Loesje vertelt: over verkering hebben

verkering

Vorige week zei een lieve mevrouw op me Feesboek dat me Bert en ik van me eigen al best lang verkering hebben. Ik voelde mij hartje trillen van me geluk. Want best lang is best fijn en me jaar is nog maar net begonnen.

Misschien is het over ze tijdje nog wel langer. Ik vind verkering wel heel fijn en ik heb nu ook al best veel erfaring. Ik dacht nu ik al zolang verkering heb wil ik er best iets meer over vertellen van me eigen. Dat ik mij erfaring deel en dat U er van kan leere.

Vlinders

Assie verkering heb dan hebbie vlinders want dan ben U ook verliefd. U mag het best weete van me eigen, ik ben heel erg verliefd op me Bert. Hij heb iets in ze eigen waar ik gek op ben. En ik wist niks van verkering toen ik me Bert voor de eerste keer zag op me Feesboek. Maar het voelde als zacht en fijn en ik moest ook steeds denken aan me Bert. Ik dacht daarvoor alleen maar aan me tonijn maar daar heb ik geen verkering mee. Dus ik moest er wel mee leren omgaan in me kop. Assie verliefd ben hebbie daar niks meer over te zegge. Dan hebbie allemaal emoozie en je tonijn smaak ineens anders.

Verbinding

Van me eigen vind ik verkering wel me mooiste woord. Dan voel ik me Bert in me hart, ook assie niet op me Feesboek is. Dan hebbie verbinding. In U hart kan U voelen, dat iets fijn is en ook als het niet fijn is. Misschien heb U thuis ook wel verkering van U eigen.

En het kan met U man of met U vrouw zijn. Iedereen mag ze eigen liefde voelen. Daar heb niemand iets over te zegge. Ik ben een moderne poes, ik vin het belangrijk dat U geluk voel in U hart. Dat het echt is van ze eigen.

In U hart

Als het echt is kan me tonijn er niet tegenop. Dat heb ik wel gemerk met me Bert. Hij kom wel op me eerste plaats, dat is assie verkering heb.

En U hoef er niet voor saame te wonen. U kan ook verkering hebbe vanuit U eigen huis. Dan ben U niet saame, maar U voel het  toch. Soms gaat verkering ook over maar U liefde blijf toch in U hart. Dan ben U rijk want U hart heb verkering met U gevoel. Dat is ook belangrijk als U niet samen kan zijn.

En het is ook belangrijk om U geluk te voelen. Als poes weet ik nu dat als liefde ooit U hart heb geraakt, U hart het altijd zal weete van ze eigen. Dat heb me Bert me geleerd want hij heb me hart geraak toen ik me Bert voor de eerste keer zag. Hij is me groote liefde dat kan ik voele in me eigen hart.

Liefs van Loesje

Gisteren kreeg ik natuureten met kip

kip

Hoi allemaal dit was mijn avondeten van gisteren. Het stond toen nog op het aanrecht en ik was in de huiskamer aan het miauwen van: “Geef mij die kip, ik wil kip, geef het nou!”

Natuureten

Sinds vorige week krijg ik ander avondeten. Mijn vrouw zegt dat er veel natuur in zit en geen graan en geen suiker en dat het veel gezonder is.

Eerlijk, mij maakt het niks uit. Van eten zeg ik: als het maar lekker is. Dan eet ik. Of het op een oude krant ligt of op een antiek bordje, het kan me niks schelen. Lekker, daar gaat het om. En dat ik de rust heb om te eten, dus met pauze en een knuffel en een vriendelijk woordje, dan eet ik echt lekker.

Blikje

Gisteren liet ze een piepklein blikje zien. Dat was mijn hele avondeten.

Van Almo. Zei me niks. Ik ben zakjes gewend dat je hele bord lekker vol ligt en je eet en dan ga je uitbuiken.

Ik vond het zo weinig. Straks kreeg ik nog honger.

 

Geur

 Het rook wel superlekker. Echt dat je weet: dit is serieus eten. Daarom begon ik ook te miauwen toen ik het rook. Want ik wilde het eten.

Nou dat lukte heel goed.

Het ging in een sessie op, alles achter elkaar. En het was zo lekker dat ik heel snel wilde eten maar dat lukte niet omdat het best stevig spul is.

Ik vond het superduperlekker.

En daarna ging ik bankhangen en ik kreeg knuffels. Ik smakte een beetje na. Lekker hoor, natuureten.

En weet u wat nou het gekke was. Ik had die hele avond geen honger meer en ook geen trek. Dus van dat kleine blikje zat ik bomvol. Dat had ik eerlijk waar niet gedacht.

Oja, het blikje komt van de betere dierenwinkel. Ze hebben ook tonijn en nog meer natuurspul. Ik hoop dat ik het allemaal krijg.

Katrientje over: in het trappenhuis lopen

trappenHallo, daar is ikjes weer.  Vandaag ga ik het over het trappenhuis hebben.  Ik mag van kleins af aan in het trappenhuis komen. Althans… zolang de buitendeur beneden dicht is.

