
Hoi allemaal, ik hoop dat jullie toch een fijn wiekent hebben en gelukkig is het weer weer een beetje normaal. Als het kei hard regent dan blijf ik liever binnen.
Soms als het kei warm is dan vind nat worden niet zo erg maar als het koeler is buiten en ik wordt dan nat, dan vind ik het niet zo fijn. Dan blijf ik liever droog en binnen. Want binnen heb ik keiveel speelgoed en ik kreeg gisteren een nieuw speeltje.
Krieties
Eerlijk is eerlijk, ik ben heel krieties als het aankomt op nieuwe dingen. Maakt niet uit of het gaat om nieuwe speeltjes of eten of sneks of bedjes, alles wat nieuw is wordt eerst getjekt door mij.
Soort muis
Gisteren kwam mijn vrouw thuis met een nieuw speeltje. Het is een soort muis denk ik. Het is rond en klein. Het past in mijn bek. Het is grijs en rond en het is heel zacht. Op de voorkant zijn twee ogen, die zijn van zwarte stof. Dan zit er nog een staart aan. Deze is best lang en is gemaakt van dons. Allemaal kleine donzen veertjes, heel piepklein. Dat voelt ook mega zacht aan. De staart is ook heel soepel, het kan alle kanten op bewegen. En aan het einde van de staart zitten er grote veren aan. Deze zijn zwart en wit van kleur.
Ze ruiken nergens naar. De staart zelf trouwens ook niet. De kop, of het lijfje van dit speeltje is gevuld met ketnip, daar ga je van wiewen. Je weet wel, dat losse in je kop. Van de wereld af soort gefoel in je lijf. Lam en gaar en niks meer in je kop of lijf. Deze ketnip is niet zo heel sterk. Ik heb er aan geroken maar het doet niet veel met me. De muis met staart ligt maar te liggen. Ik weet niet wat ik er mee moet. Ik heb er aan geroken en dat was het. Ik foel niks van binnen. Dat is dus heel vaak met nieuwe dingen. Dan kijk ik er meestal nog niet eens naar.
Mijn eigen muis
Mijn eigen kleine grijze muis die ik heb gekregen van Whiskas, die zijn het fijnst. Als ik die zie dan is het gewoon BAM! OER! Jaage en sleepe! Ik wil dan alleen maar de muis in mijn
bek hebben en heel hard oer mauwen dat ik de muis heb gevangen. In mijn kop wordt ik een jaager en mijn lijf doet mee. We staan alert, of te wel, klaar voor een vangaksie voor een muis. Eerst ga ik laag zitten. Dat is wanneer je door je poote zakt en je buikt tegen de grond is. Daarna kijk ik heel goed waar de muis is.
Tjakka, daar! Ik heb de muis gespot.
Ik blijf de muis strak aan kijken en ik beweeg niet. Mijn hele lijf is stil en mijn oog is gefookust op de muis. Dan bedenk ik hoe ik er heen ga. Ga ik in een keer springen of sluip ik er zachtjes heen. En als ik dan die kriebel krijg van ‘nu!’ , dat foel je in je onderbuik. Dat is wanneer je meteen askie wil doen in je lijf. Dan ga ik. Meestal maak ik een sprong. Ik zet met mijn achter poote af en richt mijn lijf op de muis. POF! Hebbes! Ik land met mijn poote op de muis. Nu kan de muis nergens meer heen.
‘MIAAAUW!’
Dit is gewoon het allerfijnst. Ik oer en vang de muis. Zo fijn zijn die muisjes.
Nieuwe muis
De nieuwe rare muis met die veertjes, daar foel ik me niet zo oer bij. Misschien komt dat nog. En anders doet mijn vrouw deze naar het asiel brengen want sommige hebben helemaal geen muisjes om te spelen.
Mila vind de nieuwe muis trouwens ook niks. Ze kijkt er ook niet naar om. Ik denk dat het gewoon komt omdat het nieuw is. We hebben namelijk ook nog andere muisjes, van die kleintjes in alle soorten kleuren. Daar zit iets in want als je die muisjes schud, dan maken ze geluid. Ze rammelen alsof er rijst in hun buik zit. Soms speel ik er mee en soms niet. Ligt aan mijn bui. Als ik heel oer ben, dan speel ik daar mee. Maar meestal speel ik gewoon met mijn Whiskas muis. Nu ben ik aan het bloggen over die stomme nieuwe muis met zijn rare verenstaart en het enige waar ik aan kan denken is dat mijn tanden perfect in de Whiskas muis past. ‘Raaaw!’

wat. Ik wil er in bijten dat de sokken bijvoorbeeld weten dat ik de baas ben. Als ik dan zo’n bol sokken in mijn bek heb, moet ik er gewoon even mee schudden. Ik weet dat die sokken niks meer doen, maar toch. Het zit van binnenin mij dus dan doe ik dat. Dan voel ik me tevreden als echte katermans.
douchespons van mij vrouw, vuilniszakkenrol voor een kleine pedaal emmer, poetsdoekjes, telefoonhoesjes, haarelastiekjes (dat is mijn favoriet), spaanse sloffen en nepbloemen uit de vaas en nu hebben we geen nepbloemen meer. Mijn vrouw heeft geen nieuwe meer gekocht. Daar zaten namelijk glitters op en ze kon precies zien waar ik was geweest met de nepbloem. En de deur van de douche is ook dicht als het nacht is.
