Arie (7) en Saartje (3) over samenwonen

Saartje en onder Arie

Saartje is een jonge poes. Arie is een kater in de kracht van zijn leven. Ze wonen samen. Aan mij vertelden ze hoe ze dat ervaren en ook, hoe het begon. Een dubbelinterview dus!!

 

Hoe is dat samenwonen begonnen, Arie?

Nou Bert, dat was best wel een beetje vreemd. Ik was toen vier en had net
mijn broer Tommy (ook vier) verloren. Toen kwam zij zomaar opeens van de
Poezenboot, en ze was pas tien maanden.


Dan ben je pas een kitten. Jij was al vier. Hoe ging dat in het begin?

Eerst heeft ze een week in een apart kamertje gezeten, zodat we allebei konden wennen aan de geur en we hoorden elkaar ook wel toen. Zij vond het hier meteen leuk, want zij kwam vanuit een hokje en dan vind je natuurlijk alles fijn. Saartje wilde best wel bij mij zijn,  maar ik ben toch een beetje een rare jongen, ik ben ook best wel lief hoor, maar ik wilde dat gewoon niet. Ik denk dat jij dat wel begrijpt.
We hebben ook best wel veel gevochten, maar we zijn wel veel liever voor elkaar nu, met Feliway en druppeltjes in ons water, het gaat steeds een beetje beter.

We wonen nu bijna 2,5 jaar samen. Maar bij elkaar slapen, en wassen enzo, nou dat doen we niet samen.
Snap ik, Arie. Wat een tijd is dat geweest. Nou ben je gelukkig meer aan elkaar gewend. Wat is het fijnste dat jullie samen doen?

Weet je Bertje, wat leuk is, dat is samen spelen, wij hebben zo veel speeltjes!
Saartje kan heel goed voetballen en zij vindt ook allerlei leuke spelletjes uit. En daar ben ik  heel eerlijk in, dat kan ze echt goed!
Ik kijk dan wat ze allemaal doet, soms ben ik wel eens een beetje jaloers op al die spelletjes die ze bedenkt, maar ik doe ook wel mee hoor… En trouwens, zelf kan ik ook heel goed voetballen! Onze vrouw zou het fijn vinden als wij eens wat samen zouden vrijen, soms liggen we wel naast elkaar op de bank ofzo.
Verder gaan we nog niet hoor!

 

Nu wil ik Saartje iets vragen. Jij bent de jongste thuis. Kun je iets vertellen over jouw achtergrond?

Dag Bertje, ja, nou ben ik aan de beurt! Ik ben echt de jongste hoor.
De dokter denkt dat ik op 1 december 2013 ben geboren, maar hij weet het niet precies, ik was nog nooit bij een dokter geweest voor ik op die boot kwam, daarvoor had ik het niet zo leuk, die mensen vonden mij ook niet leuk en hebben mij toen weg gedaan. Als kleine poes weet je het dan niet meer.

Misschien ben ik ook wel te vroeg bij mijn poezenmama weggehaald, dan leer je het niet van je moeder. Ik ben blij dat ik bij Arie en mijn nieuwe mensenmoeder woon, ik vind haar wel lief (en Arie soms), maar soms moet ik haar toch even bijten, ik weet dan gewoon niet wat ik doen moet, en daar schrik ik wel van, en dan geef ik vaak likjes daarna om het een beetje goed te maken… Maar ze is gelukkig nooit boos op mij hoor, ze begrijpt het wel.

 

Ja het is je verleden, je bent pas drie!! Ik weet dat je Arie een luie kater vindt. Dat ga ik even aan hem vragen. Arie, hoe zit dat?

Nou Bert, ik zie dat een beetje anders. Saartje is een echte straatmadelief,
dus gaat ze ook ’s nachts en ’s ochtends heel vroeg op het balkon zitten. Ik
lig dan gewoon op bed te slapen, zoals je dat doet in de nacht.
Verder heeft ze wel een klein beetje gelijk, dat ik een beetje lui ben, maar ik ben dan ook een heel stuk ouder, en een oudere jongen moet gewoon lekker slapen. Dat vind jij toch ook?

 

Zeker weten, Arie!! Mijn laatste vraag is voor Saartje. Vieren jullie je verjaardag en wat gebeurt er dan?

Bertje, Arie is echt op 28 mei jarig, en ik op 1 december ongeveer, eigenlijk doen we niet echt iets aan onze verjaardagen. We krijgen heel vaak cadeautjes, gewoon zomaar, omdat we lieve poezen zijn ofzo.
Dan komt er opeens een pakje met allerlei leuke speeltjes, vorige week nog, nou dat is dan wel heel gezellig hoor! En de doos is natuurlijk ook altijd leuk, daar zit ik dan vaak in.

