Loesje vertelt: over spulletjes kopen (Kerstblog 2-5)

kerstblog
Me soolzusje Katrien stond al ongeduldig in ze startblokken voor Amsterdam maar ik voelde mij eten in me buik.

Toen ben ik wel eerst naar de bak geweest want ik vind brommert rijden heel spannend. Ik zeg U eerlijk, ik had het nog nooit gedaan maar Katrien vond dat ik het nu wel moest doen van me eigen. Voor de dieren in ze asiel en voor de spulletjes die we moesten gaan kopen. Maar ik was best heel bang want als poes ga je niet iedere dag op de brommert. Behalve als je Katrientje heet van je eigen.

Inkoopjes doen

  • Ooh Katrien ik voel mij eigen nu best onzeker. Ik heb nog nooit op ze brommert gezeten en we moeten helemaal naar Amsterdam voor de boodschappen en de dieren in ze asiel. Maar ik wil het wel durven. En ik heb ook centjes van mij eigen spaarpot.
  • Ooooh wat lief Loes. En hoeveel dan? Want we zouden ook nog uitgaan dit weekend. De kattendisko is er weer en ik wil uit mijn bolletje gaan.
  • Het is bijna kerst Katrien. Onze centjes zijn voor ze dieren, dat hadden we toch afgesproken toen we garnaale en krab zaten te eten met ons eigen.
  • Oke…oke. Ik blijf wel thuis dit wiekent. Ooooh we kunnen zo inkoopjes doen want ik heb veel centjes meegekregen. Zullen we het bij elkaar leggen? Dan kunnen we moetsjo veel halen.
  • Moetsjo veel is best heel veel. Ik vind een kerstboom ook mooi voor ze asiel. Dan kunnen alle dieren de kerst zien en voelen en dat is belangrijk. Oooh ik voel me Stille Nacht Katrien….

We moesten ook nog een lijstje maken en toen heb ik nog wel snel een stuk tonijn gegeten. Katrien kreeg ook een stuk maar zij heb liever uit de Magnogwat. Ik had best veel zeenuw maar tonijn helpt dan wel.
Toen gingen we op de brommert van Katrien. Vroem, vroem, oooh ik was bang….
en Katrien zong kerstliedjes

  • Oooooh sjingul bel singul bel, sjingul ol ze weeh….oooooh sjingulhalloooo sexy katerman.
  • Oooh Katrien, misschien heb ie wel verkering! Ik ben een nette poes denk ik wel en me Bert vertrouwd mij eigen. Ik vind van het zingen best fijn maar ik ben ook verlegen. Straks loopt ie met ons mee naar ze asiel.
  • Nou ja, ik mag toch wel wat zeggen? Geef toe…hij zag er hot uit toch?
  • Ik heb al verkering met me Bert Katrien. En jou eigen heb een zwak hart! Daar moet ik ook op letten want ik voel nu veel ondeugd. En het is ook bijna kerst!
  • Tsssss we gaan wel verder hoor.
  • oooh Katterien, ooooh je rijdt zo hard!

Meedietaasie

Toen heb ik wel me meedietaasie gedaan op ze brommert. Voor rielekst in me kop en ook omdat ik bang was. Dat moet ik wel eerlijk zeggen. Katrien deed gewoon door zingen en ik had mij oogjes dicht. Toen we bij de grote winkel waren hebben we wel eerst kerstmelk gedronken en ons gekibbel over ze sexy kater uitgepraat. Dat is wel belangrijk als je soolzusjes ben van je eigen. Katrien deed haar pootjes om me heen slaan en ik voelde mij eigen weer veilig. Toen hebben we allemaal lekkere dingen gekocht voor ze dieren in het asiel.

  • Ooooh Loesje,moet je kijken wat veel.
  • Ik voel me tonijn in me buik van geluk Katrien. Zoveel lekkers!
  • Oooooh Loesje, ik word er gewoon emo van.
  • Nu hebben ze dieren een hele fijne en lekkere kerst en ik moet mij eigen ook beheersen. Ooooh Katterien tonijnsnoepjes!
  • Kom Loes, we gaan dit naar mijn huis brengen. Dan kunnen we het morgen brengen.
  • Oooh heb jouw personeel ook eten voor ons eigen in huis gehaald? Misschien wel Kersttonijn?

