Er zit iets in mijn ooghoek

U ziet het meteen: er zit iets in mijn ooghoek. Iets dat uit mijn oog komt ofzo en dat daar even blijft hangen.  Geeft niks, dacht ik.

Hoe dat verdwijnt, weet ik niet precies. Soms valt het eruit. Of het gaat weg als ik mezelf was en met mijn pootjes over mijn kop ga. Ik vind het niet zo belangrijk. Maar ik weet wel, dat sommige mensen er meteen iets aan willen doen.  Het afvegen. Het schoonmaken. Een doekje, een wattenstaafje, een hand, een weet ik het. Ik hou daar niet van.

Kijk, als het echt erg is en het zit er te lang, dan heb je als kat wat hulp nodig. Zit het in twee ogen en ruikt het raar, dan is de kans groot dat je wat onder de leden hebt. Dus even naar de dokter, want je weet maar nooit.

In alle andere gevallen hoeft het niet. Als ik voor mezelf spreek, kan ik eerlijk zeggen dat ik schoon op mezelf ben. Netjes. Grote stukken van mijn vacht zijn wit en die hou ik mooi in mijn uppie. Dus als er wat in mijn ooghoek zit, en ik was het niet weg, dan valt het er wel uit. Niks mis mee.  Vind ik.

Mijn fijnste moment (blog)

Van een gewone dag kunt u zeggen dat is een gewone dag. Maar die dagen vind ik het fijnste. En op een gewone dag weet ik ook wat mijn fijnste moment is. Dat komt omdat mijn vrouw er altijd naar vraagt.

Ik ben meer van de dingen nemen zoals ze zijn. Een beetje zen.

Zij is meer van over de dingen nadenken, ze veranderen en ze dan pas nemen zoals ze zijn. Van ons tweetjes ligt zij wakker en kan ik altijd slapen. Dus dat zegt genoeg.

Mijn vrouw vraagt dus vaak wat mijn fijnste moment van de dag is.

Samen wakker worden? Nee hoor. Wakker is wakker.

Samen eten? Dat is gezellig en fijn. Al zou ik graag eens uitgebreid haar bord willen besnuffelen maar dat mag nooit.

Samen spelen? Kan. Kan.

Samen eh…?

Nou, ik zal het zeggen. Mijn fijnste moment is ’s avonds na het eten en dan lig ik op mijn kussen en zij zit ervoor, en zij legt haar arm om me heen en ze zegt niks en ze zit stil. Ik lig ook stil met mijn kop dicht bij de hare. En omdat het mijn fijnste moment is moet ik de hele tijd spinnen.

Help! De kat slaapt te veel

Ik kan slapen terwijl ik zit, terwijl ik lig en terwijl ik hang. Ik kan ook doen alsof ik slaap. En ik slaap graag, dat is ook waar.  In mijn doos ligt flanel, ik heb een eigen kussen en meer slaapplaatsen. Soms denkt mijn vrouw dat ik veel te veel slaap.  Kan dat?

Nou, daar zijn we nog niet uit. Als het de hele tijd regent, lig ik graag op mijn kussen te soezen en te doezelen en te slapen. Soms ben ik even wakker voor een brokje, of om te gapen, of ook wel om geaaid te worden. Dan heb ik een gezellige dag. Daar word ik niks slechter van.

Maar wanneer mijn vrouw een uur te lang in bed ligt, klaagt ze over hoofdpijn en dat ze zich sloom voelt. Daarom ga ik tegenwoordig miauwen als het me te lang duurt. Soms snapt ze wat ik bedoel.

Een kat kan niet veel te veel slapen. Een kat slaapt altijd precies genoeg of te weinig, dat is als we niet met rust worden gelaten. Normaal is zestien uur per dag, en als je ouder of jonger bent dan heb je meer slaap nodig. Ik zeg het maar even.

Maar wanneer je als kat opeens anders slaapt, kan er iets mis zijn. Dus dat je uit jezelf opeens van gewoonte verandert.  En als je opeens niks meer wilt, dus ook niet spelen of eten, dan is het goed om naar de dierenarts te gaan. Ja, wat moet dat moet, ik kan het ook niet helpen.

