Loesje vertelt: over assie een intervjuuw krijg

LoesjeVan me eigen wil ik u mij verrassing vertelle. Maar het is mij tipje van mij sluijer. Mij soolzusje prinses Katrientje en mij eigen heb iets orizineels bedacht.

Ofer jou vacht

U weet wij zijn poeze en assie twee poeze bij elkaar zet hebbie het al snel ofer jou vacht en ofer moode. Dan ben jij wel een échte poes. Van me eigen vind ik moode belangrijk, dat jij altijd weet dat jou vacht goed zit en dat jij voor jou dag kan koome. Maar wij vind amuuzement ook belangrijk, dat jij ergens naar kijk en dat jij rieleks ben. Dan kan jij ondertussen jou tonijn in jou bek stoppe en jij kan toch kijke. Jij hoef het niet selluf te doen.

Hoedjes Sjoow

Katrien en mij eigen gaan nu saame met Mila en Kyana onze Hoedjes Sjoow geeve. Van me eigen ga ik u niet meer vertelle want mij Bert heb Katrien en mij eigen ge-intervjuuwd over ze Hoedjes Sjoow en mij Bert is mij beste intervjuuwer. Hij heb soveel talente van ze eigen. Mij Bert is heel krieties en hij weet waar hij het over heb. Van me eigen voel ik mij trots dat mij Bert Katrien en mij eigen heb ge-intervjuuwd.

Verstand

Misschien hebbie geen verstand van intervjuuws. Vandaag ga ik u mij erfaring met mij intervjuuw vertelle want het is spesiejaal.

Verkering

Assie ge-intervjuuwd word hebbie het best al ver gebracht. Vroeger werd ik nooit ge-intervjuuwd en ik had ook geen verkering van me eigen. En jij heb geen garanzie dattie een intervjuuw krijg assie verkering heb, dat moet u wel weete. Mij Bert heb mij wel mij intervjuuw gegeeve, wij heb een fijne verkering. Dan ben jij gewoon gelukkig. Assie geen fijne verkering heb dan kruip jij weg, jij ga misschien onder jou bank zitte wachte tot jou verkering foorbij is. Van me eigen vind ik wachte moeilijk want jij weet niet wat jou boove jou kop hang. En assie een verkering boove jou kop voel hange waar jij niet gelukkig van wordt kan jij beter 7 tonijnen wegwerke dan dat jij ga zitte wachte. Mij Bert laat mij nooit lang wachte, hij ken mij.

Onze verkering begon toen mij Bert mij vroeg voor ze intervjuuw. Mij Bert stelde mij toen mij mooiste vraag van mij leeve. Mij Bert vroeg mij offie verkering wilde en mij hart heb nooit getwijfel. Mij hart zei meteen ja. Dan hebbie wel een goed intervjuuw. Van me eigen heb ik toen wel mij meeste tonijn weg gewerkt, dat moet ik u wel eerlijk zegge.

Erfaring

Mij Bert heb mij ook mij intervjuuw gegeeve voor mij kurzus van mij meedietasie. Zo krijg jij wel steeds meer erfaring van jou intervjuuw. Dat is belangrijk want assie erfaring heb dan durf jij meer. En jij moet jou eigen toch kwesbaar op durve stelle, anders hoefie er niet aan mee te doen.

Mij Bert heb veel erfaring met het maake van ze intervjuuw en hij bedenk ze vraage van ze eigen. Dan stuur hij ze vraage gewoon naar mij eigen kompjuuter want mij Bert ga ze Loesjehuis er niet voor uit. Mij Bert is een  mooderne huiskater, hij ga diegietaal. Dan ga jij wel met jou tijd mee ook al liggie op jou vensterbank. Van me eigen lig ik ook op mij vensterbank maar mij kop heb nog nooit ze eigen intervjuuw bedacht. Mij kop denk wel aan me visboer en offie mij verse vis kom brenge. Dan kan jij er geen intervjuuw meer bij hebbe in jou kop. Mij Bert heb meer ruimte in ze kop, hij hoef geen kieloos  vis mee te sjouwe. Dan kan jij meer en mij Bert heb ze eigen ontwikkel tot mij beste intervjuuwer van mij Feesboek. Assie dat weet gaan jou snorhaare wel krulle van jou geluk!

