mij vrouw, zij nam mij mee uit mij moeilijke leeve en zij gaf mij liefde. Ik zeg u eerlijk, mij vrouw heb mij nooit gepest. Mij visboer ook niet, mij visboer noem mij weleens ze visgraat en dan geef hij mij ze knipoog. Maar hij geef mij ook ze tonijn. Dan kan jij het nooit slecht bedoele. Er was wel ooit een monteur in mij huis, hij noemde mij een hele dikke kat. Mij vrouw heb hem toen buite gezet, zij ken mij gefoeligheid. Ik heb toen wel mij 6 tonijnen weg gewerkt van mij emozie.

Verleede los laate

Mij kop kan van ze eigen niet begrijpe waarom peste besta. Waarom wil jij ze ander pijn doen? Hebbie niks beeter te doen! Jij heb niet in jou gaate wat jij ze ander aan doet. Van me eigen weet ik nu dat ik soms boos ben op mij eigen. Dat ik mij eigen minder waard voel in mij hart en ik heb ook onzekerheid. Het kom door vroeger.
Mij Bert heb mij geleerd dat ik mij eigen recht in mij ooge aan moet kijke. Hij zeg, jij mag er zijn Loes, jij ben goed zo assie ben. Jij kan jou verleede los laate.
Dan heb jij wel jou verkering van jou leeve gevonde. Jou kater op jou witte paard en jij heb geen nachtmerrie. Dan kan jij groeien en van me eigen ben ik nu mij maatje meer. In mij maatje meer zit ook mij geluk en mij wijsheid. In mij hart is iedereen gelijk van ze eigen. Offie nou een witte kater ben of een zwarte poes, offie lang haare heb of misschien hebbie geen haar op jou kop. Jij ben gelijk. Jij ben mooi van jou eigen en jij hoor erbij. Niemand heb ze recht om jou te peste.

Zorg en steun

Van me eigen wil ik ook nog graag iets zegge. Vorige week voelde ik mij kwesbaar van mij niesziek zijn en ik was bang voor schelde en peste. Maar iedereen was lief en ik voelde zorg en steun voor mij ziek zijn. Mij vrouw kreeg ook tips, dattie mij beter kan helpe.
Mij eigen is zo geraak van dankbaar zijn. Mij hart zeg, in jou vriendelijke wereld kan jij veel meer bereike. Want jij mag er zijn ook al ben jij kwesbaar, het maak niet uit. Van me eigen ben ik nu ook bijna beter.
Dank U wel!

Liefs van Loesje