Zo, nou ga ik even een dutje doen.

Ina van Berkum van Cats and Things

Je bent in de winkel van Cats and Things geweest of je wilt er graag heen. Dat is nou eenmaal zo.  Nynke van de kattenfoto’s  komt er ook!! Maar wie is de vrouw achter deze winkel en webshop? Ik had een lang en goed interview met haar. Ze heet Ina van Berkum. Hier komt mijn interview.

 

Ik weet dat de winkel begonnen is met Cicero als winkelkater. Wie was hij?

Ha die Cicero! Die grote man spreekt nog steeds tot de verbeelding van velen. Er komen nog steeds mensen om hem vragen. Terwijl hij toch al anderhalf jaar over de regenboog is. Veel te vroeg natuurlijk. Het liefst wil ik dat mijn katten 18 of ouder worden. Anders heb ik het volgens mijn idee niet goed gedaan. Maar met Cis was dat niet haalbaar, ik heb hem 2x succesvol kunnen redden, maar de derde keer moest ik hem toch echt laten gaan. De grote man heeft diepe indruk achter gelaten.

Zolang is hij helemaal niet bij me geweest, nog geen 4 jaar. Maar ik kende hem al veel eerder. Met Kayleigh ben ik een aantal keer naar hem toe gegaan en daar zijn 3 nestjes uit voortgekomen. Ik heb altijd gezegd; “Vent als je met pensioen gaat dan mag je bij mij.” En dat is ook gebeurd… alleen veel korter dan ik had kunnen voorzien.
Toch zie ik hem nog dagelijks. Zijn dochter Bridget lijkt sprekend op hem, ze loopt zelfs als Cis. Het is mijn eigen vlekkenmeisje. Ook zijn er nog 2 broertjes uit een later nestje thuis. Liam een echt vriendje en Colin een wel heeeeeel ondeugende dikke donder. Dus samen met moeder Kayleigh zijn er nog 4 Heilige Birmanen in huis

Wat gezellig zo’n kattengezin thuis!! Zijn die er ook in de winkel van Cats and Things?

Eigenlijk zijn er altijd katten in de winkel geweest. Twee weken na opening heb ik 2 poezendames uit het asiel gehaald. Die zaten daar omdat hun mens naar het bejaardentehuis moest. De meiden waren 9 jaar toen ze de kattenwinkel binnenliepen en ze zijn 16,5 en 18 jaar geworden.
Na Cicero is er geen winkelkat meer. Die komt er ook niet meer. Er is namelijk veel veranderd in de winkel. Er worden veel workshops georganiseerd en 1x per maand komt de kattenkapper ook op bezoek. Dat wil zeggen dat ik steeds vaker mijn echte poezenklanten een poot kan schudden. Ik wil heel graag dat een kattengast zich op zijn gemak voelt, de meeste vinden het toch al zo eng om te reizen. En als ze regelmatig komen voor een manicure dan is het wel zo fijn dat ze niet opgewacht worden door een andere kat. En ook voor een winkelkat is het niet fijn als er steeds andere “vreemde” katten op hun terrein komen. Dus dat wil ik een winkelkat dan ook niet aan doen.

Nee, dat zou ik ook niet willen thuis. Nou komt een moeilijke vraag. Houden mannen op een andere manier van katten dan vrouwen dat doen en hoe kan dat dan? 

Bertje ik geloof niet dat mannen anders van katten houden dan vrouwen. Ik denk eerder dat een boel mannen zich heel stoer voordoen. Maar als een kat ze eenmaal om hun pootje gewonden heeft dan zijn ze net zo “erg” als vrouwen die van katten houden. Kijk maar eens goed naar hoe Puss in Boots dat doet….. als je zo kijkt dan kan toch geen mens daar tegenop. En geloof me Bert.. het werkt?! Als je de verhalen hoort die ik af en toe hoor in de kattenwinkel……

Die zou ik heel graag willen horen!! Maar ik snap wel dat het niet kan. Ik vertel ook niet alles over wat ik met mijn vrouw meemaak, hoor. Nou mijn volgende vraag. Als u een kat was, hoe zou u dan zijn en wat zou u het liefste doen? 