Krietiese vragen

Voor mij laatste intervjuuw heb mij Bert vraage bedacht voor Katrien en mij eigen omdat wij hoedjes gaan sjoowe. Van te voore heb wij wel onze vacht gepoetst want assie poes ben wil jij er wel fris bijzitte. Jij moet ook weete wat jij ga zegge. Jij kan niet somaar alles roepe. Katrien en mij eigen heb ons goed foorbereid. Maar mij Bert ken ons goed en hij zeg, Loes en Katrien jullie staan nie bij mij visboer. Nou dan weet jij wel hoe laat jij leef! Jij kan geen viskransje houwe assie een intervjuuw geef ook al ben jij met jou poeze onder elkaar. Jij moet duidelijk zijn want het is jou reklaame voor jou aktievieteit. Jij wil toch graag dat er iemand kom kijke naar jou sjoow. Dat jij jou eigen niet heb uitgesloof voor jou lege blikje tonijn. Jij wil iets moois uit jou hoge hoed toovere. Zeker assie een hoedjes sjoow ga geeve met jou vriendinnen. Mij Bert heb ons wel ze eigen krietiese vraage gesteld want assie een intervjuuw geef moet jij profezioneel zijn.

Seeriejeus

Assie wil kan u het morgen allemaal leeze in mij Bert ze intervjuuw. Maar dan weet u ook hoe mij Bert ze intervjuuw werk en dat u het seeriejeus kan neeme. Dat is belangrijk want jij lees al soveel van jou sjoownieuws, jij moet wel weete dat jij jou bron kan vertrouwe. Vanuit mij hart kan ik u zegge, mij Bert is mij meest betrouwbaare intervjuuwer van mij Feesboek. Dan kan jij ook geloove wat er sta.

Dank u wel,

Liefs van Loesje

Over vers water en over rijp water drinken

rijp vers water

Nou het warmer is, krijg ik thuis weer commentaar op dat ik water moet drinken. Momenteel heb ik daar een oplossing voor.

Snorharen

Ja, ik zeg momenteel wegens dat ik daarin nogal kan veranderen. Dat heb ik met water drinken. Wat ik vandaag gemakkelijk vind, kan ik morgen opeens moeilijk vinden. Of stom. Dan drink ik óók niet.

Wat ik in ieder geval wil, is dat mijn snorharen droog en veilig zijn. Dus ik ga mijn kop niet in kleine schaaltjes stoppen, dat gaat gewoon niet, dat doet ook pijn dus daar begin ik niet aan. Thuis wordt daar gelukkig rekening mee gehouden.

Vers en rijp

Ik drink bijna elke ochtend uit de badkamer, maar dat is eigenlijk ook voor de gewoonte van de gezelligheid. Een paar keer van flessendoppen drinken dat is niet genoeg voor een grote katerman als het warm is, dat snapt iedereen.

In de huiskamer heb ik nou twee bakken water staan. Eentje bij mijn brokjes, de andere is een grote schaal die staat bij mijn doos. En in de schaal komt elke avond vers water en soms ook overdag, dus dat is lekker. Maar in de bak bij mijn brokjes komt af en toe water, dus daar heb ik dan rijp water. Dat is voor af en toe heel erg lekker. Het smaakt anders, dus dan beleef ik er weer iets aan, dat is belangrijk als je binnenkater bent.

Concentratie

Wat ik wel heb is dat ik met heel veel concentratie moet kunnen drinken. Van te voren al. En dan als ik drink. Ook wel als ik wat nasmak. Dus dan moet er niet tegen me gepraat worden en ik kan er ook niet tegen als er door de kamer gelopen gaat worden. Dat stoort me en dan verlies ik mijn concentratie en dan kan ik niet meer drinken.

Eerlijk is eerlijk, drinken vind ik nog steeds best moeilijk en ik begrijp helemaal niet zo goed waarom dat is.

Katrientje over: Sweety de kruising pinsjer

Katrientje

Hallo, daar is ze weer hoor. Vandaag de laatste in de serie van de diertjes die hier voor mij woonde.

Slaapkamer

Dees keer ga ik het over Sweety hebben. Een kruising pinsjer die vroeger van mijn vrouw was. Een woef dus.
Vrouw had Sweety oofergenoom van mensen die van hem af wilden. Ze vonden hem vals. Hij beet wel eens zeiden ze. Daarom gaaf ze hem bier te drinken. En geen hondenbier hoor, maar echte. Dat stinkspul wat mensen drinken. Vonden ze het gek dat hij beet.
Hij was ongefeer een jaar auwt toen hij in huis kwam. En ja… in het begin beet hij ook. Maar dat werd hoe langer hoe minder. En als hij het te druk vond, ging hij in de slaapkamer slapen. Daar liep hij zelf heen.

