
Saartje is een jonge poes. Arie is een kater in de kracht van zijn leven. Ze wonen samen. Aan mij vertelden ze hoe ze dat ervaren en ook, hoe het begon. Een dubbelinterview dus!!
Hoe is dat samenwonen begonnen, Arie?
Nou Bert, dat was best wel een beetje vreemd. Ik was toen vier en had net
mijn broer Tommy (ook vier) verloren. Toen kwam zij zomaar opeens van de
Poezenboot, en ze was pas tien maanden.
Dan ben je pas een kitten. Jij was al vier. Hoe ging dat in het begin?
Eerst heeft ze een week in een apart kamertje gezeten, zodat we allebei konden wennen aan de geur en we hoorden elkaar ook wel toen. Zij vond het hier meteen leuk, want zij kwam vanuit een hokje en dan vind je natuurlijk alles fijn. Saartje wilde best wel bij mij zijn, maar ik ben toch een beetje een rare jongen, ik ben ook best wel lief hoor, maar ik wilde dat gewoon niet. Ik denk dat jij dat wel begrijpt.
We hebben ook best wel veel gevochten, maar we zijn wel veel liever voor elkaar nu, met Feliway en druppeltjes in ons water, het gaat steeds een beetje beter.
We wonen nu bijna 2,5 jaar samen. Maar bij elkaar slapen, en wassen enzo, nou dat doen we niet samen.
Snap ik, Arie. Wat een tijd is dat geweest. Nou ben je gelukkig meer aan elkaar gewend. Wat is het fijnste dat jullie samen doen?

Weet je Bertje, wat leuk is, dat is samen spelen, wij hebben zo veel speeltjes!
Saartje kan heel goed voetballen en zij vindt ook allerlei leuke spelletjes uit. En daar ben ik heel eerlijk in, dat kan ze echt goed!
Ik kijk dan wat ze allemaal doet, soms ben ik wel eens een beetje jaloers op al die spelletjes die ze bedenkt, maar ik doe ook wel mee hoor… En trouwens, zelf kan ik ook heel goed voetballen! Onze vrouw zou het fijn vinden als wij eens wat samen zouden vrijen, soms liggen we wel naast elkaar op de bank ofzo.
Verder gaan we nog niet hoor!
Nu wil ik Saartje iets vragen. Jij bent de jongste thuis. Kun je iets vertellen over jouw achtergrond?
Dag Bertje, ja, nou ben ik aan de beurt! Ik ben echt de jongste hoor.
De dokter denkt dat ik op 1 december 2013 ben geboren, maar hij weet het niet precies, ik was nog nooit bij een dokter geweest voor ik op die boot kwam, daarvoor had ik het niet zo leuk, die mensen vonden mij ook niet leuk en hebben mij toen weg gedaan. Als kleine poes weet je het dan niet meer.
Misschien ben ik ook wel te vroeg bij mijn poezenmama weggehaald, dan leer je het niet van je moeder. Ik ben blij dat ik bij Arie en mijn nieuwe mensenmoeder woon, ik vind haar wel lief (en Arie soms), maar soms moet ik haar toch even bijten, ik weet dan gewoon niet wat ik doen moet, en daar schrik ik wel van, en dan geef ik vaak likjes daarna om het een beetje goed te maken… Maar ze is gelukkig nooit boos op mij hoor, ze begrijpt het wel.
Ja het is je verleden, je bent pas drie!! Ik weet dat je Arie een luie kater vindt. Dat ga ik even aan hem vragen. Arie, hoe zit dat?
Nou Bert, ik zie dat een beetje anders. Saartje is een echte straatmadelief,
dus gaat ze ook ’s nachts en ’s ochtends heel vroeg op het balkon zitten. Ik
lig dan gewoon op bed te slapen, zoals je dat doet in de nacht.
Verder heeft ze wel een klein beetje gelijk, dat ik een beetje lui ben, maar ik ben dan ook een heel stuk ouder, en een oudere jongen moet gewoon lekker slapen. Dat vind jij toch ook?
Zeker weten, Arie!! Mijn laatste vraag is voor Saartje. Vieren jullie je verjaardag en wat gebeurt er dan?
Bertje, Arie is echt op 28 mei jarig, en ik op 1 december ongeveer, eigenlijk doen we niet echt iets aan onze verjaardagen. We krijgen heel vaak cadeautjes, gewoon zomaar, omdat we lieve poezen zijn ofzo.
Dan komt er opeens een pakje met allerlei leuke speeltjes, vorige week nog, nou dat is dan wel heel gezellig hoor! En de doos is natuurlijk ook altijd leuk, daar zit ik dan vaak in.
Dankjulliewel voor dit gesprek, Arie en Saartje. Nou begrijp ik meer van hoe dat gaat samenwonen. Dat je jezelf moet zijn en dat het fijn is als je samen kunt voetballen.
Dit zijn ze. De muizen van de Stichting Poezensnuitjes. Er zit valeriaan in. Mijn vriend Jip is er gek op. Hij schreef op mijn Facebookpagina: “Nou Bert die muis heeft alle hoeken van de kamer al gezien en oeps ik werd helemaal maf in mijn bolletje.”
“Het muisje is kleiner maar doet niet onder om er eens flink in te bijten en noem maar op. Nu weet jij ook dat niet iedere poes of kat hier gek op is, zo ook met de speeltjes met catnip. Het hartje en zakje zijn ong. 10 bij 10 cm en mijn muisje 6 bij 7 cm. Het muisje ruikt wat minder sterk dan de andere 2, maar toen vrouwtje het muisje uit het zakje haalde en mij liet zien, nou ik rook het verdraaide goed en ik wilde het meteen hebben. Wel heel zielig hoor voor die muis want ik dacht eerst dat het een echte muis was en ik er heel hard in ging bijten en mijn nagels erin zetten en hopla daar ging muis door de kamer met mij er natuurlijk achteraan. Verdorie stel dat hij er vandoor zou gaan. Nou muis weet nu hoe onze kamer is hoor.”
Willempie, even concentreren. Dat verhaal gaat alle kanten op. Wat is er gebeurd dat je opeens bloed aan je achterpoot had?
slaapmiddeltje krijg, zodat ik niets voel. Vrouwtje aaide mij tot ik sliep. Toen moest zij naar huis en ben ik een stukje dag kwijt. Vrouwtje mocht mij vijf uur later weer ophalen. De doktor vond mij niet zo aardig, ik deed blazen tegen haar. Maar toen ik mijn vrouwtje hoorde, werd ik rustig en mocht zij mij wel aaien. De doktor vertelde, dat ik zo erg bloedde, omdat er een bloedvaatje geraakt was. Ik kreeg een verband, omdat ik niet aan de hechtingen mag trekken. En ik heb ook antibiotica en pijnstillers mee.
Nou slapen, dat doe ik wel graag. En verder speel ik dus het liefste met een touwtje, maar er ligt hier heel veel speelgoed. En mijn knuffels, ik heb twee schaapjes, een witte en een grijze, daar speel en slaap ik ook elke dag mee. En ik kijk graag hoe vogeltjes voorbij vliegen, dan zit ik op de vensterbank en ga ik ook met mijn gebit klapperen, zegt vrouwtje. Ik verbaas mij erover, dat er zoveel lekkere stukjes vlees zomaar door de lucht vliegen! Ongelofelijk!