Whahahahaha ik zou het liefst een Heilige Birmaan zijn. Je doet je sjiek voor met je mooie langharige colourpoint velletje. Je trekt witte handschoentjes aan, je noemt jezelf Heilig en je hebt een redelijk bourgondisch lijfomvang. Echt Bert….. dat past helemaal bij mij. En dan zou ik het liefst net zo ondeugend, ondernemend en boeverig zijn als Colin.

Wat leuk dat u dat zo precies weet!! Wat is uw aller-allerfijnste herinnering aan een kat? 

Jeetje Bert….. daar vraag je me wat?! Ik heb zoveel meegemaakt met mijn katten. De bevallingen, het opgroeien van de kittens, het spelen, het verwonderen over hoe slim ze zijn. De troost, de zen momenten. Het vertrouwen……
Ik denk dat het vertrouwen het aller diepst zit. Het moment dat je elkaar aankijkt en weet wat je aan elkaar hebt. Soms duurt dat even, moet je aan elkaar wennen. Even aftasten wat het karakter is en hoe je dingen doet. En dan op gegeven moment dan weet je van elkaar: het zit goed! We kennen elkaar door en door en zijn er voor elkaar. Ook op die momenten dat er geen leuke beslissingen worden genomen. En als dat vertrouwen dan gepaard gaat met een PURrrrr en een knipoog dan weet je: Je bent van mij, en ik ben van jou.

Dankuwel voor dit interview!!! Ik vond het heel mooi!!

Naast de bak (blog)

Wanneer mensen me vragen of ik weleens stout of ondeugend ben, dan geef ik daar heel eerlijk antwoord op. Nee. Nooit. Ik weet niet eens wat dat is. Thuis mag ik bijna alles, geloof ik. Laatst heb ik zelfs naast de bak geplast. Of nou ja: naast. Dat ging anders.

Het gebeurde toen het zo warm was. Dan moet ik extra water drinken, dus er komt nogal eens een bakje met vers water te staan. Lekker, hoor. Maar dan moet ik vaker naar de bak. Dat is gewoon zo. Als je moet, dan moet je.

En toen was het aan het einde van de middag dat ik dacht: ik moet. Dus ik liep naar de kleine overloop waar mijn favoriete bak staat. Die stond er niet. Mijn vrouw was die in de keuken aan het schoonmaken. In de badkamer heb ik een tweede bak, maar die was te ver weg. Er lagen nog wat houtkorrels zag ik. Dus toen heb ik daar op geplast, lekker veel, hèhè, dat luchtte op.

Tijdens het plassen zag ik vaag dat mijn vrouw terug in de kamer was, en dat ze een verse bak vasthield. Ze zag me, ze begreep dat ik niet gestoord kon worden en dus bleef ze staan en keek een andere kant op. Het was heel stil in huis. Het enige geluid was mijn plassen op de plaats waar de bak altijd staat.

Daarna was ik klaar en liep de huiskamer in zonder haar aan te kijken. We wisten alletwee wat er ging gebeuren.

En ja hoor. Ze zette de bak neer in een hoek en ging weer naar de keuken, spullen halen. De plek moest schoongemaakt worden. Ik ging me wassen en wachtte tot ze klaar was. Dat was nog best snel. Ze zette de bak terug en kwam met mij aaien en kijken hoe het met me was. Want ze dacht dat ik overstuur was omdat ik geen bak had gevonden. Maar dat was ik helemaal niet! Als je moet dan moet je.

Nou zult u denken wat heeft dat met stout te maken. Helemaal niks. Dat bedoel ik juist. Soms doe je als huiskat iets dat niet hoort, maar ja, het kan even niet anders.

(dit blog verscheen met andere blogs bij de Vereniging Kattenzorg)