Een andere woef

Sweety en Debbie

Er woonde daar al een andere woef. Een kruising terriejer. Die heette Debbie. Een tijd lang ging dat goed. Een beetje te goed want op een dag zaten ze hele stoute dingen te doen. Nou… toen werd Sweety de pieeneut als jullie begrijp wat ik bedoel. Één hak… en de rest is bekend.
Debbie moest de folgend dag naar Joyce, ons diertjesdokter, om de pups weg te laat spuit. Wel sielig, maar niemand zat op pups te wachten. Sweety werd binnen een week geopedingest. Klinkt misschien heel raar, maar toen die wiebeldingen weg waren liep hij nog steeds alsof ze er nog hing.

Plietsiepaarden

Vrouw leerde man kennen tijdens het uitlaat van de woefjes. In het begin vertrauwde de woefies hem niet, maar na een tijdje wel. Soms liet manpersoneel hem alleen uit. Vrouw zei dat hij gewoon los mee mog loop aan de oofurkant, mits er geen plietsiepaarden liepen. Daar was gras en er reed geen auwtoos. Natuurlijk keek vrouw wel uit het raam om te zien of alles goed ging.
Toen man een andere baan kreeg had hij opeens een werkauwtoo. En liet Sweety nou van auwtoorijd houden. Dus elke vrijdag werd Sweety opgehaald door man en reden ze naar het werk van man. Daar had hij een lol.
Vrouw ging hem dan weer ophaaltje doen van zijn werk met de andere woef.
Na een jaar kreeg man een woning aangebood. In Amsterdam Noord. De moeder van vrouw, wilde Sweety niet weg laten gaan. Oooh…

Deeltijdwoef

Toen kwaam ze op een opjelos!! Sweety mog bij moedervrouw blijf woon maar werd opgehaald in het wiekent en ging hij mee naar Noord. Hij werd een deeltijdwoef. Moedervrouw betaalde het eet en vrouw de dierenartskosten en de belagjelijke woefbelasting.
Sweetje ontmoette Griet en Poekie. Oooh wat vond hij die dames lief. En de dames vonden hem ook best wel lief.
Ook leerde hij de Oma van man kennen. Nou… hij kwam bij haar ook goed oof hoor.
Sweety heeft ruim 14 jaar een fijn hondenleventje gehad. Hij ging zo vaak naar het Amsterdamse bos of naar een park in de buurt toen het personeel weer in Zuid kwam woon.
Als hij naar Joyce moest gaan voor zijn jaarlijkse prikje ging ze altijd via het Vondelpark naar de dokter toeloop doen. Toen hij doorkreeg dat hij vlakbij de diertjesdokter was weigerde hij verder te loop. Dan tilde vrouw hem op en liepen ze zo de Oofertoom op.

Fruit

Soms ging hij dus ook naar het Amsterdamse Bos.  Dat was niet ver loop hoor. Dat was zo goed als aan het eind van de straat.
Dan gingen ze langs het meer loop. Daar rook hij allemaal koonijntjes en roofdiertjes. Hij snufsnuf doen. De koonijntjes lachte hem gewoon uit, want hij zag ze nooit. Zo verdiept was in in al die geurtjes. In de herfst ging ze altijd braam pluk doen. En dan zaat man, vrouw en Sweety saam heerlijk te smikkelen van de vruchtjes. Sweety was verzot op fruit.
Niemand kon thuis een appul of wat dan ook alleen opeet. Want Sweety kwam er bij zit.

Naar Regenboogland

In 1993 werd Sweety opeens ziek. Hij werd naar de dokter gebracht en die stelde een runtsjenfoot voor. De folg dag zou dat plaatvinden. Nog één keer mog hij meerijd in zijn geliefde auto.
Dokter Ellie wou hem ooferneem toen vrouw en vrouwmoeder zeiden dat het echt niet goed ging met hem. Ze keek naar zijn ogen en deed zijn bek open. Ze moesten niet naar de runtsjenkamer maar naar de behandelkamer. Daar zei Ellie dat ze niets meer kon doen voor hem. Hij had een tumor in zijn buikje die was gaan bloeden. Vrouw moest meteen beslissen. Sweety kreeg een slaapprikje en ze gingen in een aparte ruimte zitten. Toen Sweety in slaap viel moesten ze, ondanks het zwaar verdrietige, toch een beetje lachen. Sweety zat namelijk, op het afgrijselijke af, te snurken op schoot bij vrouwmoeder.
Sweety was zachtjes weggegleden naar Regenboogland.  Vrouw vermoed dat vrouwmoeder daar ook zit, want twee jaar later volgde zij hem daarheen.

