Ik moet naar de dierenarts en ik wil niet

dierenartsDe dierenarts had post aan mij gestuurd, zei mijn vrouw. Er stond dat ik een prik moest. Dat wil ik helemaal niet.

Er stond ook dat ik elk jaar moet. Wegens mijn gezondheid. Op Facebook zeiden heel veel van mijn vrienden dat ze ook een prik krijgen. Dus ik was de enige niet.

Bezoek

Ik weet nog een beetje van de vorige keer.  Toen kwam er een vrouw die ik helemaal niet kende bij mij thuis. En ze keek in mijn bek om mijn tanden te zien, dat was best intiem. Ze friemelde aan me en opeens voelde ik een prik. Ik schrok er heel erg van. Gelukkig had ze veel snoep meegenomen, daar mocht ik toen extra veel van eten zei ze.
Dat heb ik dus ook gedaan.

Taxi

Ja, de dokter komt bij mij thuis. Dat is vanwege mijn achtergrond, dat ik onzeker ben en gevoelig en dat ik dus angstklachten kan krijgen. Daarom hoef ik niet in een reiskorfje heen en terug in een taxi.

Ik weet wat een taxi is. Toen ik hier kwam, gingen we met een taxi van het asiel naar hier. In de taxi heb ik eerst keihard zitten miauwen tot ik er moe van was. Daarna ging ik liggen en afwachten maar ik was best zenuwachtig. Want ik wist niet waar de taxi heen ging en hoe ik het zou vinden.

Boekje

Ik heb een boekje dat speciaal over mij gaat, dat is van de dierenarts. Het ligt nou op de werktafel van mijn vrouw. Net als de vorige keer.

Op Facebook zeiden mijn vrienden dat het prikken is dat je niet ziek wordt. Dus dan kan alles blijven zoals het nou is en dat is gewoon en gezellig en met knuffels en snacks.

Dus ik ga het maar proberen.  Maar het is best moeilijk voor mij dat is gewoon zo.

Het Kattenkabinet in Amsterdam

Kattenkabinet Amsterdam   Het Kattenkabinet in Amsterdam is een attractie voor iedereen die van katten houdt. En van kunst.  En van katten in de kunst. Het mooie is: je kunt het museum ook online bezoeken.

Klik en kijk: Kattenkabinet virtuele rondleiding 

Ontstaan

Het verhaal over het ontstaan van dit bijzondere museum moet iedereen raken die een hart bezit.  Zakdoek klaar? In 1883 ging de rode kater J.P. Morgan over de regenboogbrug. Zijn man Bob Meijer was bijna ontroostbaar. Als een soort rouwtherapie ging hij van alles verzamelen dat met katten te maken had. Dat lukte zo goed, dat de verzameling een museum werd. Het staat op stand, namelijk aan de Herengracht 497. Vijf indrukwekkende stijlkamers vol kunst, ter ere van een rode kater. J.P. Morgan kun je leren kennen in zijn eigen stijlkamer.

Winkel

Voor degenen die graag winkelen, is er de webshop. Er zijn posters, ansichten, t-shirts, boeken en een leuke collectie diversen, waar je voor 50 eurocent een J.P. dollarbiljet kunt kopen.  Mooi om hem ook hier tegen te komen.

Poezenboot

Het Kattenkabinet heeft dus geen levende katten om mee te knuffelen, dit voor de duidelijkheid. Het is geen kattencafé (dan moet je bezoekuurtjes reserveren in Kattencafé Kopjes) en het is evenmin een opvang zoals de Amsterdamse Poezenboot, waar ze altijd nog wel donaties kunnen gebruiken. (twee euro mag ook). Het is puur gericht op de kunsten en katten. Ja, en een beetje op winkelen.

Collectie

Ook al is er veel te zien in de collectie, voor het bezichtigen van vijf kamers hoef je natuurlijk geen hele dag uit te trekken. Ook al niet, omdat je tijd nodig hebt om kunst in je op te nemen en die indrukken te verwerken. Het is dus bij uitstek geschikt voor meerdere bezoeken. Dan ga je voor een schilderij staan en je laat het helemaal in je hart komen. Die ene kat op dat portret, wie is hij of zij?

Waarom Max niet in de bibliotheek mag

 Daar zit Max. Hij zou zo graag in de bibliotheek rondhangen. Aan boeken ruiken. Met mensen knuffelen. Maar dat kan niet, en het halve internet staat achter de rode kater die naar binnen wil.

We gaan naar Amerika,  naar Saint Paul, in de staat Minnesota. Max was lange tijd zwerfkater, tot hij een thuis vond bij een vrouw en een man.

Sociaal

Nu had Max wel een thuis, maar in een leven als binnenkater had hij geen zin. Buiten was veel te beleven, en hij was sociaal ingesteld. De kater vond dat je nooit genoeg vrienden hebt.  Aan de overkant van de straat was een campus, behorende bij een universiteit. Daar werkte de man van Max als docent. Dus wie ging er elke dag gezellig mee? Precies.

Bibliotheek

En op die campus bevond zich natuurlijk ook een bibliotheek. Heerlijk vond Max het daar. Lekker rustig, en iedereen wilde met hem knuffelen. Of nu ja, bijna iedereen. Een van de mensen die er werkten, was ernstig allergisch voor katten. Andere mensen maakten zich zorgen over de  nachtsluiting van de bibliotheek, en het risico dat Max opgesloten zou raken. Dat mocht niet gebeuren.
Max kreeg een bibliotheek-verbod. Er werd een poster opgehangen.

