Interview met kater Bram (hij van Mila)

Dit is Bram, hij is mijn Facebookvriend. Bram is net als ik onzeker en hij gaat er op zijn manier mee om. Ik vroeg hem om een interview en hij deed mee!!

Kun je iets over jezelf vertellen: hoe oud je bent en met wie je allemaal woont en wat er met je oog is gebeurd?

Ik ben Bram en ik ben een kater van 7 jaar. Vroeger toen ik nog heel klein was heette ik anders en woonde ik in het asiel. Ik laat mijn vrouw even de naam spellen want dat vind ik moeilijk. Ik heette One eyed Jack. Zoals je kan zien heb ik maar 1 oog. Zo ben ik niet geboren hoor, het gebeurde toen ik heel erg klein was. Ik was mijn mama kwijt en ik was haar gaan zoeken maar ik kon haar niet meer vinden. De mensen die mij vonden zeiden dat ze overreden was maar ik wist niet wat dat was. Ik wist wel dat ik me niet lekker voelde. Ik had zo’n honger en mijn hoofdje deed zo’n pijn dat ik naar een dokter moest. Toen ik wakker werd daar was de pijn weg maar het was anders Bertje. Ik had ineens maar 1 oog. Mijn vrouw vertelt me regelmatig dat ik het kantje boord was met mij en dat ze mij bijna hadden opgegeven. Maar mijn vrouw vond ik zo lief en warm en bij haar wilde ik wel eten en zo. En zo is eigenlijk het verhaal begonnen van hoe ik bij haar ben gekomen want mijn vrouw werkt in een dierenasiel.
Ik woon dus bij haar en dan heb ik een zusje, zij heet Mila. Ze is een poes van ongeveer 4 jaar volgens mij. Mijn vrouw heeft haar in het bos gevonden en nu woont ze bij mij. En dan heb ik nog een broertje maar dat is een hond en hij heet Toby. Toby is 5 jaar en heel rustig. En dan wonen er nog 2 andere mensen bij mijn vrouw. Best veel he, maar dat vind ik wel leuk hoor.

Ik vind het heel druk!! Dat je nog aan jezelf toekomt snap ik niet. Hoe gaat voor jou een gewone dag?

Bram als jonge jongen

Dan sta ik op en wil ik eten. Ik ga naar mijn voerbak toe en dan miauw ik. Daarna wil ik heel graag altijd even de tuin in maar dat mag niet altijd. In de tuin is het spannend want daar zie ik vogeltjes en zo, en daar ruik ik van alles! Mijn staartje gaat  bibberen als ik buiten ben. Mijn vrouw zegt dat ik dan blij ben. En dat is zo, Bertje!  Als ik binnen ben, moet ik aandacht! Dan ga ik langs haar benen lopen of ik spring op tafel. Zodra ik mijn aandacht heb gehad, ga ik weer eten en dan ga ik slapen. Eigenlijk dus een normale dag. Eten, slapen en naar buiten. En als ik niet naar buiten mag dan ik met Mila spelen.
Het klinkt heel gezellig. Nou even wat anders. Ik weet dat je best onzeker kunt zijn, dat heb ik ook. Hoe merk je dat vooral en wat helpt dan daarbij?

Oja Bert, dat klopt wel hoor. Als ik iets eng vind dan ga ik “haaien”. Dat is rondjes rond de tafel lopen en dan ga ik zeuren. Want ik weet dan niet meer zo goed wat ik moet doen en mijn vrouw snapt dat.  Dus als er iets is, ga ik dingen herhalen en dan weet ik dat mijn vrouw komt helpen. Ik ben niet zo van het wiewen Bertje want ik vind die geur een beetje raar en ik voel me dan niet meer zo veilig. Ik laat dat aan Mila over, zij kan dat!

Bij mij helpt aaien ook. Hoe wordt jij het liefste geaaid?

Het fijnst vind ik als ik op mijn vrouw lig en ze streelt me zachtjes als ik slaap. Dan voel ik haar. Ze trekt banen met haar vingers van mijn nek tot mijn staart en daar krijg ik kippevel van. Dan weet ik waar het veilig is! Dat deed ze vroeger ook toen ik ziek was. En als ik wakker ben dan heeft ze een speciale borstel en dan kamt ze mijn snorharen! Dat is zo lekker Bertje, ik ga er altijd van spinnen.