Dankjulliewel voor dit gesprek, Arie en Saartje. Nou begrijp ik meer van hoe dat gaat samenwonen. Dat je jezelf moet zijn en dat het fijn is als je samen kunt voetballen.

 

Hele lekkere muizen om mee te spelen

Dit zijn ze. De muizen van de Stichting Poezensnuitjes. Er zit valeriaan in. Mijn vriend Jip is er gek op. Hij schreef op mijn Facebookpagina: “Nou Bert die muis heeft alle hoeken van  de kamer al gezien en oeps ik werd helemaal maf in mijn bolletje.”

Nou toen wilde ik meer weten!! Ik stuurde Jip een berichtje van hoe zit dat en hij stuurde deze foto terug en ook:

“Het muisje is kleiner maar doet niet onder om er  eens flink in te bijten en noem maar op. Nu weet jij ook dat niet iedere poes of kat hier gek op is, zo ook met de speeltjes met  catnip. Het hartje en zakje zijn ong. 10 bij 10 cm en mijn muisje 6 bij 7 cm. Het muisje ruikt wat minder sterk dan de andere 2,  maar toen vrouwtje het muisje uit het zakje haalde en mij liet zien, nou ik rook het verdraaide goed en ik wilde het meteen  hebben. Wel heel zielig hoor voor die muis want ik dacht eerst dat het een echte muis was en ik er heel hard in ging bijten en mijn nagels erin zetten en hopla daar ging muis door de kamer met mij er natuurlijk achteraan. Verdorie stel dat hij er vandoor zou gaan. Nou muis weet nu hoe onze kamer is hoor.”

“De muisjes komen zoals je inmiddels weet van Stichting Poezensnuitjes. Al de mensen zijn vrijwilligers. Nu maken die vrijwilligers  dus ook speeltjes voor de snuitjes en kunnen  mensen dingen van hen kopen zodat er geld komt om voor de snuitjes te kunnen zorgen.
Maar er moet ook veel geld komen via donaties en schenkingen en noem maar op.”

Het zijn dus:

  • lekkere muizen, om mee te spelen en om in te bijten
  • bijzondere muizen want er zit valeriaan in dus eerst word je wild en dan rustig
  • goede muizen want ze komen van een goed doel

Dit is de website van de Stichting Poezensnuitjes: klik en kijk

Als u denkt, ik ga daar muizen kopen, dan gaat u naar de webshop:  klik en kijk

Ze zitten ook op Facebook, maar dan moet u zelf ook op Facebook zitten: klik en kijk

JIp hartelijk bedankt voor de informatie!! Gaaf dat je het met ons allemaal deelt!!

Bertje

Zat er glas in zijn poot? Willempie vertelt alles!

Hier is Willempie, een jonge kater van anderhalf jaar oud.  Deze week moest hij met bloed aan een achterpoot naar de dierenarts. Aan mij vertelde hij alles!!

Willempie, allereerst beterschap. Het is heel wat voor een jonge kater om zoiets mee te maken. 

Nou Bert, dankjewel voor de goede wensen! Ik heb heel veel te vertellen.

Dan beginnen we bij het begin. Hoe is je thuis-situatie?

Ik woon bij een echte poezenmama. Zij heeft nog een jongen thuis wonen, hij is 14 jaar en mijn allerbeste vriend. Ik praat namelijk met hem. Dat doe ik niet tegen mijn vrouwtje of andere mensen. Ik hoor ook als eerste, wanneer hij thuis komt, ik hoor de fiets in de steeg.
Hij speelt elke dag met mij. Het liefste speel ik met een touwtje, zo eentje wat om de pakjes zit, die de postbode brengt. Ik mocht pas met 8 maanden oud buiten. Mijn vrouwtje was overbezorgd, bang dat ik weg liep. Ik bleef ook eerst in de tuin, die schutting was veel te hoog en mijn spieren waren nog niet getraind om zo hoog te klimmen. Ik viel de eerste keren ook steeds vanaf. De tuin is net niet groot genoeg om te rennen. Ik ga graag buiten om van de openbare toiletgelegenheid gebruik te maken. Maar ik heb na lang oefenen ook ontdekt, hoe ik beestjes kan vangen. Vogeltjes, muisjes, libelles, vlinders, als het maar beweegt.

Willempie, even concentreren. Dat verhaal gaat alle kanten op. Wat is er gebeurd dat je opeens bloed aan je achterpoot had?