Ik mog altijd zelf lopen, zolang ik maar op dezelfde verdiepje bleef waar ik woon. Maar dat verpestte ikzelf door naar zolder te racen. Drie verdiepingen omhoog dus.
Manpersoneel kwam dan achter me aangerend en ging boos tekeer tegen mij. Ooooh zo niet leuk. Als hij mij dan optilde, toen ik op zolder was, zat ik heel vrolijk met hem te praten. Mekmek hier, mjahmjah daar. En spinnen dat ik deed. En om het af te maken gaf ik het ene kopje na het andere.
Nam niet weg dat ze steeds zeiden dat ik een klein snertkatje was.

Twee opsies

Dus had ik twee opsies. Of nooit meer op mijn geliefde trap, of op de arm van vrouw. NOU JA!!! Hoe moet je hier nou uit kiezen?
Opsie één auwt of ze kwestjon. Noo wee. Dus dan maar opsie twee, maar wel onder protest.

Lopen

Toen zus Catoo nog bij ons was hoefde zij niet te kiezen. Zij zou trouwens nooit opsie twee hebben gekozen. Zij was dan enorm bang. Dus zij mocht wel in het trappenhuis lopen. Zij liep nooit weg. Zij was het braafste meisje van het nest. Tot ze een keer, ongezien, langs de benen van een personeel glipte en een half uur in het trappenhuis zat.
Kreeg ze alleen stout voor te horen hoor. Sjohey… dan zat Catoo te mekkeren dat ze nooit stout was. Ik zei toen: ooooh wat kan jij liegen. Jij bent lief stout en ze pikken alles van je.
Ikjes ben stout stout en krijg te horen dat ik een snertkat ben.

Naar boven

Maar goed… ook ik ben een paar keer langs hun pootjes naar boven geglipt. En dan hoor ik Katrientje, kom naar beneden.
En dan zeg ik nee.
Wel potverdorie, kom naar beneden!!
NEE, ben je doof!!
Nou… dan moet je ze zien hoor. Dan rennen ze omhoog en zeggen ze en nu naar beneden. Nou…als ik geen rode billies wil hebben dan doe ik maar wat ze willen. Wat een zeurpietjes zeg!! Guttegut.
Soms denk ik echt of ze me in huis hebben gehaald om tegen mij te kunnen mopperen.
Maar goed….ik mag op de trap, maar alleen op het armpie. Dan kijk ik ergens naar en vrouw loopt er naar toe zodat ik het beter kan zien of ruiken. Ik mag dan op de arm blijven zolang als man bezig is met mijn bak.

Nou, dit was het weer voor deze week.
Veel liefs en een kusje

Katrien (eksper in trappenklimmen)

Met je tong slingeren ik kan het

Vroeger stak ik nooit mijn tong uit. Zelfs niet voor de foto. En nou kan ik het opeens heel ver en heel goed, dat mijn tong gewoon slingert. Wat is er gebeurd?

Wennen

Voor iederen kat is het weer anders om uit het asiel te komen in een huis. De een voelt zich meteen goed. Ik moest heel erg wennen en ik voelde dus ook spanningen die gingen eruit door heel veel te spelen, vooral lintje onder de lap. Daarna kon ik slapen. De eerste tijd was echt een tijd om mijn basis hier te vinden. Dat ik me thuis kon voelen.

Rieleksen

Toen ik ontdekte dat ik hier kon rieleksen, voelde ik me super. Dat ik op een eigen kussen van Xenos gewoon de hele dag kon hangen en niksen, ik vond het heerlijk. En ik had een eigen deken. En een eigen doos, en een eigen ligbankje en tapijtje en boven een eigen dekbed en weet ik wat allemaal. Dan voel je in je  ex-asielkaterhart dat dit ook jouw huis is, echt eerlijk waar.

Begin

Volgens mij is het in die tijd begonnen. Dat ik af en toe zo ontspannen was dat ik mijn tong niet meer terug deed helemaal. Mijn vrouw maakte dan een foto, ja, toen begon het al.

Maar verder gebeurde er niks. Tong. Foto. Tong. Foto.

Slinger

Ik snap ook niet waarom mijn tong nou zo vaak helemaal ver slingert. Het is een lekker gevoel dat je los en ontspannen en oer bent. Maar die tong moet wel terug dus daar moet ik op letten.

Gisteren heb ik een verhalenwedstrijd  Tong Uit Je Bek op Feesboek gehouden. Nou ik wist niet wat ik zag, wat kan dat op verschillende manieren. Ook dat je je tong scheef naar buiten doet in een krul, hoe het kan snap ik niet.

Dus daar ga ik nou op oefenen dan kan ik een kunstje!!

kater Bolle over: binnenstebuiten

buitenNu het feest van het jaar voorbij is, met al dat knallen, mag ik gewoon weer naar buiten. De ochtend na dat feest heb ik lekker op mijn terras gezeten en over mijn land uitgekeken.