Klinkt goed Bram. Nou heb ik tot slot een lastige vraag. Wat vind je het allerfijnste van een dag? Dat je voelt: nou ben ik gelukkig.

Dit is niet zo’n moeilijke vraag. Allereerst wil ik mijn eten en mijn snacks, dan wil ik graag naar buiten en als mijn dag bijna om is met eten spelen en slapen dan gaat mijn vrouw een boek lezen en dan kruip ik tussen haar en dat ding in. Dat is mijn dag Bertje! Dan ben ik zo gelukkig want dan voel ik haar en dan praat ze tegen mij want ze leest dan hard op voor en dat vind ik zo fijn!

Gaaf, man!! Dankjewel voor dit interview!!

Op de berging (blog)

“Nou vooruit dan maar,” zei mijn vrouw. Ik stond al voor de zoveelste ochtend bij de deur van de berging te miauwen. En eindelijk mocht het. Ze opende de deur: “Toe maar.” Ik zette een stapje vooruit en dacht, misschien wil ik het toch niet.

De berging is boven, bij de slaapkamer. De deur is altijd dicht, behalve heel erg soms als ik op de berging wil. Waarom ik dat wil, weet ik niet goed. En wat ik daar ga doen, weet ik nog minder. Het gaat elke keer hetzelfde. ‘s Morgens gaan we de slaapkamer uit en dan zie ik de deur naar de berging en ik weet: oja!! De berging!!

Ik sta bij de deur en miauw. Mijn vrouw zegt nou niet. Ik miauw en miauw als ik nog een keer miauw, krijg ik mijn zin. Dan gaat de deur toch open en ik zie een groot donker hol en ik ruik allerlei vreemde geuren. Het is spannend en griezelig en ik voel dat ik het niet durf maar van binnen is er iets dat zegt: erheen, ruiken, verkennen.

Dus ik zet een stapje naar voren. Maar dan zegt mijn huiskatergevoel, Bertje ga toch beneden op je kussen slapen, dat is veel veiliger en dan krijg je nog knuffels ook. Dus ik zet weer een stap naar achter. Dan zegt mijn oerkatergevoel: Bert jongen, doe effe normaal en duik erin, wat kan je gebeuren. Ik weer naar voren. En naar achter. Net als mijn vrouw denkt die deur gaat dicht, weet ik wat ik doe. De berging op!! Achter die trap langs, onder de dozen door, over die deken heen, verkennen. Ik wil weten wat er is, hoe het ruikt en wat ik ermee kan. Maar ik snap het nooit echt, die berging. Elke keer is het anders.

Vanmorgen hoorde ik een stem helemaal uit de verte komen. Die stem riep mijn naam: Bertje…. Bertje…. Ik stond stil en luisterde. Het was mijn vrouw. Ze vroeg of ik terug kwam want dan konden we in de huiskamer aan de dag beginnen. Ik wilde wel, maar ik wist niet meer hoe. Toen kwam ik ergens te staan op een stapel van iets en ik zag haar. “Ga hier langs,” zei ze en ze wapperde met haar hand. Dat deed ik. Daarna sloop ik onder een trap door en ik was van de berging af.

Beneden heb ik meteen brokjes gegeten. Mijn vrouw zei dat ze zich trots voelde en dat ik een sterke avontuurlijke kater was. Daarna ben ik op mijn kussen gaan slapen. Want al die emoties waren best vermoeid geweest voor mij.

(Dit blog verscheen met andere blogs bij de Vereniging Kattenzorg)

Waarom je grenzen moet stellen

Kijk, je kunt dan wel een huisdier zijn, maar daarmee hoef je nog niet alles goed te vinden. Je bent als huisdier ook iemand. Een persoon. En iedere persoon heeft het af en toe nodig om grenzen te stellen. Ik ook.

Als je geen grenzen stelt, dan durf je dat nog niet. Omdat je bang bent voor ruzie of boosheid of ellende van wat voor soort ook. Maar dat hoeft niet, hoor. Ik zal uitleggen hoe je grenzen stelt.