Spullen

Bij Katrien thuis hebben we alle spullen in ze verboden kamertje gelegd. Ik wist niet dat het bestond. En we deden ook een slotje op de deur want ze personeel mocht niets zien. Ooooh en de volgende dag zouden we naar het asiel gaan en ze twee honden ontmoeten. Bor en Pippa. Gelukkig kregen we veel te snekken en ook gewoon eten uit de Magnogwat. Ik heb toen om nog meer eten gevraagd want ik had best veel zeenuuw. En ik ben ook eerlijk geweest tegen Katrien want ik voelde mij eigen onzeker.

Honden

  • Katrien ik heb nu best moeilijke gevoelens. Van ze honden in het asiel. Ik moet het toch tegen jou zeggen. Ik vind ze groot en sterk en ze ruiken anders. Ik voel mij buik en ik moet steeds naar de bak.
  • Ooooh Loes….maar ze zijn heel lief hoor. Ik ken ze. Echt!!
  • Ik vind jou stoer Katrien. En je ben lief voor alle dieren. Ik wil nu niet meer onzeker zijn maar van me eigen ben ik het wel.

Toen mocht ik wel tussen de pootjes van Katrien slapen, zij is wel me liefste soolzusje. En de volgende dag, ooh ik wilde er nog even niet aan denken van me eigen…

Morgen deel 3: Katrientje vertelt over het asiel en de ontmoeting met Pippa en Bor

Katrientje vertelt: over aksie voeren en Loesje is bang (Kerstblog 1-5)

Ikjes heb een soolzusje. Ze heet Loesje en we hebben elkaar op Feesboek ontmoet.

Bij Bertje en toen kreeg Loesje haar eigen Feesboekpagina en ikjes ging zingen en toen waren we soolzusjes. Ik heb een brommert. En Loesje heeft verkering. En toen ze bij mij thuis zeiden dat er Kerstmis aankwam toen mocht ik aan de telefoon om Loes te bellen.

 

Aan de telefoon

  • Hallo Loesje, met ikjes. Hoe is het met je?
  •  Oooh Katrientje, ik ben aan het uitbuiken van me tonijn. Ik lig op me eigen meedietaasiepaal en ik doe ook oefeningen.
  •  Oooh gaaf maar waar ik voor bel. Ik heb moetsjo zakgeld en ik wil lekkers kopen voor de diertjes in het asiel. Wil je met mij meegaan?
  •  Ik? Ooooh Katrien ik voel nu veel moeilijke gevoelens. Van vroeger toen ik ook in ze asiel zat. Toen voelde ik mij niet gelukkig, ik was ook bang Katrien.
  •  Ooooh daar heb ik helemaal niet aan gedacht.
  •  Wat als ze me weer willen houden? Ik vind het best moeilijk als ik het van me eigen mag zeggen.
  • Neeee natuurlijk houden ze je daar niet.
  •  Oooh Katrien, ik voel me hartje en traantjes. Ik wil niet weg bij me vrouw en ik heb ook verkering met me Bert.
  • Oooooh kom in mijn pootjes lieverd. Weet je, ik ga even met het DOA bellen. Dan weten we meer.
  • Doe je dan wel zeggen dat ik niet wil blijven van me eigen. Dat ik al me huisje heb gevonden. Oooh ik ga nu eerst me tonijn eten.

Aksie voeren

Nou toen heb ik de telefoon nog in mijn pootjes gehouden. Ik naar het DOA bellen. Ik zei dat we aksie wilden voeren en Loesje bang was dat ze ons wilden houden.
Zou echt niet gebeuren hoor zeiden ze. En aksie voeren was goed.
Dus ikjes op mijn brommert naar Loes toe. Ikjes hoefde maar 71 boompjes te rijden.