Dit was het weer voor dees week.
Veel liefs en een kusje
Katrien (……)

 

Aaien tot ik slaap en dan nog even

aaien

Mijn talent is genieten en waar ik heel erg veel van geniet dat is aaien. Lang zacht aaien of juist wat steviger of van alles wat. Hangt ervan af. Waarvan? Van het moment in de dag.

Knuffel

Wat ik de laatste tijd heb, is dat ik een eindje in de ochtend in slaap geaaid wil worden. Dat is niet de eerste keer dat ik een knuffel krijg, hoor. Meestal ben ik ’s morgens op bed voor het goedemorgen-knuffelen. En beneden krijg ik de ochtendknuffel, dat is nog voor ik water ga drinken uit de badkamer. Daarna ga ik even uitrusten. En dan word ik wakker met dat gevoel.

Aaien

Het gevoel is in mij en dat zegt dat het tijd is om echt serieus te gaan slapen op het kussen. Dan ben ik niet zo van ik lig en ik slaap. Vind ik niet fijn genoeg. Ik doe altijd wat het fijnste is, en dat is ook mijn adfies aan iedereen. Doe wat het fijnste is.

Waar was ik? O, ja. Dus ik ben wakker. Mijn vrouw zit dan aan haar werktafel.  Ik ga dan op het tapijt zitten en ik kijk haar intens aan. Dat voelt ze. Anders miauw ik er even bij. Dat hoort ze. Als ze naar me kijkt, dan zet ik een paar stappen richting mijn kussen op de bank en dan blijf ik haar aankijken. Dat snapt ze.
Dus dan gaan we samen naar het kussen en ik spring op de bank en ga vast klaar liggen.

Slapen

Het aaien moet dan heel zacht en langzaam zijn, dat is in verband met het rieleksen. Ik wil dan helemaal warm en slap worden, van binnen en van buiten.  Dus ze moet er ook lieve complimenten bij zeggen, steeds hetzelfde maakt mij niet uit.

Nou zo val ik dan in slaap. Dan moet ze voor de zekerheid nog even dooraaien, dat voel ik toch nog want ik ben een gevoelige kater en dan slaap ik superduperlekkergoed.

Kater Bolle over: als je samen slaapt

samen

Iedereen doet slapen, en iedereen doet het anders. Je kunt In een holletje slapen of in een nestje, in een boom, onder water en onder de grond.  Of in een mandje of een bed.

Zestien

Wij katten slapen ongeveer zestien uur op een dag. Dat zeggen mensen, en die hebben het uitgerekend. Waarom willen mensen dat weten, vraag ik me af. Wat doet het ertoe?
Als je een kat bent ga je gewoon slapen als je moe bent. Of je nou al zestien uur hebt geslapen of niet.

Boem

Er zijn dagen dat ik wel meer slaap dan zestien uur.  Op zulke dagen ga ik tussendoor even snel naar buiten, om te patroejeren. Ik eet een paar brokjes en ik klim meteen weer op het grote bed. En ik val zo boem in slaap. Heerlijk vind ik dat.
Vooral als het buiten regent of koud is, of alletwee. Dan slaap ik zelfs ekstralekker, omdat ik weet dat ik warm en droog lig. Terwijl ik vroeger, als zwerfkat, maar moest zien waar ik sliep en hoe ik droog bleef.

Schemerdieren

Ik kan goed slapen. Dag of nacht, het maakt me niks uit. Ik slaap bijna altijd de hele nacht door.  Dat vinden mijn mensen biesonder. Want katten zijn schemerdieren. Zo noemen mensen ons omdat we in de vroege avond en de vroege ochtend op jacht gaan. En ook vaak in de nacht. Want dan zijn de diertjes die wij eten aktief.
Pop en Beer waren een stel spookjes ’s nachts, zegt mijn vrouw. Als het donker werd gingen ze op stap, in de tuinen. En in de zomer waren ze vaak de hele nacht weg.  Pop was soowiesoo de halve nacht aan het spelen, vaak samen met Beer. Mijn Molletje sliep altijd gewoon binnen. En ik ook, meestal. In de zomer slaap ik wel eens buiten in mijn tent, als het echt superwarm is.  Maar als het niet warm is zou ik niet weten wat ik ’s nachts buiten moet doen.
Ik ga ’s avonds laat altijd even een laatste rondje maken door mijn tuin en over de schuren.  Daarna kom ik naar binnen om te slapen.