Of je het met je poten doet of dat een man of vrouw het met de handen doet maakt niet uit. De beweging is hetzelfde. Je knijpt heel voorzichtjes in je vacht. Soms duw je een beetje en soms knijp je heel voorzichtig.
Op mijn buik krijg ik ook wel eens een massage. Dat is anders dan bij de poten. Bij mijn buik doet ze niet knijpen of duwen. Daar doet ze zachtjes met haar vingers mijn vacht na tekenen. Dan volgt ze met haar vinger de lijntjes van hoe mijn vacht loopt. Mijn buik is best grappig want ik heb allemaal spikketjes op mijn buik. Een patroon. Zo heet dat. De vacht kleur is lichtbruin en de spikkeltjes zijn donkergrijs met zwart. Ik lijk zo best op een tjieta poes. Zo’n hele snelle uit Afrika. Oja, even terug naar de massage. Als ik dan op mijn rug lig en zij doet de spikkeltjes volgen, dan doet ze soms ook een borstkroel erbij. Die heb ik van Bertje geleerd. Dat is wanneer je vrouw met haar hand over je borst gaat. De hand gaat dan van beneden naar boven en weer terug. En als die hand boven is, dan doet de hand zachtjes knijpen. Dat is echt kei lekker. Eerst wou ik dat niet omdat ik niet wist wat het was maar nu wil ik deze massage er ook bij.
Hoe doe je nu massage? Je gaat eerst rielekst liggen en je gaat eerst tjekken of je alles hebt gedaan. Is je buik vol met eten? Ben je goed op de bak geweest? (niet dat je dadelijk kei rielekst ligt en je moet ineens kei erg. Dat is niet handig!) Heb jij jezelf goed gewassen? Ook tussen de tenen? Even de nageltjes tjekken of ze schoon zijn. En dan kan je beginnen aan de massage. Je gaat zorgen dat je vrouw je ziet. Dus mauwen! Heel veel mauwen! Dan ga je in je favooriete mand liggen en dan mauw je weer. Dan snapt ze het wel denk ik.
Meestal probeer ik ook mijn vrouw op te zoeken zodat ik samen ben met haar want dat is natuurlijk veel veiliger. Als we samen zijn tijdens onweer dan vertelt ze me meestal een verhaaltje. Dit verhaaltje gaat over onweer. Dat de wolken ruzie hebben en dat het oké is dat dat een keer gebeurt. Volgens mijn vrouw gaat het om twee wolken, een koude en een warme wolk. De ene wolk wil dat het warm blijft en de andere wolk vind dat het koel moet worden en dan zien ze elkaar in de lucht en dan drijven ze naar elkaar om te praten. Dat praten is dan de felle flits van licht en daarna doen ze mopperen tegen elkaar, dat is dan de herrie die je hoort. En tijdens het vertellenvan het verhaaltje friemelt ze zachtjes aan mijn vacht. Van mijn kop tot mijn staart. Ik vind het fijn omdat het me rustig maakt. Soms plant ze ook nog eens kusjes op mijn kop. Dat vind ik ook fijn. Dat maakt het allemaal minder eng.
Eerlijk is eerlijk, ik vind het altijd kei leuk om mee naar binnen te gaan en te zien wat mijn vrouw allemaal doet. Behalve dus als ze inderdaad gaat begraven. Haar bak maakt een herrie als je op de bak duwt. Een vreselijk hard slurpend geluid. En dan komt er ook nog eens water uit die als een kolk ronddraait in de bak. Hoe komen ze er op? Kan ze niet beter gewoon grit gebruiken, scheelt een hoop herrie en stank! Een zwembad water vind ik wel goed maar een kei hard slurpende bak die gewoon alles ineens wegschrokt niet. Dat is een eng monster.
Ik ging er klaar voor zitten. Dat is wanneer je laag zit maar toch kunt springen. Mijn oren gingen een beetje plat en mijn staart zwiepte heel langzaam. En nu zat ik in mijn oer houding te wachten. Ik maakte geen geluid maar keek naar de tjoepers in het veld. Er waren er best veel. Toen zag ik er eentje vlakbij. Het was klein, grijs van kleur en het had een lang dun staartje. Met mijn hele lijf maakte ik een sprong. Pof! Met al mijn vier poten landde ik tegelijk. Hebbes! Er zit iets onder mijn voorpoot. Lanzaam tilde ik mijn voorpoot op. Wat zie ik nu, het is een klein muisje. Een klein grijs muisje. Het zat als een opgerolde bal in onder mijn voorpoot. Ik denk dat het bang was want het bewoog bijna niet. Ik zag alleen maar het buikje op en neer gaan van als je adem doet halen. Eigenlijk vond ik dit kei zielig. Toen heb ik mijn hele voorpoot eraf gehaald om te kijken wat het deed. Eerst bleef het stil zitten, toen gaf ik het een zetje en daarmee tjoepte het weer terug het gras veld in. Ik keek nog even na hoe dat kleine muisje weg tjoepte. Ook keek ik nog even naar de ander muisjes in het veld. Er waren er echt kei veel. Ik kon ze niet tellen zoveel. Ik besloot om daar maar in het gras te liggen en te kijken hoe de muisjes deden tjoepen. En toen… toen zakte mijn oog daar ook dicht.
Even later voelde ik iets bekends. Een aai. Een aai die van mijn kop naar mijn staart gaat en dan best langzaam. Ik wilde zeker weten of het mijn vrouw was dus ik deed mijn oog open en keek. En ja, gelukkig was het mijn vrouw. Ze gaf me aaien en knuffels en ze plantte ook een kus op mijn kop.