Als mijn vrouw te lang aait op een manier die ik niet zo fijn vind, dan kijk ik haar even diep aan. Dat ik echt staar, zeg maar, en dan kijk ik heel verwijtend. Dus dan geef ik een eerste signaal dat ze moet stoppen. Het eerste signaal moet klein en eenvoudig zijn. Dat die ander denkt: o ja, nou oke, dan niet. Niks aan de hand. Maar soms aait mijn vrouw door, dan is ze een beetje in gedachten. Wat doe ik dan?

Tweede signaal. Dat is wat duidelijker. Ik ga dan op mijn andere zij liggen. Dus ik trek me terug. Dan kan het nog gebeuren dat ze het niet snapt. Ze aait dan gewoon mijn andere kant. Dus dan ga ik even ergens anders liggen. Het derde signaal moet duidelijk zijn en dat is het ook.  Ik heb een grens gesteld. Niks aan de hand.

Nog een voorbeeld?

Soms vind ik het avondeten vies. Dat ik denk: getsie, wie heeft dat uitgebraakt, dat ga ik niet eten. Dus dan zet ik een paar stappen weg van mijn bord en kijk mijn vrouw aan. Zij: “Wat is er Bertje, lust je het niet?” Ik hef een voorpootje omhoog, hou het in de lucht en miauw kort. Zij weet dan zeker dat er iets aan de hand is. En het duurt soms een halve minuut maar de juiste oplossing komt elke keer: een nieuw bord eten. Iets lekkers.

Zo gaat dat met grenzen stellen. Je trekt je terug en je houdt contact. En je moet ook geduld hebben zodat die ander snapt wat je bedoelt.

Interview met Joep, kattencafé Tilburg

  Nou komt er misschien ook al een kattencafe in Tilburg. Joep Theeuwes is ermee bezig.  Hij is opgegroeid met katten. Dus dat is goed!! Ik vroeg Joep om een interview. Oja het café gaat dan heten The Majestic Cat.

 

Wie was de allereerste kat in je leven?
De eerste poes die ik kan herinneren als kind was Bamba een prachtige lapjeskat. Zolang ik me kan herinneren ben ik altijd opgegroeid met katten om me heen. Meestal tijd hadden we er twee rondlopen in huis. Helaas hebben we te vaak een kat afgestaan aan het volgende leven. Als we dan een nieuwe kregen, was er altijd ruzie over de naam. Wij hadden dan ook maar de regel dat de nieuwe naam 2 a’s moest hebben. Zo hebben we gehad: Bamba, Tarzan, Hannah, Tanja en Sara. Helaas hebben we Tanja een paar weken geleden moeten laten inslapen. Ze is 15 jaar oud geworden.

Wat erg van Tanja. Hopelijk vind je een beetje troost bij Sara. Kun je iets over jezelf vertellen? En ook wat voor snacks je graag lust ik eet zelf graag snacks!!

Ik ben Joep, 24 jaar, geboren en getogen in Tilburg. Persoonlijk heb ik zelf een rustige persoonlijkheid. Ik ben iemand die graag doorwerkt. Momenteel geniet ik van de levensstijl dat ik heb, veel werken achter de schermen bij podiums maar ook genoeg vrije tijd om mijn eigen dingen te doen. Zodra de crowdfunding is behaald, zal ik full time bezig zijn met The Majestic Cat. Het café  zal 6 dagen in de week open zijn. Ook hou ik wel van snacks, het maakt niet uit welke soort snack het is zolang het lekker is zal het gegeten worden. Maar als ik echt moest kiezen welke snack ik het lekkerst vind dan kies ik toch voor cheetos puff. Als ik daar een zak van heb gaat die ook meteen helemaal op.

Ja tuurlijk!! Je wil toch snacken!! Je eigen kat woont bij je moeder.  Bij wie hoort ze nou?
De poes die bij mijn moeder woont is de familiepoes genaamd Sara. Deze hebben wej vanuit een eigen nestje gehouden en ze heeft altijd bij ons gewoond. Een paar jaar geleden kwamenwe er achter dat de schildklier niet meer goed werkte en nu geven we Sara twee keer per dag pillen ervoor.