Ik ging maar heel even buiten. Meestal doe ik dat omdat ik liever buiten een plasje doe, want daar kan ik beter graven. Ik sprong op de vensterbank bij het keukenraam, zodat mijn vrouwtje weet dat ik binnen wil. Ik zag haar schrikken, want op de vensterbank en mijn linker achterpootje was bloed. Mijn vrouwtje keek eerst, of ik nog goed kon lopen, dat kon ik gelukkig. Ik liep meteen de kamer in en overal achter mij voetafdrukken met bloed. Toen heeft vrouwtje mij opgetild en mijn pootje onder de kraan afgespoeld. Ze zei, dat ze dan beter kon zien, wat er aan de hand was. Ze zag wel een sneetje, maar ik wilde gewoon gaan slapen. Toen sprong ik op het bed van mijn beste vriendje en kwamen ineens heel veel druppels bloed. Toen deed vrouwtje de deur dicht om stiekem het reismandje op zolder te pakken en heeft ze de doktor gebeld.

Dat is verstandig. Voelde je dat er iets ging gebeuren?

Normaal ga ik zelf wel in dat reismandje, want het is net een bed, met een zachte handdoek erin. Maar nu voelde ik dat het niet leuk gaat worden. Vrouwtje moest mij in de houdgreep erin proppen. De doktor mocht ook niet kijken, zij moest een assistent erbij halen, die mij goed vasthield. Ze zag de handdoek en het pootje vol bloed, keek goed en ontdekte een grote snee bij een kussentje. Ze denkt, dat ik in iets heel scherps heb gestaan. Ze legde uit, dat ze die snee echt moet hechten en dat ik daarom een slaapmiddeltje krijg, zodat ik niets voel. Vrouwtje aaide mij tot ik sliep. Toen moest zij naar huis en ben ik een stukje dag kwijt. Vrouwtje mocht mij vijf uur later weer ophalen. De doktor vond mij niet zo aardig, ik deed blazen tegen haar. Maar toen ik mijn vrouwtje hoorde, werd ik rustig en mocht zij mij wel aaien. De doktor vertelde, dat ik zo erg bloedde, omdat er een bloedvaatje geraakt was. Ik kreeg een verband, omdat ik niet aan de hechtingen mag trekken. En ik heb ook antibiotica en pijnstillers mee.

 

En toen zat je in het verband. En stevig ook, zie ik. Hoe kom je nou bij de kraan als je water wilt drinken?

Mijn vrouwtje snapt niet hoe het komt, zij heeft het mij niet geleerd. Maar toen ik ineens groot en sterk genoeg was, sprong ik op het aanrecht en likte aan de kraan, want daar kwam een druppel water uit. Vrouwtje deed natuurlijk wel de kraan zachtjes open en tja, sindsdien drink ik echt niet meer uit mijn waterbakje. Ik spring elke dag zelf op het aanrecht en wacht net zo lang, tot dat er iemand komt en de kraan open zet. Maar ik moet toch bij de kraan, want ik was elke dag mijn voetjes in de gootsteen, dat vind ik fijn, al die prut van buiten eraf spoelen, hoef ik niet meer zelf te wassen. Wassen vind ik teveel werk, ik ben er altijd gauw klaar mee.

Willempie, ik kan merken dat je pas kitten-af bent, dit is nou niet echt een antwoord!! Maar het gaat wel ergens over. Wat zeggen ze thuis hoe het verder gaat?

Vrouwtje heeft al meerdere keren uitgelegd, dat ik de komende dagen niet naar buiten mag, omdat het verband niet nat mag worden. Dat verband mag van de doktor morgenavond af, maar dan mag de wond niet vies worden. En ik moet pilletjes slikken, twee keer per dag. Nou hebben ze die antibiotica gelukkig lekker gemaakt, het zijn gewoon snoepjes, dus die eet ik wel op. Maar die pijnstillers verbrijzelt vrouwtje en verstopt ze in mijn vlees. Ik ben niet gek!!! Maar ja, wat moet dat moet. Ik denk dat ik het wel opkrijg, als ik  honger heb.

Nu moet je ook je rust pakken, hoor. Serieus. Extra slapen zal je goed doen.

Nou slapen, dat doe ik wel graag. En verder speel ik dus het liefste met een touwtje, maar er ligt hier heel veel speelgoed. En mijn knuffels, ik heb twee schaapjes, een witte en een grijze, daar speel en slaap ik ook elke dag mee. En ik kijk graag hoe vogeltjes voorbij vliegen, dan zit ik op de vensterbank en ga ik ook met mijn gebit klapperen, zegt vrouwtje. Ik verbaas mij erover, dat er zoveel lekkere stukjes vlees zomaar door de lucht vliegen! Ongelofelijk!