Dus het mocht niet meer en het kon niet meer.

 

Protesten

Foto’s van Max en de poster verschenen op het internet. Iedereen protesteerde, Max kreeg bibliotheekkaarten,  gedichten en steunbetuigingen. Als een kater wil lezen, moet dat kunnen, vond iedereen. Een schrijfster gaat nu zelfs een kinderboek over de situatie maken: de rode kater die naar de bibliotheek ging. En hoe is het met Max?

Binnen

Max maakt intussen een nieuw avontuur mee. In zijn buurt ging een groot bouwproject van start, waardoor buiten zijn voor hem te onveilig werd. Maar binnenkater was hij niet, dat begrepen zijn mensen wel. Ze besloten hem te leren aan een lijn te wandelen. Dat lukte, gelukkig.
Nu maakt Max wandelingen over de campus en hij begroet zijn vele, vele vrienden. In de bibliotheek mag hij nog steeds niet, maar daarbuiten is het ook gezellig.

(bron: Lovemeow.com)

Wennen aan iets nieuws

wennen aan iets nieuws Wennen aan iets nieuws moet altijd, ook als je voelt dat er iets fijns is. Gisteren kreeg ik een mandje. Het was groot, zacht en warm. Dus het was precies goed. Maar het was ook nieuw.

Nieuw vind ik moeilijk. Er is iets dat anders is. Dus het gewone vertrouwde fijne heb je dan niet.  Ik zal uitleggen wat je dan moet doen.

Rustig

Als je moet wennen, dan doe je dat rustig. Dus je hebt tijd nodig. Eerst kijk je naar het nieuwe en dan kijk je naar iets dan je kent. Daarna doe je dat met ruiken. En dan neem je weer pauze, anders lukt het niet. Pauze is heel erg belangrijk. Want dan verwerk je dat er iets nieuws is en hoe dat nieuwe is.

Oefenen

Daarna is het tijd om te gaan oefenen met het nieuwe. Ik stapte met een voorpoot in het mandje en toen stapte ik er weer uit. Dat was genoeg. En daarna deed ik het weer, en na de pauze durfde ik er opeens in te gaan zitten. Een tijd erna kon ik gaan liggen, dat lukte toen. Ook met een pauze, hoor.

Voelen

Het belangrijkste is dat je goed voelt wat er met je van binnen gebeurt. Daar moet je iets mee, weet ik. Voor mezelf is het zo dat ik me raar voel omdat ik door het nieuwe in de war ben. Dan heb ik knuffels nodig, van die zachte aaien en ook een gesprekje erbij dat alles goed gaat en in orde is. Dat helpt me.

Uitkomst

Soms lukt het niet, zoals toen ik een doos kreeg om in te liggen. Ik ben gewoon geen dozenjongen. Nou, dat is dan ook een uitkomst. Is helemaal niet stom!! In het mandje kan ik nou gewoon lekker liggen en slapen. En dat komt omdat ik de tijd heb genomen om eraan te wennen.

Ik hoop dat u hier iets aan heeft en dat u nou ook gemakkelijker kunt wennen aan iets nieuws.

Slaapt u ook zo veel? Nou ik wel

slaapt Slaapt u ook zo veel? Nou ik wel. Soms ben ik wakker en dan gaap ik. Daarna kan ik weer slapen. Gezellig, hoor.

Het is natuurlijk wel zo dat ik een kater ben die samenwoont. Dan moet je met elkaar rekening houden. En dat is soms best een dingetje. Daar ga ik het over hebben.

Nacht

Vannacht had ik niet zo’n zin om te slapen. Toen mijn vrouw naar bed ging, liep ik mee naar boven. Dat was ook voor de knuffels die ik altijd op bed krijg. En toen zij bijna sliep, sprong ik het bed uit, rende de trap af (ze riep me nog dacht ik) en ging lekker in de vensterbank zitten om naar de nacht te kijken.
De nacht is spannend. Er zijn lichtjes. Ik kan auto’s zien rijden. Ik weet niet, het voelt gewoon anders.
Soms speel ik even met een balletje. Een beetje tikken en rennen.  Soms ga ik op bed een uurtje meeslapen en tegen de ochtend ga ik kijken of ze al wakker is.

Overdag

Ja en dan is het overdag.  Ik bedoel dan begint het overdag.  Dan is het toch geven en nemen hoor als je samenwoont. Want ik ben moe van de nacht dus ik wil heel veel lange zachte knuffels, ook dat lekkere borstkroelen en zeker weten vachthappen. En ik wil ook dat we samen de brokjesbal doen, dus zij schudt de brokjes eruit en ik eet ze. Vind ik gezellig. Gemakkelijk is het ook.
En zij wil koffie drinken en gaan computeren, en telefoneren en weet ik wat allemaal, dus dat is iets anders dan ik wil.

Samen

Dus we doen eerst wat ik wil, en daarna ga ik slapen, want dan kan ze doen wat zij wil. Tussendoor als ik even wakker ben, dan heb ik een knuffel nodig en die geeft ze dan ook. Dat is samenwonen, en ik vind dat ik er best goed in ben, als ik dat mag zeggen.