Waarom wil je alleen raskatten? Ik vind het zo zielig voor de andere  katten. Ik ben ook geen raskat en ik heb wel een diploma als huiskater.

Momenteel krijg ik veel de vraag waarom ik voor alleen raskatten kies. Ondertussen hebben we al meer dan vijf kattencafé’s in Nederland en om een andere usp te hebben dan de rest heb ik alleen raskatten. Maar de raskatten die ik koop zullen niet gekocht worden bij fokkers of anderen bedrijven die ealleen maar voor winst gaan. Nee, ik kies ervoor om ze particulier te kopen bij mensen die om een speciale reden hun geliefde kat weg moeten doen, dat kan komen door allergenen, verhuizing of er niet meer genoeg tijd voor hebben om ze te verzorgen. Dit sluit niet uit dat dat ik de katten die in het asiel zitten geen kans krijgen. Ik wil samen met alle asiels in de regio Tilburg iets gaan verzinnen zodat alle bezoekers van The Majestic Cat die geïnteresseerd zijn in een kat sneller naar het asiel gaan dan naar een fokker.

Ik wil dat veel meer mensen naar het asiel gaan. Wat zeggen de mensen tegen je nou iedereen weet dat je een kattenman bent?
Momenteel komt iedereen er langzaam achter dat ik het gezicht ben achter The Majestic Cat. Op straat heb ik nog niet echt gehad dat iemand echt me aansprak dat ze me kende als het gezicht achter The Majestic Cat. Ik denk dat het later pas komt als we open gaan en bezoekers gaan ontvangen. Dan zullen ze sneller opmerken wie ik ben dan nu.

Dankjewel voor dit interview!!

 

De avondsnack (blog)

Eerlijk is eerlijk, ik ben nog steeds onzeker. En daarom wil ik graag dat vandaag gaat zoals het gisteren ging. Dus de dag begint hetzelfde, er gebeurt niks anders en ’s avonds is er mijn avondsnack. Dat is meer dan even snel snacken, hoor.

Die snack kreeg ik al op de allereerste dag dat ik hier was. Dus dan weet je als nieuweling meteen: dit is een fijn moment en je weet ook hoe het gaat. Dat je vrouw naar de keuken gaat en daar iets op een schoteltje doet en dat het zo lekker ruikt, dat je vanzelf gaat miauwen. Het schoteltje komt naar de huiskamer. Op het tapijt. Eten. Daarna uitgebreid wassen, natuurlijk.

Zo was het toen en zo is het nog steeds. Nou komt het gekke. Ik heb het zelf een beetje veranderd. En dat terwijl ik vind dat altijd alles hetzelfde moet zijn!!

Vroeger wachtte ik gewoon af. Nou ga ik ’s avonds als ik trek krijg, bij mijn vrouw staan te miauwen. Ik kijk haar dan strak aan, zonder dat ik een poot beweeg. Soms blijft ze gewoon aan haar tafel zitten. Ze zegt: “Jaja” Dat vind ik geen antwoord. Dus miauw ik nog een keer en dan heel erg langgerekt en indringend. Zij: “Bertje toch.” Dat klinkt beter. Dus ik gooi er een paar miauwen extra tegenaan en zeker weten dat ze vlug op het tapijt naast me zit. Ze gaat aaien. Of ze schudt de lekkere brokjes uit de bal. Dat is allemaal fijn maar het gaat me om de snack. En ’t is ook een spelletje, al weet ze dat geloof ik niet.

Bij de snack moet ze naast me op het tapijt blijven zitten. Alleen eten vind ik ongezellig. Dus als ze wil opstaan, kijk ik even dringend opzij van niet-doen. Bij het wassen, wil ik dat ze kijkt en daarna moet ze zeggen hoe goed ik het deed. Ja, je hebt toch je waardering nodig als huiskater.

Was dat zo in het begin? Nee hoor. Toen duurde de avondsnack korter. Ik wachtte af wat er gebeurde. Mijn vrouw zegt, dat we naar elkaar toegroeien, dat vind ik ook geloof ik. Het is nou zo gezelllig hier geworden, dat had ik vroeger niet kunnen denken.

(Dit blog is evenals andere te lezen bij de Vereniging Kattenzorg)