Wat zeg ik nou net, Willempie!! Dat je moet slapen!!

Ik wens je heel erg veel beterschap. Dankjewel voor dit interview!! En als iemand iets liefs tegen Willempie wil zeggen: klik hier voor zijn Facebook

Matatabi-stokje voor de kat

Gisteren kreeg ik een stokje. Zult u zeggen dat is ook een cadeau van niks, maar dit was geen gewoon stokje. Het heette Puur Matatabi. Dat was dus het merk. Zo’n stokje was voor de ontspanning en het fijne gevoel.

Nou dat leek mij wel wat.

Ik rook aan het stokje en meteen wist ik dat er iets mee was. Alleen wat? Ik meer ruiken. Het deed me niet zo veel.

Toen probeerde ik met het stokje te rollen, nog meer dan op de film staat. Dat was heel even leuk. En toen gooide ik het in de lucht, zo tik met mijn voorpot en dat deed ik nog een paar keer.

Ik bedoel, aan mij lag het niet.

Want ik voelde niet dat gevoel dat ik voel als het leuk of spannend of fijn is. Dat je door wil en nergens anders meer aan kunt denken. Ik deed wel mijn best maar dat was:

  • omdat het nieuw was en ik had best belangstelling
  • die geur begreep ik niet
  • mijn vrouw deed zo blij over die stokjes dus dan blijf je als huiskater proberen

Het was bijna per ongeluk maar het stokje raakte kwijt. Ik zag het niet meer. Van de opluchting miauwde ik. En toen zei mijn vrouw: “Er zaten twee stokjes in het zakje, Bert.”  Ja hoor, had ik weer een stokje. Dat heb ik laten liggen.

Aan het einde van de dag waren we het erover eens, dat ik never nooit meer zo’n stokje hoefde. Doe mij maar groen spul.

Ik heb een talent (blog)

Kort geleden zei mijn vrouw opeens tegen me: “Bertje, wat kun je toch van alles genieten, dat is een talent, hoor.” Het was tijdens het aaien voordat we gaan slapen. Dan verwacht je zoiets niet. Maar het was wel waar.

Thuis ben ik degene die het meeste van alles geniet. Zij zit altijd aan de computer. Ik lig op de bank te slapen, of ik miauw dat ik aandacht wil. Dan gaan we samen iets doen. Spelen. Of aaien. Of bankhangen, net waar ik dan het meeste zin in heb.

Eigenlijk vind ik alles fijn.

Vooral het avond-aaien, dat doen we de laatste maanden.

Het gaat zo. Als het tijd is om te slapen, ga ik miauwen en rondlopen. Dan hoor ik altijd iets van “Jaja, nou nou.” Ik trek me er niks van aan, want ik weet wat er komt. Ze gaat al gauw bij de deur naar de slaapkamertrap staan. Ik erbij. Aaien en klein gesprekje. Dan is het hele fijne al begonnen. Ik ren keihard de trap op en halverwege stop ik om op haar te wachten en voor de complimenten: dat ik zo goed ben op de trap. Dan moet ik al spinnen.

Komt de overloop. Ik geef de boekenkast een paar kopjes en de doos die er staat ook. Mijn vrouw kijkt toe en zegt dat ik er steeds beter in word. Is ook zo. Dus als ik op de slaapkamer ben, geniet ik al zo van alles dat ik meteen ga liggen en rollen en spinnen. Meestal begint het aaien als ik lig en soms pas als ik op bed spring. Daar ligt een dekbed dat helemaal voor mij is. Het is mijn eigen plek.

Ik ben als eerste op het bed. En ik ga meteen liggen, klaar voor de actie. Wanneer mijn vrouw dan naast me gaat zitten, knijp ik mijn ogen dicht, steek mijn kop naar voren en begin hard te spinnen. Vooraf genieten omdat je weet wat er gaat komen, dat hoort er ook bij.

En dan het aaien zelf!! Over mijn lichaam, over mijn kop, achter mijn oren, man, man, het is zo heerlijk.

Daarna gaat ze slapen. Ik weer de trap af om daar in de vensterbank naar het verkeer te gaan kijken. Daar geniet ik ook van. Later ga ik weer terug naar boven, samen slapen is gezellig. In de ochtend worden we wakker, en dan krijg ik een kus.

Ik vind het fijn dat ik een talent heb. Maar ik hoop dat u kunt genieten van wat er is, ook al heeft u misschien geen talent zoals ik.

(Dit blog verschijnt evenals andere blogs bij de Vereniging Kattenzorg)