Op het grote bed

samen slapen

Ik kan in ons huis overal slapen waar ik wil.
Ik heb twee mandjes, mijn twee kurken, ik kan op de bank slapen en op het grote bed.
Op al die plekken heb ik ook geslapen. Maar het fijnst slaap ik op het grote bed. Daar heb ik lekker de ruimte en ik lig in de slaapkamer dus het is er rustig.
Alleen was er een probleem.
Mijn mensen willen ook op het grote bed slapen. Eigenlijk heb ik dat liever niet. Want dat is best eng, met zijn drietjes op bed. Straks gaan mijn mensen als ze slapen bovenop mij liggen! En dan ben ik niet meer Bolle, maar Platte.
Ik durfde er wel bij als er maar één van mijn mensen in bed lag. Dan ging ik gewoon helemaal aan de andere kant liggen.

Allebei

Maar sinds een tijdje slaap ik ook op het grote bed als mijn mensen er op slapen. Allebei mijn mensen tegelijk, bedoel ik.
Ik weet niet waarom ik het nu wel durf. Ineens was het gewoon zo.

Mijn plek

Ik begin met mijn vrouw samen.  Eerst moet ze me aaien en kusjes geven. We gaan eventjes tegenover elkaar liggen, en ik draai me op mijn zij. Zo kan mijn vrouw mijn buik aaien. Ze snuffelt altijd aan mijn buik, en blaast in mijn haren. Zachtjes. Dan brom ik keihard, zo lekker vind ik dat. Ik geef haar kusjes, en was haar haar of haar neus. Mijn man moet ook erbij komen, om met me te knuffelen. Daar wacht ik op, het hoort erbij. Als dat allemaal gebeurd is, gaan mijn vrouw en ik op onze eigen plek liggen. Zij ligt aan de ene kant te lezen, en ik lig aan de andere kant. Ik lees niet, ik was me even en ga dan lekker slapen.
Ik lig op de plek van mijn man, zegt hij altijd, als hij ook naar bed komt. Ik vind dat het mijn plek is, en dus blijf ik gewoon liggen als mijn man er bij komt.
Hij moet daarom scheef in bed gaan liggen, di-a-go-naal noemt hij dat. Mijn vrouw kan dan weer haar voeten niet kwijt als mijn man zo ligt. Maar mijn man zegt dat het door mij komt. Kinderachtig hè, dat gekibbel. Soms word ik er gewoon wakker van. Gelukkig val ik altijd heel snel weer in slaap, want ik heb mijn slaap hard nodig.

Veilig

samen slapen

Ik slaap heerlijk op het grote bed.  Met zijn drietjes is het veilig, en ik slaap heel diep. Buiten is het donker en binnen zijn wij. Dat is veilig, dat weet ik zeker. Mijn mensen slapen iets minder diep, volgens mijn vrouw.
Dat heeft er mee te maken dat ze niet genoeg ruimte hebben, en dat ze de hele tijd opletten of ze mij niet wegduwen, legde ze me uit.

De kleinste

Dat van die ruimte snap ik niet. Ik heb altijd genoeg ruimte. Ik lig languit, zo slaap ik nou eenmaal graag op het grote bed. Op mijn kurk kan dat niet, daar moet ik me opkrullen. En ik lig niet aan het voeteneinde, want ik ben bang dat ik er misschien afval. Of dat mijn mensen me er af duwen, dat zeggen ze zelf toch ook? Dus ik lig midden op het bed en dan in de breedte. Dat moet kunnen, want ik de kleinste ben van ons drietjes. Ik zie het probleem dus niet zo.
Ik ga altijd om een uur of zes in de ochtend naar buiten, mijn tuin in. Omdat ik een schemerdier ben, dat heb ik uitgelegd. Dan hebben mijn mensen weer even het hele bed voor zichzelf.

Wennen

Bovendien wilden mijn mensen zo graag dat ik op het grote bed kwam slapen. Meer dan drie jaar durfde ik het niet. Soms tilden ze me er weer bij, maar ik sprong altijd weer van het bed af. En nu durf ik het wel.
Mijn mensen zijn er heel blij mee. Ze vinden het supergezellig. Mijn vrouw kon de eerste nacht dat ik in bed sliep niet slapen omdat ze zo blij was. Dat heeft ze me zelf verteld.
Nou dan!
Mijn mensen wennen er wel aan om scheef, of opgekruld te slapen. Als ik dat kan, op mijn kurk, kunnen zij dat vast ook. Als je samenwoont en samen slaapt moet je geven en nemen, vind ik.