  • Halloooo Loes.
  •  Oooooh Katrien, je bent er al. Prrr, prrr, prrr, ik moet nu spinnen van geluk.
  •  Ik heb lekkere dingetjes bij mij zodat we kunnen snekken tijdens het ooferleg.
  •  Snekken, ooooh ik ben nu de gelukkigste Loesje. Ik zie garnaale en zalm en kipmootjes, ooooh ik voel mij eigen nu zo fijn. Kom maar snel binnen Katrien dan gaan we in me mand zitten en de Lei-jon King kijken dan kan ik aan Bert denken.  Ja wat gebeurde er: Loesje valt in slaap. En toen ze wakker was, voelde ze zich bang.

Ja wat gebeurde er: Loesje valt in slaap. En toen ze wakker was, voelde ze zich bang.

  • Oooh Katrien, ik voel mij eigen zo verdrietig. Me droom was een nachtmerrie. Dat ik toch in ze asiel moest blijven en ik mocht me Bert niet meer zien op me kompjuuter. Maar ik heb wel verkering van me eigen!
  •  Ooooh lief dinnetje. Kom maar in mijn pootjes hoor. Je hoeft echt niet bang te zijn.

Naar Amsterdam

Nou zo zijn we dus in slaap gevallen dat kan best als je soolzusjes bent. En toen zeg ik nou moeten we naar Amsterdam om spulletjes te gaan kopen voor de dieren in het asiel.

Morgen in deel 2: Loesje vertelt over spullen kopen

kater Bolle over: als je een vierkant hoofd hebt

vierkant hoofd

Al zeg ik het zelf, ik ben geen lelijke jongen. Ik ben groot, heb mooie ogen en veel verschillende kleuren in mijn haar. En dan heb ik ook nog eens hele brede schouders.
Al ben ik meer van de psiegologie en de diepe gedachten, ik vind dat mijn buitenkant er ook best mag zijn.

In-teelt kat

En toch klopt er iets niet helemaal aan mij, zei de dierendokter. En mijn vrouw zag het meteen de eerste keer dat ze me goed kon bekijken.
Ik ben namelijk een in-teelt-kat.

Wat is dat, denk je nu misschien.
Nou, ik wist het zelf ook niet, maar mijn mensen hebben het me uitgelegd. Inteelt is als twee katten die familie van elkaar zijn een kindje krijgen. Dus zeg maar broer en zus ofzo die samen papa en mama worden.
Als mens denk je a-jakkes, van die familie, maar ons katten maakt dat niks uit.
Maar toch is het beter als het niet zo gaat, zei de dierendokter, want de kindertjes kunnen ziek zijn. Of niet echt ziek, maar een beetje raar. Dat je een vierkant hoofd hebt, bijvoorbeeld (nee hoor, grapje!). Maar de kinderkatjes kunnen een beetje gehendikept zijn.
Daarom is het ook zo belangrijk dat katten hulp krijgen. Nee: dat ze geholpen worden.
Ik weet niet precies waarmee katten hulp nodig hebben, maar mijn vrouw zegt dat het zo heet. En dat ik ook geholpen ben. Heb ik nooit geweten!

Flippers

De dokter zei dat ik door die in-teelt kromme benen heb. En ook door een vietamienentekort.
Dus als beebie had ik weinig te eten en was ik aan mijn benen verkeerd gegroeid. Zielig hè?
Als ik ren gaan mijn achterbenen niet van voren naar achteren, maar naar de zijkanten. Ik zou niet weten hoe je anders moet rennen, maar mijn mensen vinden het altijd heel leuk om te zien.
Ze zeggen dat ik flippers heb, als ik ren. Gelukkig doe ik dat niet zo vaak, anders denkt iedereen straks nog dat ik een dol-fijn ben!