En ik ben blij dat ik weer kan patroejeren in mijn tuin.
Ik ben een echte buitenkat. Maar de andere katten van de blog zijn binnenkatten.
Toen dacht ik ineens hoe zit dat nou precies, met binnen of buiten. En waarom zit dat zo.

Roepen

Ik mag zelf altijd naar buiten. Ik heb daar ook mijn eigen deurtje voor.  Mijn mensen hebben mij nog nooit verboden naar buiten te gaan.
Met het feest van dat geknal blijf ik uit mezelf al binnen. Ik blijf eigenlijk ook altijd in mijn tuin. Of vlakbij, op het dak van het schuurtje.
En als mijn mensen me roepen, dan kom ik.
Het heeft wel even geduurd voordat ik snapte wat ze bedoelden. Dan hoorde ik mijn vrouw roepen of fluiten, en dan dacht ik “wat is er allemaal aan de hand?” Maar na een tijdje had ik door dat ze dan graag wilden dat ik naar ze toe kwam. Dus dat doe ik nu. Meestal.

Buiten

Ik ben geen kat die veel op avontuur gaat, dat vind ik veels te eng. En ik heb al genoeg avonturen beleefd toen ik nog buiten woonde.
Maar mijn mensen hebben gehoord dat als ik binnen moet blijven, ik de hele boel kapot maak. Dat ik dan een sloper word. Omdat ik bang ben dat ik gevangen word. En dat er iets gaat gebeuren. Iets engs, en iets met pijn.
Gelukkig dus maar dat ik bij mijn mensen altijd naar buiten mag!

Binnen

Popje en Molletje en GroteBeer, die nu prachtige sterren zijn, mochten ook bijna altijd naar buiten. Maar soms niet. Met storm, of met dat feest van dat het een jaar is, of als ze naar de dierendokter moesten en niks mochten eten, dan moesten ze binnen blijven.
Mijn mensen zeggen dat dat altijd een drama was.

Deurtje

Mol legde zich er wel bij neer. Maar ze was boos, en wilde geen knuffels van mijn mensen.
GroteBeer heeft een keer stilletjes het luikje open gepeuterd en was ineens verdwenen. Hij ging altijd overal krabbelen om een gaatje te vinden om toch naar buiten te kunnen.
Als ze ’s nachts binnen moesten blijven kon niemand slapen. Want Pop en Beer gingen de hele tijd mauwen en over het bed (en mijn mensen) heen lopen. En aan het deurtje krabbelen. En tegen het deurtje aantrappen. En aan de ramen peuteren. En aan mijn mensen peuteren.

Popje

En Popje, die arme Popje, die werd ZO vreselijk bang.
Popje was heel lief en knuffelig. Hij sliep met zijn voorpootjes om de nek van mijn vrouw heen, of bovenop mijn man. En het was een heel vrolijk ventje, zegt mijn vrouw.

Als hij maar gewoon naar buiten mocht. Dan kwam hij om het half uur even naar binnen om een knuffel te halen, en ging dan weer naar de tuin in.
Maar als hij binnen moest blijven, werd hij echt superSUPERbang. Hij kwijlde zich dan helemaal onder, liep met zijn tongetje naar buiten heel hard te hijgen en ging zich in hele kleine hoekjes verstoppen.
Hij was niet meer te bereiken, voor niemand. Hij was alleen maar één grote klomp angst.
Pop bleef de hele tijd dat hij binnen moest blijven zo bang. Dat was echt heel erg verdrietig, zeggen mijn mensen. Ze moesten er altijd stilletjes van huilen. En nu nog steeds, als ze er aan denken. Want dat wil je natuurlijk niet, dat iemand zo bang is!

Zelfs de dierendokter zei dat het niet goed was om Pop binnen te houden, als hij zo angstig was.
Met dat geknal moest het wel. Maar als hij ziekjes was, of pijn had, niet. En hij had best wel eens pijn, omdat hij niet zo handig was. En dus viel, of bleef haken aan iets. Mijn mensen noemden hem altijd een brokkenpiloot. Terwijl hij volgens mij helemaal geen vliegtuig had!

Straat

O ja, en ik snap best dat het ook belangrijk is waar je naar buiten gaat.
Ik kan hier de tuinen niet uit, dus ik kan gelukkig niet de straat op ofzo. Want dat is gevaarlijk, dat weet ik wel heel zeker.

Eigen verhaal

Ik denk dus dat het zó zit: voor veel katten is het binnen veilig, maar je hebt ook katten die zich alleen veilig voelen als ze naar buiten mogen. Sommige katten willen niet eens naar buiten, en andere katten niet naar binnen. Het komt denk ik door wat je gewend bent, als kat. Door wat je hebt meegemaakt in je leven.
En dat is voor elke kat weer anders.
Elke kat heeft een eigen verhaal.
En mijn verhaal is dat ik naar buiten wil. Maar niet als het regent!