Tradietie

En ik heb ook een beetje een vreemde mond, zei de dokter.
Want mijn onderkaak gaat verder naar voren dan mijn bovenkaak. Een centenbak heet dat in mensentaal. Daarom heb ik soms last met eten. Want de onderkant van mijn mond raakt eerder het bakje dan de bovenkant, en daar schrik ik dan van.
Het liefste eet ik van de grond, dat vind ik het makkelijkst. Mijn brokjes eet ik dus van de vloer, binnen en buiten.
Maar dat willen mijn mensen binnen niet altijd als ik natvoer, of rauwe stukjes vlees eet.
Nou, ik vind dat juist wel handig, die vloerbedekking – dan glijdt het vlees niet weg.
Dus vaak haal ik mijn vlees of natvoer uit mijn bakje en leg het tóch op de vloerbedekking voor ik het eet. Dat deed de GroteBeer, die hier voor mij woonde ook. Dus ik pas in de tradietie!

Lenig

Ik heb er zelf trouwens geen last van, van die hendikeps. Ik weet niet beter, want ik ben altijd zo geweest.
Het is zelfs wel handig, want ik ben daardoor heel lenig.
De eerste keer dat ik vlooienspul kreeg achter mijn hoofd, zo tussen mijn schouders, kon ik erbij met mijn achterpoot. Ik krabde alles weg en likte het van mijn tenen. Vies, dat spul!
Mijn mensen hebben het overal op mijn rug en zelfs bovenop mijn hoofd geprobeerd, maar ik kan er altijd bij. Zelfs precies bovenop mijn hoofd! Dan ga ik zitten, en krab met mijn achterpoot bovenop mijn hoofd. En lik het weer van mijn tenen af. Jekkie, ik vind dat echt niet lekker dat vlooienspul!
En ik kan een koprol maken, maar dan naar de zijkant toe. Dat doe ik soms als we met de veer of het ding aan het touwtje spelen.

Vierkant

Dus in-teelt of niet, het maakt mij helemaal niks uit.  Mijn Molletje interesseerde het ook niet.  En mijn mensen ook niet, want die houden van mij zoals ik ben. Ja natuurlijk, want ik houd ook van mijn mensen zoals ze zijn!
Maar dat vierkante hoofd… dat krijg ik misschien nog wel eens.
Van alle aaien en kusjes die ik bovenop mijn hoofd krijg!

Maar toen rook ik mijn avondeten

avondeten

Gisteren had ik best een fijne dag. Beetje slapen. Beetje hangen. Knuffelen. En later dacht ik nou heb ik echt trek in avondeten. Maar toen rook ik het.

Slanker

Een hele tijd terug na mijn eerste operazie moest ik anders eten wegens mijn gezondheid. Dus ik aan de sportbrokken en de zakjes sportvoeding. Lekker spul, vond ik. Bij mijn tweede operazie zei de dokter dat ik gezonder en slanker was geworden. Dus punten voor Bertje.

Maar ja hoe ga je dan verder.

Eten

Ik ben nou weer een beetje in mijn gewone doen na de tweede operazie. Er zijn twee kiezen uit maar ik kan gewoon brokjes eten. Alleen die zakjes sportvoeding…. ik rook eraan en alles in mij voelde: nee. Dat spul eet ik niet.

“Probeer het eens,”  zei mijn vrouw. Ze keek naar mij en ik naar haar en dan ben ik zo slap van binnen dat ik het nog ga proberen ook. Maar ik rook het en voelde: nee. Toen ging ik op een afstand van het bord zitten en keek van:  nou moet jij iets doen. En dat deed ze.

Lekker

Ze ging naar de keuken en maakt een bordje met mijn gewone eten. Wat ik voor de operazies had. Man, wat was dat lekker.  Ik kon niet meer ophouden met eten, het ging steeds sneller en sneller naar binnen en daarna heb ik het bord schoongelikt.
Even later moest ik overgeven.
Daarna had ik keihard veel knuffels nodig en die kreeg ik gelukkig ook.

Wat nu

Ja, en wat nu. Het sportetenzakjes hoef ik niet meer van thuis. Mijn vrouw zei, dat ik een smaakverandering had. Deftig he!! Dat is dat je even op je eten bent uitgekeken. Het oude eten mag ik eigenlijk niet wegens de gezondheid. Dus morgen gaat ze op zoek naar nieuw sporteten uit zakjes.

Bem benieuwd waar ze mee thuis komt.

Loesje vertelt: over soolvriendschap…

Loesje huispoes

In oktober had ik één jaar feesboek van me eigen. Toen ik begon met ontplooien had ik niks, nu ben ik een rijke poes in me hart. Ik heb ook al veel geleerd want ik heb verkering.

Bert helpt me altijd, hij is een zachte katerman van ze eigen. Ik kan en durf me eigen te zijn en dat is belangrijk. Maar als poes is het ook fijn om over poezedingetjes te kunnen praten. Dan laat ik me Bert met rust, hij heb ook andere dingen aan ze kop. Op me feesboek leerde ik ook vriendschap kennen, dat je je eigen herkent in een andere poes ook al ben je verschillend.

Katrientje

Toen ik me eigen ontplooide durfde ik ook te vertellen van me maatje meer. Ik ben van me eigen prettig gevuld. Maar ik vond het best spannend want ik ben ook gevoelig. Ik was onzeker en Bert steunde mij. Toen leerde ik Katrientje kennen, zij is een vriendin van me Bert. Ik zeg U eerlijk, ik hoefde niet te blaaze.

Kitten

Katrien durft skoeter te rijden en ook brommert. Dat durf ik niet want ik vind het als poes gevaarlijk in het verkeer van alledag. Maar Katrien is anders, zij is een kitten van 16 jaar en ze wordt volgend jaar al 17. Ze heb al heel veel meegemaakt en ze is toch vrolijk van ze eigen. Ze kan ook goed zingen, over Lamoerrr maar ook over rosjebief. Ze zingt iedere dag s’morgens om vijf uur voor haar personeel, ik vind dat lief.
Ik moest ook nadenken want het is bijzonder. Soolzusjes zijn zit in je hart, dat je aan één miaauw genoeg heb. En ik moest nadenken over vriendschap. Want ik heb wel verkering maar kan ik dan ook vriendschap hebben voor me eigen.

Voor me ziel

Ik voelde heel veel emoozies, me hartje stond open. En ik had ineens zin in soolfoet, dat is tonijn voor me ziel maar soms ook garnaale. Me vrouw kreeg het niet aangesleept, ze heb me visboer moete bellen. Die heb toen ze vriezer leeg gehaald. Vriendschap is een fijne emoozie in me hart. Maar je moet er ook iets voor doen dus soms moet ik ook me tonijn delen.

Onzeker

Ik dacht ook, zou me Bert jaloers zijn. Dan zou ik heel onzeker worden van me eigen. Jaloesie is heel veel emozie en je tonijn heb een nare bijsmaak. Toen heb ik met Bert gepraat, als je een makkelijke verkering heb dan doe je dat. En Bert was lief. Hij heb ook vrienden van ze eigen. We hebben verkering en geen gefangenis. Dan zou ik niks meer moge in me leve. Als je verkering heb dan wil je dat de ander gelukkig is van ze eigen. En vriendschap is net zo belangrijk maar dan anders.

Rijk

Als poes voel ik me rijk. Ik heb verkering en ik heb vriendschap in me leven. Katrientje is er altijd als ik haar nodig heb en we begrijpen elkaar. Ze heb haar eigen leve en kariejerre. Ze doet zingen en ze heb thuiswerk in muizen vangen. Ze heb nog geen pensijoen. Ze blijf altijd een kitten op leeftijd en heel aktief.

Ik vind dat mooi en speciaal. U weet ik ben anders van me eigen maar Katrien maak me altijd blij.

Me hart

Ik leerde dat ik best anders mag zijn. Dat soolvriendschap diep in me hart zit. Het heb me leve rijker gemaakt. En het is ook fijn want als poes hebbie gewoon poezedingetjes. Dan is vertrouwen belangrijk en eten ook. Soolvriendschap is speciaal, je ben dan verbonden. En je heb het niet met iedereen maar soms ontmoet je zo iemand in je leve. Dan heb U wel geluk.

Liefs van Loesje